nieuws

Er zijn nog veel te weinig direct-writers

Archief

door Bart Mos

Een eigenzinnige directeur van een minstens zo eigenzinnige verzekeringsmaatschappij. Bestuursvoorzitter drs B.J.J.M. Huesmann, ruim twintig jaar actief bij Ohra, heeft weinig last van koudwatervrees, terwijl dat toch een fobie is waarmee de meeste verzekeraars geboren lijken te zijn. Z’n kritiek op de autoriteiten is vaak ongezouten en fel als deze het terrein van de vrije ondernemer waagt te betreden. “De overheid is almachtig in haar domheid”.
De Arnhemse direct-writer, met een omzet van ruim f 1,3 miljard en 760 medewerkers, is momenteel hard bezig uit haar huidige behuizing te groeien. Ohra-werknemers die in naburige kantoorpanden en cabines op de parkeerplaats hun werkplek vinden, wachten dan ook met smart op de start van de bouw van het nieuwe imposante hoofdkantoor. Dit toekomstige Ohra-gebouw, voorzien van een hoge spitse kantoortoren, was overigens bijna niet in Arnhem verrezen, wegens een eindeloze reeks van aanvaringen met de plaatselijke welstandscommissie die het pand blijkbaar niet mooi genoeg vond.
Huesmann: “Op een bepaald moment werd ons zelfs voorgesteld dat we onze architect maar moesten ontslaan, om zo van al het gezeur af te zijn. Het idee! Terwijl die man juist aan àl onze wensen tegemoet kwam. Wij hebben vervolgens gesteld dat ze maar beter die hele welstandscommissie op konden laten stappen.”
“Uiteindelijk zat de Arnhemse wethouder van stadsontwikkeling hier bij ons aan tafel, omdat hij persoonlijk nog wat laatste aanpassingen op het ontwerp wilde maken. Toen heb ik gezegd dat als dát zou gebeuren, Ohra definitief uit Arnhem zou vertrekken. Dat hielp blijkbaar. De bouw begint nog deze zomer en medio 1997 wordt het pand opgeleverd”.
Weinig achting
Als hij over de recente publiciteit rond het vermeende misbruik van AWBZ-declaraties praat, laat Huesmann opnieuw duidelijk blijken dat hij weinig achting heeft voor het openbaar gezag.
“Typisch overheidsbeleid”, noemt hij snerend de manier waarop er is omgesprongen met het rapport van voormalig KLOZ-directeur dr Scheerens. “Er komt een rapport uit, waar ík alleen maar een aantal suggesties in heb kunnen vinden, en vervolgens roept de overheid dat het allemaal verschrikkelijk is wat die ziektekostenverzekeraars doen. Hierdoor worden de verzekeraars veroordeeld, nog vóórdat er enig bewijs op tafel ligt. Volgens mij kun je dat soort beschuldigingen pas uiten als de zaak tot op de bodem is uitgezocht. Het doet me denken aan de tijd van staatssecretaris Simons, toen de medicijnen in de AWBZ gingen en er vervolgens schande van werd gesproken dat we onze tarieven niet genoeg verlaagden. Zo gaat het voortdurend. De verzekeraars hebben het gewoon altijd gedaan.”
“Scheerens schetst in zijn rapport een aantal mogelijkheden waarop verzekeraars met de AWBZ om zouden kunnen gaan. De door hem geschetste mogelijkheden zijn ook niet zo vreemd, aangezien de overheid aan de ene kant van ons verwacht dat we overgaan op marktwerking, hetgeen moet leiden tot lagere kosten. Maar aan de andere kant verzuimen ze om de regels te scheppen die het mogelijk maken om ook werkelijk met marktwerking te werken. Dan gaan er dus dingen fout. Zo mag je dus als ziektekostenverzekeraar wél geld besparen door het maken van afspraken of door efficiënter te werken, maar dan moet je die besparing vervolgens aan de AWBZ afgeven. Op die manier krijg je als verzekeraar dus geen enkele beloning voor je inspanningen.”
