nieuws

‘Fusie SAC en SVV verderweg dan ooit’

Archief

De Stichting Assurantie Cursussen (SAC) gaat zelf cursusmateriaal ontwikkelen. Daarnaast staat MBO (dag)onderwijs op stapel. Na de mislukte fusie vorig jaar tussen de opleidingsinstituten kiest SAC voor een eigen weg. Jan de Jong, sinds 1994 directeur van SAC, is te spreken over al deze nieuwe ontwikkelingen.

door Manon Vonk
De werkkamer van Jan de Jong, boven een winkelcentrum in Zeist, straalt een serene rust uit. Dit is uiterlijke schijn. Het opleidingsinstituut timmert fors aan de weg in opleidingsland. Betrekt het nu nog het cursusmateriaal van de Stichting Vakontwikkeling Verzekeringsbedrijf (SVV), vanaf het nieuwe cursusjaar dat begint in september, gaat SAC samenwerken met de Leidse Onderwijs Instellingen (LOI).
Samenwerking
LOI heeft al jaren de schriftelijke cursussen Assurantie A en B in haar pakket. Dit lesmateriaal komt ter beschikking van SAC. SAC kan dit lesmateriaal geheel naar eigen inzicht veranderen. Dit zal moeten, want SAC richt zich op mondeling onderwijs, daar waar LOI schriftelijk onderwijs verzorgt. De Leidse onderwijsorganisatie kan vervolgens besluiten deze wijzigingen in haar eigen syllabi aan te brengen.
Wordt deze ontwikkeling mede ingegeven doordat u ontevreden bent over de kwaliteit van de SVV-syllabi?
“Ja dat klopt. De SVV is zelf erg te spreken over haar eigen kwaliteit. Op die kwaliteit kunnen wij nauwelijks invloed uitoefenen. De basisopleiding in verzekeringen is de B-cursus. Ongeveer 95% van de markt studeert aan de hand van de SVV-syllabi. We kennen de geslaagdenpercentages en daar meet ik kwaliteit aan af. Het geslaagdenpercentage van cursisten die de B-cursus bij SAC volgen, ligt op 40%. Dit is het dubbele ten opzichte van het landelijk gemiddelde.”
De syllabus voor de B-cursus is ontwikkeld in 1952 toen de Wet Assurantiebemiddeling, de voorloper van de huidige Wabb, van de grond kwam. “Men is bij de studeermethodes uit die tijd blijven steken. Alles maar uit je hoofd leren. Het is gewoon vreselijk.”
MBO-opleiding
Naast de cursussen Assurantie A en B begint SAC in het nieuwe cursusjaar met een MBO-opleiding in het avondonderwijs. Ook dit is in samenwerking met de LOI. Dit instituut heeft de cursussen Commercieel administratief medewerker, Commercieel medewerker Verzekeringen en Commercieel medewerker Banken in haar programma, alle op MBO-niveau. Met het avondonderwijs richt SAC zich op mensen die al werkzaam zijn in de branche en voor wie de werkplek meteen als stageplaats zou kunnen gelden. De door LOI ontwikkelde cursussen leiden op tot een erkend MBO-diploma. LOI is voor deze opleidingen examenbevoegd.
“De examens leveren deelcertificaten op en als alle deelcertificaten behaald worden heeft de cursist een MBO-diploma op zak.”
Als het avondonderwijs voor deze MBO-opleiding goed aanslaat, overweegt De Jong om deze opleiding ook in het dagonderwijs te gaan geven. Hij richt zich met de dagopleiding vooral op mensen die anders een meao-opleiding zouden volgen. Voor de leerlingen in het dagonderwijs hoopt De Jong studiefinanciering bij het ministerie van Onderwijs los te krijgen. “Ik kan hier optimaal profiteren van de samenwerking met de LOI. Zij hebben de kennis en expertise in huis om al deze paden te bewandelen.” De Jong hoopt, gezien de personeelsproblematiek in de branche, genoeg werkgevers te vinden die hun medewerkers of toekomstige medewerkers zo’n opleiding aanbieden. Op die manier denkt hij voldoende stageplaatsen, die moeten uitmonden in werkplekken, te kunnen vinden.
