nieuws

Fiscus ziet bijdragen intermediair aan Vie d’Or-slachtoffers als

Archief

winstdeling

De fiscus heeft rekening gehouden met mogelijke bijdragen van tussenpersonen om de waardevermindering te compenseren van Vie d’Or-polissen, die onder hun bemiddeling tot stand zijn gekomen.
Eventuele bijdragen van betrokken tussenpersonen aan ex-polishouders van Vie d’Or ter verhoging van hun verzekerde bedragen in de polis van Twenteleven, zullen volgens de staatssecretaris van financiën fiscaal worden aangemerkt als winstdelingen. Daardoor zullen deze geen afbreuk doen aan eerbiedigende werking of aan andere fiscale faciliteiten die alleen gelden bij het achterwege laten van verhogingen van het verzekerd bedrag.
Deze regeling is vermeld in een richtlijn van de staatssecretaris aan de belastingdienst voor de fiscale behandeling van de vervangende polissen van Twenteleven.
Volgens directeur drs. W. Moes van Twenteleven is bovengenoemde fiscale regeling voor bijdragen van tussenpersonen al in een vroeg stadium tot stand gekomen op verzoek van individuele tussenpersonen aan de Verzekeringskamer. Twenteleven heeft volgens hem overigens nog geen bijdragen van tussenpersonen ontvangen. Wèl heeft de maatschappij telefonisch contact gehad met twee bemiddelaars die bekijken wat ze kunnen doen.
Fiscale richtlijn
Hieronder volgt een samenvatting van de fiscale richtlijn van de staatssecretaris.
Als de achterstallige premies uiterlijk worden voldaan op 31 oktober 1994, zullen ze voor de fiscus op tijd betaald zijn, deelt hij de belastingdienst mee. Als de premiebetaling tot een fiscale aftrekpost leidt, geldt het volgende. Als bij de premiebetaling de aangifte voor het jaar 1993 reeds is gedaan, kan een aanvullende aangifte worden ingediend. Als de polishouder op het moment van de premiebetaling al een aanslag over 1993 heeft ontvangen, kan hij een verzoek indienen tot vermindering van de aanslag.
De collectieve overdracht van de polissen aan Twenteleven heeft voor de polishouders geen fiscale gevolgen. De fiscus zal op de verlaging van het verzekerde bedragen en op de vereiste aanpassingen van de voorwaarden in verband met de overdracht geen actie nemen. De fiscus zal de nieuwe verzekeringen beschouwen als voortzetting van de oorspronkelijke verzekeringen. Als op een polis het oude belastingregime vóór de Brede Herwaardering van toepassing was, blijft dit van toepassing op de nieuwe verzekering.
Eventuele latere verhogingen van het verzekerd bedrag die voortvloeien uit eventuele nakomende baten voor polishouders (aansprakelijkheidsclaims, bijdragen van tussenpersonen) zullen door de fiscus, voor het behoud van de fiscale faciliteiten, niet worden aangemerkt als verhogingen maar als winstdelingen. Bij pensioenpolissen zullen deze verhogingen wel in aanmerking worden genomen voor toekomstige pensioenpremieaftrek en voor de mate van pensioenopbouw.
Kapitaalverzekeringen
Voor kapitaalverzekeringen is de premiebandbreedte groot genoeg om door middel van een of meer verhoogde jaarpremies het verlaagde verzekerde bedrag op het oude niveau terug te brengen, aldus de staatssecretaris. Ter eenvoudiging van deze compensatie keurt de staatssecretaris goed dat bij betaling van dergelijke premies vóór 1 november 1994, de fiscus desgewenst doet alsof de betaling is gedaan op de datum van overdracht van de polissen aan Twenteleven. Voor kapitaalverzekeringen die tot stand zijn gekomen vóór 1 januari 1992, de ingangsdatum van de Brede Herwaardering, geldt: mocht voor de bewuste verhogingen van het verzekerd bedrag de eerbiedigende werking van de Brede Herwaardering niet gelden, keurt de staatssecretaris goed dat twee hogere jaarpremies binnen de premiebandbreedte de eerbiedigende werking zullen genieten.
Lijfrenteverzekeringen
Voor overgedragen lijfrenteverzekeringen die de eerbiedigende werking van de Brede Herwaardering genieten, kunnen vóór 1 november 1994 extra premiestortingen worden gedaan om het verzekerde bedrag op peil te houden. Die premies zullen de eerbiedigende werking genieten. De extra premiebetalingen zijn beperkt tot het bepaalde in de oorspronkelijke polisvoorwaarden en zijn onderworpen aan de wettelijke maxima van premieaftrek.
Voor de lijfrenteverzekeringen na 1 januari 1992 gelden voor de fiscale aftrek van extra premiestortingen de tranches van de Brede Herwaardering.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.