Huesmann zegt dat alle kortingen die Ohra op de aanschaf van hulpmiddelen heeft bedongen, zijn doorberekend aan de AWBZ. “Wij dachten dat de regel ook zo bedoeld was. Ik kan me echter voorstellen dat er verzekeraars zijn die dergelijke kortingen hebben doorberekend aan hun eigen verzekerden. Zij hebben de regels gewoon anders geïnterpreteerd dan Ohra en dat vind ik overigens helemaal niet onredelijk. Trouwens, ik begrijp dat hele gezeur over kunst- en hulpmiddelen niet goed. Als het nou over de ziekenhuisinkoop zou gaan, daar loopt het echt in de papieren. Zodra er daar, zeg tien procent korting bedongen zou kunnen worden, dan spreek je pas over interessante bedragen. Daarmee zouden we miljarden kunnen besparen.”
De verplichting van een eigen risico van f 200 voor ziektekostenverzekerden noemt Huesmann overbodig en ondoordacht. “De overheid is hier weer eens almachtig in haar domheid. De kosten van de gezondheidszorg gaan er niet mee naar beneden, aangezien niemand zal zeggen dat hij geen medische zorg zal afnemen omdat daar een eigen risico tegenover staat. Zo’n eigen risico beperkt de consumptie dus niet. Het verschuift alleen maar lasten van de overheid in de richting van de bevolking, met vervelende gevolgen voor de laagst betaalden.”
Niet agressief
Waarom is Ohra eigenlijk niet zo tevreden met het functioneren van het Verbond van Verzekeraars als het gaat om de belangen van de direct-writers?
“Kijk, dat de tussenpersonenorganisaties tegen Ohra zijn, of geen grote vrienden van ons zijn, dat kan ik me nog voorstellen; hoewel we eigenlijk helemaal niet zo’n agressieve maatschappij zijn. Maar het Verbond vind ik een algemene organisatie van verzekeraars, die los zou moeten staan van de distributievorm. Nou is het eenmaal zo, dat het merendeel van de leden van het Verbond met tussenpersonen werkt. We hebben hierover in het verleden goede afspraken gemaakt, maar je ziet toch telkens een neiging naar het voor de hand liggende. Als vanzelfsprekend wordt er geredeneerd vanuit de aanwezigheid van tussenpersonen. Dat vinden wij niet helemaal evenwichtig.”
“Zo worden bijvoorbeeld bij diverse algemene acties de tussenpersonen ingeschakeld. Wij hebben onder andere met het Verbond afgesproken dat in de jaarlijkse pensioencampagne verwezen zou worden naar verzekeringsmaatschappijen en tussenpersonen. Ik dacht dat die afspraak voor altijd was. Nu zien we in de laatste pensioencampagne dat er verwezen wordt naar tussenpersonen en het Verbond. Wij vinden dat dat niet is zoals het hoort. Het evenwicht is zoek.” Op de vraag of Ohra ooit heeft overwogen om dan maar het lidmaatschap van het Verbond op te zeggen, antwoordt Huesmann: “Niet echt”.
Huesmann wil echter wel gezegd hebben, dat hij over het algemeen best tevreden is over het functioneren van het Verbond. “Ze doen een heleboel goede zaken die bevorderlijk zijn voor de branche in z’n geheel. Veel daarvan zijn niet direct zichtbaar. Het enige probleem van zulke overkoepelende organisatie is – of die nou behoort tot het schoenmakersgilde of tot de verzekeringsbranche – dat ze op den duur een macht op zichzelf gaan vormen. Met de huidige reorganisatie wordt daar nu verandering in gebracht. Daarnaast is het natuurlijk zo, dat iedereen altijd vindt dat er te veel contributie geheven wordt”, lacht hij.
Geen prijskopers
Deelt u de algemene verwachting dat de komst van Polis Direct met name gevolgen zal hebben voor direct-writers?