Groei
SAC, in 1966 begonnen als opleidingsinstituut voor de Utrechtse en Gooische assurantieclubs, heeft de afgelopen jaren een sterke groei doorgemaakt. Toen Jan de Jong in 1983 voorzitter werd van de SAC, telde het instituut 220 cursisten. In 1989 waren dat er 550 en in hetzelfde jaar werd de eerste medewerker aangesteld, Anno Bousema. In 1990 ging SAC inwonen bij SVV en telde het instituut 1.440 cursisten. In 1991 werd een tweede medewerker aangesteld. Aan De Jong werd in 1994 gevraagd of hij Anno Bousema als directeur van de SAC wilde opvolgen. “Ik wilde wel wat anders en heb daar ja tegen gezegd.”
Inmiddels heeft het opleidingsinstituut 5.600 ingeschreven cursisten en werken er negentien medewerkers bij SAC. De op stapel staande ontwikkelingen zullen er voor zorgen dat SAC de komende jaren een flinke groei zal doormaken. Over het aantal docenten dat SAC nodig zal hebben om al deze nieuwe initiatieven tot een goed einde te brengen, maakt De Jong zich geen zorgen. “Voor de assurantievakken heb ik voldoende gekwalificeerde docenten en ik hoor van hen dat collega’s werkzaam in het meao-onderwijs veel belangstelling hebben om bij SAC docent te worden.”
Certificering
Door de snelle groei die het opleidingsinstituut doormaakte, was structurering van de processen noodzakelijk. “Door de snelle groei hadden we last van groeistuipen. Procedures die tot die tijd informeel gehanteerd werden, moesten op papier gezet worden. En als we dat nou toch moesten doen, waarom dan niet volgens een bepaalde standaard? Een procedure voor ISO-certificatie dwingt je om alle processen duidelijk in kaart te brengen. We zijn begonnen met de ISO-9002 standaard, dit is een standaard die de uitvoering in kaart brengt. We hebben de procedures volgens de ISO-normen op papier gezet.”
“Vorig jaar zijn we begonnen met ons blad ‘SAC.NU’. Op dat moment ben je niet meer uitvoerend bezig, maar ben je aan het ontwikkelen. Hierbij hoort een ISO-9001 norm. Toen zijn we doorgegaan om hiervoor de procedures op papier te zetten. Dat past uiteindelijk in de gedachte dat we de mogelijkheid willen hebben om eigen lesmateriaal te ontwikkelen en dat we niet afhankelijk zijn van anderen.”
Is dit alles een gevolg van het niet doorgaan van de fusie met de nieuwe SVV?
“Het één is elke keer een vervolg op het ander. Zo schrijft de SVV bedrijven aan met de zinsnede ‘doe zaken met de SVV, want wij maken gebruik van eigen lesmateriaal’. Het is erg logisch dat SAC daarop reageert met eigen lesmateriaal.”
Eerste fusiebesprekingen
De eerste fusiebesprekingen dateren van eind 1991. “In november 1991 zei ik tegen Anno Bousema dat op 1 januari 1992 de fusie tussen SAC en SVV een feit zou zijn. Toen was het nog heel gemakkelijk te realiseren geweest. Er was vrijwel geen personeel, alles was kleinschaliger.”
Waarom is die fusie afgeketst?
Het blijft even stil en De Jong zoekt naar woorden. “Het is met name afgeketst doordat de SVV zich op dat moment autoritair opstelde. Er viel over een aantal zaken niet te praten, bijvoorbeeld over wat er met ons personeel ging gebeuren. De SVV-voorzitter gaf aan, dat door het stellen van die vraag er kennelijk geen vertrouwen bestond en dat de fusie maar niet door moest gaan.”
Concurrent
“Er ontstonden in die tijd – begin jaren negentig – spanningen tussen SVV en de opleidingsstichtingen. SVV richtte zich namelijk steeds meer op mondeling assurantie-onderwijs en kwam daarmee op het terrein van de stichtingen en werd dus een concurrent. Beloftes werden in onze ogen niet nagekomen. Wij zochten contact met bedrijven voor ‘in-company’ onderwijs, maar ook SVV zocht contact met diezelfde bedrijven. Wij vonden dat niet eerlijk. SVV kan het lesmateriaal goedkoop van de plank halen, terwijl wij het duur moeten inkopen. Wij wilden maatwerk leveren door onderdelen uit cursussen opnieuw te ordenen. SVV vond dit niet goed. Terwijl bij ons de indruk bestond dat zij het voor hun eigen ‘in-company’ activiteiten wel deden. Al met al liepen de spanningen hoog op en een manier om die spanningen weg te nemen, is om te fuseren.”
