nieuws

De WAZ en de dga

Archief

De AAW zal haar betekenis als volksverzekering voor een aantal groepen verzekerden verliezen. Zo worden zelfstandigen vanaf januari 1998 sociaal beschermd door een nieuwe, afzonderlijke regeling: de Wet Arbeidsongeschiktheidsverzekeringen Zelfstandigen (WAZ). Ook de directeur-grootaandeelhouder (dga) gaat onder de werking van de WAZ vallen. Het wetsvoorstel WAZ moet overigens nog wel door de Eerste Kamer worden goedgekeurd.

mr. Nicolette Opdam
Voor de premieheffing in het kader van de WAZ zijn de volgende aspecten van belang: de premiegrondslag, de maximumpremiegrens, de premievrije voet (franchise) en het premiepercentage.
De maximumpremiegrens die in acht wordt genomen, is naar verwachting f 84.000. Boven dat inkomensbedrag wordt geen premie meer geheven. De franchise slaat op het ‘onderste’ deel van het inkomen waarover geen premies zijn verschuldigd.
De franchise bestaat uit een basisbedrag dat bij ministeriële regeling wordt vastgesteld. Als franchise wordt een bedrag van f 29.000 voorgesteld, óf het inkomen uit dienstbetrekking, voorzover dit hoger is. Het premiepercentage dat voor 1998 gaat gelden, is waarschijnlijk 7,95.
Uitkeringshoogte
De hoogte van de uitkering op grond van de WAZ is afhankelijk van de mate van arbeidsongeschiktheid en het gederfde inkomen. Dat laatste betekent concreet dat pas recht op een WAZ-uitkering bestaat, indien daadwerkelijk inkomen wordt gederfd.
De uitkering wordt gerelateerd aan het loon dat in het jaar direct voorafgaande aan de arbeidsongeschiktheid is genoten. Aan deze uitkeringsgrondslag is overigens een maximum gebonden: het niveau van het minimumloon. Als het inkomen in het jaar vóór de arbeidsongeschiktheid dus gelijk is aan of hoger dan het minimumloon, dan is de uitkeringsgrondslag het minimumloon. Bij derving van een inkomen beneden het minimumloon volgt een daaraan gerelateerde uitkering.
Bij volledige arbeidsongeschiktheid is het uitkeringspercentage (maximaal) 70%. De maximale WAZ-uitkering is derhalve 70% van het minimumloon, oftewel 70% van f 2.220,40 = f 1.554,28 per maand.
Dga
De directeur-grootaandeelhouder (dga) behoorde in eerste instantie niet tot de groep van verzekerden die onder de WAZ zou gaan vallen. Naar aanleiding van opmerkingen van diverse politieke partijen is ook de dga toegevoegd aan de kring van WAZ-verzekerden. De dga is hierdoor verplicht verzekerd voor het risico van arbeidsongeschiktheid op minimumniveau. Hij kan zelf zorg dragen voor aanvulling.
De premie van de dga wordt geheven over de behaalde winst uit onderneming. Om zoveel mogelijk te voorkomen dat de dga heffing van de WAZ-premie zou kunnen ontgaan door de kiezen voor de zogenaamde nul-optie (geen salaris ten laste van de BV), is in de WAZ een aparte regeling opgenomen. Daarbij wordt ter bepaling van de verschuldigde premie het inkomen van de dga vastgesteld op een forfaitair bedrag. Het maximumpremie-inkomen voor de WAZ, te weten f 84.000, wordt als uitgangspunt genomen. Indien voor de premieheffing van de dga het looninkomen fictief wordt vastgesteld, is dit ook uitgangspunt voor de uitkeringshoogte.
Overigens bestaan sinds 1 januari 1997 in de fiscale wetgeving al regels over fictieve inkomensbedragen voor dga’s die geen salaris ontvangen van de BV. De precieze hoogte van het fictieve inkomen voor de heffing van loon- en inkomstenbelasting moet nog in een besluit worden vastgesteld. Het valt te verwachten dat het niveau van dat fictieve inkomen weinig zal afwijken van het maximumpremie-inkomen van de WAZ.
Als er geen winst of een negatieve winst is behaald, dan is de dga geen WAZ-premie verschuldigd. Voor het recht op de uitkering is niet vereist dat premie wordt betaald. Het recht op uitkering vloeit voort uit de verzekering van rechtswege.
Wel is de hoogte van de uitkering afhankelijk van de behaalde winst of het inkomen in de referteperiode. Hierbij geldt de mogelijkheid van middeling van de winst of het inkomen over vijf jaar. Dit geldt tevens voor de andere WAZ-verzekerden. De positie van de dga is daarmee niet anders dan de positie van andere verzekerden.