“Nou, wij merken er in ieder geval weinig van. Het is ook een misvatting dat onze verzekerden prijskopers zouden zijn. Er bestaat door onze achtergrond als onderlinge een sterke band met de verzekerden, aangezien de consumenten ons ooit zelf hebben opgericht. Ja, wij verbazen ons daar zelf ook over, maar uit onderzoeken blijkt dat die gevoelswaarde nog altijd bestaat. Onze verzekerden vinden dat Ohra staat voor hoge dienstverlening, iets waar ze zich thuisvoelen en een goede prijs/prestatie-verhouding. Dus alleen het feit dat Polis Direct adverteert met prijzen die tien procent onder die van ons liggen – wat overigens helemaal niet moeilijk is aangezien wij met autoverzekeringen zeker niet de goedkoopste zijn – gaat die klant nog niet weg bij Ohra.”
Huesmann zegt zich geen zorgen te maken over de mogelijkheid dat Polis Direct dezelfde snelle groei zal doormaken als Direct Line in Groot Brittannië. “Ik vind dat er nog veel te weinig direct-writers in Nederland zijn. Hoe meer concurrentie hoe beter. Genoeg aanbieders? Misschien zijn er wel te veel intermediairverzekeraars, gezien de huidige behoeften van de consument. Zolang Polis Direct maar niet de markt gaat verpesten, zoals in Engeland momenteel gebeurt. Daar gaan de makelaars in prijs weer onder Direct Line zitten, zodat er over de gehele linie premie wordt ingeleverd.”
“Kijk, als er bij Polis Direct een aandeelhouder zit die een keer geld wil verdienen, dan komt er een moment waarop die zegt: Ho, nou is het mooi geweest. Tot die tijd kan hier in Nederland nooit de markt veroverd zijn. Zeker niet op de manier waarop ze het nou doen, want je moet er ook nog verstand van hebben. Ohra kan het zich niet veroorloven om op een te laag prijsniveau te gaan zitten. Dan verlies je wel markt, maar het is misschien verstandiger om geen markt te hebben en geen winst te maken, dan om wél markt te hebben en verlies te maken.
Nieuwe media
Ohra beweegt zich actief op het terrein van de nieuwe media. Zo is de Arnhemse verzekeraar al geruime tijd te vinden op het zich almaar uitbreidende computernetwerk Internet. “We werken daarbij samen met Veronica en bieden de gebruikers van het netwerk informatie aan over onze produkten. In Nederland maken er nu zo’n dertigduizend mensen gebruik van Internet. Dat is niet bijster veel. Het is voor ons dan ook met name een nieuwigheid waar we een aantal dingen van kunnen leren, zoals het omgaan met dit soort netwerken als informatie-leverancier. Maar tot onze eigen verbazing kwamen er de eerste maand via het netwerk wel zo’n 250 informatie-aanvragen per dag binnen.”
Deze week gaat bovendien een proef van start met de screen-phone, de Nederlandse versie van het Franse Minitel. “Dat is een telefoon met een beeldscherm en een toetsenbord, waarmee verzekerden informatie over onze produkten kunnen inwinnen, offertes kunnen opvragen en op den duur ook mutaties kunnen doorgeven aan onze computer. Daarnaast kunnen ze bijvoorbeeld ook zelf overschrijvingen doorvoeren van hun rekening bij de Ohra Bank.”
B.J.J.M. (Dan) Huesmann (52) studeerde bedrijfseconometrie aan de KUB in Tilburg, waar hij in 1969 afstudeerde in de richting mathematische besliskunde en informatica. In het begin van de jaren zeventig werkte hij bij het Bureau voor Raadgevende Ingenieurs, waar hij onder meer research deed op het gebied van automatisering en beslismatige problemen. In verband met een collectieve verzekering voor de werknemers van het ingenieursbureau, kwam Huesmann in aanraking met Ohra. Dat contact verliep goed, aangezien hij er in 1973 in dienst trad als adjunct-directeur. Sinds 1986 is hij voorzitter van de raad van bestuur van Ohra. Huesmann is tevens voorzitter van de DMSA, de Nederlandse associatie voor Direct Marketing, Distance Selling en Sales Promotion.
Huesmann: “Ik begrijp al dat gezeur over die hulpmiddelen niet”.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.