Nieuwe besprekingen
“In januari 1997 volgde een allereerste gesprek tussen SVV en SAC in de trant van: zullen we niet eens praten over betere vormen van samenwerking? Snel daarna ontstond de gedachte dat als we toch gaan praten, we daar iedereen bij moeten betrekken.” De Jong vraagt zich af of dat een verstandige beslissing is geweest.
In essentie is het verschil van inzicht tussen SVV en SAC tot op één punt terug te brengen: namelijk wie of wat is de markt en wie heeft de zeggenschap. “Voor de SVV bestond de markt uit het Verbond van Verzekeraars, NVA en Nbva; zij hadden de meerderheid in het bestuur van de SVV. Als ik sprak over de markt bedoelde ik de cursist.”
“Tijdens de fusiebesprekingen kwam ook plotseling uit de lucht vallen dat er een intentieverklaring ondertekend moest worden. SAC wilde dat niet omdat er nog een aantal zaken speelden waarover eerst duidelijkheid moest zijn. Bijvoorbeeld over het personeel, maar ook over de financiën. Wat brengt iedereen in en wat betekent dat? Er zitten mogelijk een aantal lijken in de kast en één van die lijken zat bij SAC. Van het vermogen van SAC zou op grond van statutaire bepalingen bij toetreding tot de nieuwe organisatie f 250.000 toevallen aan de oorspronkelijke leden van SAC, namelijk de Utrechtse en Gooische Assurantieclub. Het vooraf hierover spreken was niet mogelijk.”
Notitie
“Na het afketsen van de fusie met de nieuwe SVV in december 1997 is er door de directeuren van de bij de SVV aangesloten organisaties een notitie voor het voorzittersoverleg geschreven. Daarin stond dat nu SAC niet meer meedeed met de fusie, zij graag met directe ingang landelijk wilden gaan werken en dus ook binnen het werkgebied van SAC. Vóór die tijd werden de grenzen altijd gerespecteerd.”
“Op basis van die notitie nam de SVV het besluit om na de reorganisatie landelijk te gaan werken en dus ook in het werkgebied van SAC.” Jan de Jong, die in het bezit was van de notitie, stapte naar zijn bestuur. Dat bestuur besloot ‘landelijk te gaan’ en zette in de vakpers een advertentie. Deze advertentie lag vervolgens in mei 1998 ter discussie tijdens de jaarvergadering van de Federatie van Assurantieclubs in het Kurhaus in Scheveningen.
“Daar was de uitleg dat SAC de oorlog had verklaard aan de andere clubs. Toen SAC daar vertelde dat de SVV al eerder plannen had om landelijk te gaan werken, werd dat tijdens de jaarvergadering keihard ontkend.”
U zegt dat u aan de ene kant een warm voorstander bent van één opleidingsinstituut, aan de andere kant onderneemt u acties die de fusie verderweg dan ooit brengen. Hoe moet ik dat rijmen?
“Kijk, wij zijn wel voorstander van één opleidingsinstituut, mits wij daar een zekere inbreng in hebben. En op dit moment wijzen alle ontwikkelingen er op dat wij die eigen inbreng niet hebben en niet krijgen. Dan moet je de feiten voor zich laten spreken: wij laten ons niet als een schaap slachten. Als vervolgens de SVV dan de publiciteit zoekt met ‘wij hebben ons eigen lesmateriaal’ dwing je SAC om actie te ondernemen.”
Jan Taeke de Jong (59) begon in 1958 als jongste bediende bij de Nederlandsche Varia Verzekering Maatschappij in Groningen. In 1963 begon zijn loopbaan bij Amev. Daar vervulde hij diverse functies. Eerst als polisopmaker varia-verzekeringen, vervolgens groepsleider motorrijtuigenverzekeringen. Hij stapte over naar de sector Brand, waar hij uiteindelijk hoofd van werd. Onderwijs had altijd al zijn warme belangstelling, getuige zijn jaren als docent in de achterkamers van café’s. In 1983 werd hij voorzitter van SAC, naast zijn functie bij Amev. In 1987 werd hij bij Amev hoofd van de afdeling Volmacht. In 1994 stapte hij op daar op om directeur te worden bij SAC.
Jan de Jong: “Wij laten ons niet als een schaap afslachten.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.