Dga’s worden voor de belastingheffing als gewone belastingplichtigen aangemerkt en zijn derhalve op dit moment niet traceerbaar. Er zal daarom een WAZ-bestand van dga’s worden opgebouwd, op basis waarvan WAZ-aanslagen kunnen worden opgelegd.
Dit gebeurt door gegevens van de bedrijfsverenigingen te vergelijken met de gegevens van aandeelhouders die bij de belastingdienst bekend zijn. De overige dga’s zullen zichzelf bij de belastingdienst moeten aanmelden. De uitwerking van deze technische operatie zal door de belastingdienst en de bedrijfsverenigingen in de komende maanden worden vormgegeven.
Belastingaanslag
Voor dga’s die WAZ-premie moeten gaan betalen, verdwijnt de premieplicht voor de AAW. De WAZ zal ieder jaar door middel van een voorlopige aanslag worden geheven aan het begin van het belastingjaar. De heffing wordt gebaseerd op historische gegevens. De definitieve aanslag voor de WAZ vindt plaats met de aanslag inkomstenbelasting/premies volksverzekeringen.
In de aanslag kan de verzekerde de premie van de WAZ in aftrek brengen als persoonlijke verplichting. De fiscaliteit van de WAZ is dus wel even iets anders dan de fiscaliteit van de AAW-premies, die geheven worden via de inkomstenbelasting over de eerste schijf van de IB/LB/premies volksverzekeringen én die niet aftrekbaar zijn. Indien een dga bijvoorbeeld een belastbaar inkomen van f 125.000 heeft, betaalt hij onder de werking van de AAW 6,35% premie over f 45.960, zijnde f 2.918.46. De WAZ-premie bedraagt echter 7,95% over (f 84.000-f 29.000), zijnde f 4.372,50.
Over de top van het inkomen is 60% inkomensbelasting verschuldigd. Aftrek van de premie levert daardoor een voordeel op van f 2.623,50. De nettolasten voor de WAZ-premie komen daarmee op maximaal f 1.749 per jaar. Ook als een dga tegen 50% persoonlijke verplichtingen kan opvoeren, is nog sprake van een voordeel ten opzichte van de oude AAW-situatie.
Bijverzekeren
Premies voor aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekeringen die niet in het kader van de dienstbetrekking zijn gesloten, zijn eveneens aftrekbaar als persoonlijke verplichting. Wel moet rekening worden gehouden met het feit, dat het totaal van de arbeidsongeschiktheidsregelingen niet leidt tot uitkeringen van meer dan 80% van het laatstverdiende inkomen.
Dit zou er namelijk onder andere toe kunnen leiden, dat de fiscus de premie niet in aftrek toelaat. Overigens moet met het 80%-criterium ook rekening worden gehouden met het vormen van een reserve assurantie eigen risico bij de eigen BV.
Door het Verbond van Verzekeraars zijn tegen het aanbieden van particuliere verzekeringen tot de maximale WAZ-uitkering zowel principiële als praktische bezwaren aangevoerd. Als voornaamste bezwaar ziet het Verbond dat de private verzekering dan als een soort vangnet van de publieke verzekering gaat fungeren, terwijl verzekeraars het juist een overheidstaak achten een vangnet te creëren voor groepen die in de knel komen.
Het kabinet geeft aan dat het ook in de huidige situatie voorkomt dat geen AAW-uitkering wordt toegekend, terwijl er wel een aanvullende, particuliere verzekering wordt verstrekt. Tegen het argument van het Verbond heeft het kabinet verder aangevoerd dat het in casu gaat om een verzekering waarbij het inkomensdervingsbeginsel als uitgangspunt geldt. Daarmee wordt enerzijds inkomensbescherming geboden voor zelfstandigen die inkomen derven. Anderzijds wordt het bereik van de regeling afgebakend voor degenen die geen inkomen hebben gederfd. Voor hen zijn andere minimumbehoefteregelingen getroffen (IOAW, Abw).
Gezien het bovenstaande is het de vraag of er in de praktijk voor verplichte WAZ-verzekerden andere mogelijkheden zullen worden geboden voor het privaat (bij)verzekeren van het arbeidsongeschiktheidsrisico. Tenminste, andere dan er nu reeds worden geboden.
Mr. Nicolette M. Opdam is werkzaam bij de Fiscale en Juridische Sectie Pensioenen & Verzekeringen van Coopers & Lybrand te Amsterdam.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.