nieuws

De ongewisse status van het Belastingplan 2003

Archief

Na de val van het kabinet staat het belastingplan dat vorige maand is ingediend, weer ter discussie. Waar de meesten zich al bijna neergelegd hadden bij de afschaffing van de bedrijfsspaarregelingen en de lijfrentebasisaftrek en de beperking van de pensioenopbouw, lijkt er toch weer behoorlijk wat licht aan het eind van de tunnel te schijnen.

Door Alfred Lagendijk
Het gevallen kabinet en de Tweede Kamer moet zich nu gaan buigen over de vraag welke onderwerpen controversieel zijn en welke niet. Niet controversiële onderwerpen kunnen ook door een demissionair kabinet worden afgewikkeld. Controversiële onderwerpen worden doorgeschoven tot na de verkiezingen, wat in elk geval een fiks uitstel van executie betekent. Van alle ingediende onderdelen van het belastingplan lijkt de afschaffing van werknemersspaarregelingen de minste kans te maken om snel behandeld te worden. Hetzelfde lijkt mij te gelden voor de verlofknip. Minder zeker ben ik van de afschaffing van de basisaftrek lijfrenten en de beperking van de pensioenopbouw. Hieronder volgt een overzicht van de voor de verzekeringspraktijk belangrijke onderdelen.
Werknemersspaarregelingen
In het kader van de financiering van de levensloopfaciliteiten zullen de werknemersspaarregelingen (te weten de spaarloon-, winstdelings- en premiespaarregeling) worden afgeschaft. Vooralsnog kunnen alleen de tegoeden die tot en met het jaar 2001 zijn gespaard, per 1 januari 2003 zonder fiscale gevolgen worden opgenomen. Vanaf 1 januari 2003 vervalt de vrijstelling in box 3 (vermogensrendementsheffing) voor de bezittingen die ingevolge een spaarloon- of premiespaarregeling worden aangehouden. De bedragen die in 2002 worden gespaard, zullen pas per 1 januari 2004 vrijvallen. De vrijstelling in box 3 zal ten aanzien van deze in 2002 gespaarde bedragen nog een jaar in stand blijven.
Verlofknip
In 2003 zal de zogenoemde ‘verlofknip’ worden ingevoerd. Dit is een individuele spaarregeling waarmee een werknemer onbetaald verlof kan financieren. Op deze wijze wordt meer keuzevrijheid geboden bij de verdeling van de tijd over werken, leren, zorgen en andere bezigheden. De regeling vervangt de huidige werknemersspaarregelingen. De overheid ondersteunt de verlofknipregeling financieel in de vorm van een vaste bonus van 30% over het spaarbedrag, die wordt uitgekeerd bij opname van het verlof. Naast de verlofknipregeling kan de huidige verlofspaarregeling worden gebruikt als aanvulling.
Pensioenopbouw
In het kader van de financiering van de levensloopfaciliteiten is besloten de in juni 1999 ingevoerde ruimere mogelijkheden voor het opbouwen van een pensioen weer in te perken. De maximale begrenzingen van de opbouw van een ouderdomspensioen van 2% eindloon per dienstjaar en 2,25% middelloon per dienstjaar worden bijgesteld naar respectievelijk 1,75% en 2%. De mogelijkheden voor de opbouw van een pensioenregeling op basis van beschikbare premie worden navenant beperkt.
Ten aanzien van lopende pensioenregelingen (dat wil zeggen op 31 december 2002 bestaande) is een overgangsregeling voorgesteld. Voor deze regelingen blijven de huidige regels tot en met 31 december 2004 van toepassing. Ook de reeds bestaande overgangsregeling die per 1 juni 1999 is ingevoerd, wordt hierbij aangepast en zal worden verlengd tot 1 januari 2005.
Basisaftrek lijfrente
Een belastingplichtige kan zonder het aantonen van een pensioentekort elk jaar een vast bedrag aan betaalde lijfrentepremies (in 2002: e 1.069) ten laste van zijn inkomen brengen. Daar het kabinet vindt dat deze mogelijkheid afbreuk doet aan de doelstelling om uitsluitend in situaties van een daadwerkelijk pensioentekort aftrek van lijfrente toe te staan, is besloten de basisaftrek lijfrente met ingang van 1 januari 2003 af te schaffen.
Het afschaffen van de basisaftrek heeft geen gevolgen voor de omvang van de totale jaarruimte. De zogenoemde jaarruimte is de mogelijkheid voor belastingplichtigen die bij de aanvang van het kalenderjaar de leeftijd van 65 jaar nog niet hebben bereikt, om tot een bepaald bedrag premies voor lijfrenten in aftrek te brengen, mits sprake is van een tekort aan pensioenopbouw in het kalenderjaar. De mogelijkheid van aftrek van lijfrentepremies die dienen ter compensatie van een pensioentekort, blijft derhalve onverkort in stand.
Tarieven en kortingen
Het gecombineerde tarief van de inkomstenbelasting en premieheffing volksverzekeringen in de eerste en tweede schijf stijgt licht. De belasting daalt weliswaar licht, maar de premie AWBZ wordt verhoogd. Het gecombineerde tarief in de eerste schijf, die in 2003 loopt tot e 15.880, stijgt van 32,35% naar 32,9%. Het tarief in de tweede schijf, die in 2003 loopt tot e 28.850, stijgt van 37,85% naar 37,95%.
In het Belastingplan 2003 wordt voorgesteld de heffingskortingen als volgt aan te passen:
– de algemene heffingskorting (voor iedere belastingplichtige) stijgt met e 50 tot maximaal e 1.697;- de maximale arbeidskorting die van toepassing is als men inkomsten uit onderneming, overige werkzaamheden of dienstbetrekking geniet, stijgt met e 119 en bedraagt voor belastingplichtigen die aan het begin van 2003 jonger dan 57 jaar zijn maximaal e 1.068, voor mensen die 57, 58 of 59 zijn maximaal e 1.238, voor 60- of 61-jarigen maximaal e 1.408 en voor mensen die 62 jaar of ouder zijn maximaal e 1.579;- de ouderenkorting voor personen van 65 jaar en ouder stijgt met e 46 naar e 335.Verder wordt voorgesteld de twee heffingskortingen die betrekking hebben op maatschappelijke beleggingen en beleggingen in durfkapitaal met ingang van 1 januari 2003 af te schaffen. Voor het jaar 2002 krijgt een belastingplichtige die belegt in maatschappelijke beleggingen (participaties in zogenoemde groenfondsen en in sociaal-ethische fondsen), een extra heffingskorting van maximaal e 630 (e 1.260 voor fiscale partners). Hetzelfde geldt voor beleggingen in durfkapitaal waaronder worden verstaan (indirecte) participaties in startende ondernemingen en participaties in cultuurfondsen. De vrijstellingen in box 3 voor dergelijke beleggingen, die in 2002 in beide gevallen maximaal e 48.441 (e 96.882 voor fiscale partners) bedragen, blijven gehandhaafd.
Auto van de zaak
De regeling met betrekking tot de personenauto van de zaak voor zowel werknemers als ondernemers-natuurlijke persoon blijft gelijk aan de regeling van het jaar 2002. De eerder vastgelegde verzwaring van de belasting over de auto van de zaak in de jaren 2003 en 2004 gaat niet door.
Doorbetaling ZW
De overheid wil de instroom in de WAO verminderen. Als maatregel wordt voorgesteld slechts de volledig arbeidsongeschikten die geen uitzicht meer hebben op een baan, toe te laten. Wie niet langer in staat is het oude werk te hervatten, wordt begeleid naar ander werk en heeft ook de plicht ander werk te aanvaarden. Gedeeltelijk arbeidsongeschikten (meer dan 35%) die werken, krijgen deels recht op een loonaanvulling. Niet-werkenden krijgen afhankelijk van hun arbeidsverleden recht op een WW-uitkering die gevolgd zal worden door een IOAW-uitkering (bijstandsuitkering zonder toets op het eigen vermogen).
Om de verantwoordelijkheid van de werkgever ten aanzien van het waarborgen van de veiligheid en gezondheid van de werknemer aan te sporen, wordt de loondoorbetalingsverplichting tijdens ziekte verlengd van één naar twee jaar. Daar werknemers medeverantwoordelijk zijn voor het weer snel hervatten van het werk, wordt voorgesteld de loonaanvulling van het tweede jaar te beperken tot 70% van het loon. Pas na deze periode ontstaat er voor de werknemer eventueel een recht op een WAO-uitkering.
van PricewaterhouseCoopers in Amsterdam.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.