nieuws

De Eendragt: ‘Pensioenplannen kabinet ingegeven door afgunst’

Archief

De levensverzekeringsbranche kreeg er vorig jaar een nieuwe speler bij: voormalig pensioenfonds De Eendragt. De maatschappij heeft zich in de eerste anderhalf jaar van haar vernieuwde bestaan al in een grote belangstelling mogen verheugen. Volgens algemeen directeur Philip Menco komt dat door de afwijkende aanpak van De Eendragt, die zich in de praktijk nog steeds als pensioenfonds gedraagt. “Ik noem ons wel eens een schaap in wolfskleren.”

Door Rob van de Laar
De geschiedenis van de sinds vorig jaar in Amsterdam gevestigde pensioenverzekeraar gaat terug tot 1921, toen De Eendragt door papierfabriek Van Gelder werd opgericht als één van de eerste bedrijfspensioenfondsen. Tot 1981 veranderde er weinig, maar in dat jaar ging Van Gelder failliet. "Met twaalf ondernemingen werd een doorstart gemaakt; daarvoor werd een nieuw pensioenfonds opgericht, dat in feite uit dertien fondsen was opgebouwd", aldus directeur Philip Menco. "Er kwam een overkoepelend fonds met daarin een aparte pensioenregeling voor elke onderneming. Er was veel solidariteit, maar als een van de ondernemingen in onderdekking zou raken, dan zouden de andere pensioenfondsen niet inspringen."
Dat ging goed tot 2004, toen een brief van toezichthouder DNB binnenkwam. De systematiek die De Eendragt hanteerde, is onder de nieuwe Pensioenwet, die sinds begin dit jaar geldt, namelijk niet toegestaan. Menco: "Eigenlijk mocht het onder de Pensioen- en Spaarfondsenwet ook al niet, maar de toezichthouder heeft dat altijd gedoogd. Onder de nieuwe wet moet een pensioenfonds echter altijd een fiscale of een financiële eenheid zijn."
De Eendragt mocht dus niet meer op de oude voet verder en kwam voor de keuze te staan: óf de statuten aanpassen óf als levensverzekeraar gaan opereren. "Uiteindelijk hebben we ervoor gekozen om een collectieve levensverzekeraar te worden die zo veel mogelijk zou werken als we tot dan toe hadden gedaan."
Vergunning
Het verkrijgen van de vergunning van DNB is De Eendragt relatief soepel afgegaan. "Het was ook voor DNB een unieke operatie. Daar is één afdeling bezig met het toezicht op pensioenfondsen en één afdeling buigt zich over de verzekeraars. Die twee afdelingen overleggen, zacht uitgedrukt, niet regelmatig met elkaar. Wij moesten dus in eerste instantie vanaf nul beginnen met onze vergunningaanvraag. Bij DNB duren de processen lang en ze zijn erg formeel. Toch hebben wij onze vergunning binnen zes maanden rondgekregen."
Volgens Menco is dat mede te danken aan een van de adviseurs die De Eendragt inschakelde bij de omvorming. "Die was afkomstig van DNB en wist dus hoe het traject verliep. Daardoor konden wij altijd snel reageren op brieven. Vlak voor Kerstmis 2005 kregen we bijvoorbeeld een brief met aanvullende vragen. Op 27 december lag ons antwoord al bij DNB. Daar hadden ze niet op gerekend! Maar over het algemeen hebben we volledige medewerking gekregen."
Te klein
Menco is zelf medio 2004 als directeur binnengekomen bij De Eendragt. "Hoewel we min of meer gedwongen zijn omgevormd tot verzekeraar, lagen er al plannen om de zaken anders te gaan aanpakken. Wij waren met 70% inactieven in ons bestand langzaam aan het inslapen. We moesten meer gaan ondernemen. Dat was overigens ook een van mijn redenen om hier aan de slag te gaan, anders zou het maar een saaie boel zijn." Klein is het bedrijf overigens niet: met een premieomzet van _ 125 mln was De Eendragt vorig jaar als nieuweling meteen al de negende pensioenverzekeraar van ons land.
Als pensioenfonds was De Eendragt door de compartimentering ten behoeve van die twaalf bedrijven administratief al goed ingericht op het bedienen van meer klanten. "DNB heeft de zaken versneld, maar ik denk niet dat we anders een heel andere weg waren ingeslagen. We hadden al plannen om een onderlinge waarborgmaatschappij op te richten."
Acquisities
In de eerste anderhalf jaar na de oprichting heeft Menco al acht ondernemingen als nieuwe klant kunnen verwelkomen. Daarbij zitten enkele grote bedrijven, zoals de Nederlandse tak van het Australische papierconcern PaperlinX. "Dat betekende meteen een vergroting van het aantal actieve deelnemers met 30%. Daarnaast hebben we een aantal pensioenfondsen verzekerd met enkele honderden deelnemers. Met een paar grote fondsen zijn we in gesprek, maar we willen eerst zorgen dat we hier de zaken perfect op orde hebben. Ook willen we het serviceniveau voor onze bestaande klanten hoog houden."
De Eendragt, altijd actief geweest voor de papierbranche, wil de klantenkring vooral uitbreiden met bedrijven uit andere sectoren. De focus ligt volledig op collectieve pensioenverzekeringen en goede service. "Door onze keuzes zijn wij begrensd in onze groei. Dat is dezelfde keuze die een delicatessenzaak maakt, of een couturier. Die wil ook geen C&A worden waar iedereen koopt."
De acht pensioenfondsen die De Eendragt inmiddels heeft overgenomen, zijn zonder bijzondere inspanningen binnengehaald. "De meeste zijn door mond-tot-mondreclame bij ons terechtgekomen."
Verschil
Welbeschouwd is De Eendragt eigenlijk gewoon doorgegaan met waar het mee bezig was. Is er in de praktijk eigenlijk wel een verschil tussen een pensioenfonds en een pensioenverzekeraar? "Er zijn heel grote verschillen!", klinkt het bijna verontwaardigd. "Een pensioenfonds geeft je als onderneming het gevoel dat je iets van jezelf hebt, een eigen identiteit. Pensioen is een belangrijke en kostbare arbeidsvoorwaarde; daarover wil je als onderneming controle houden en je wilt ook dat er met het geld iets gebeurt waarbij specifiek jouw belang in de gaten wordt gehouden. Je wilt niet dat er veel geld weglekt naar de winst van een commerciële verzekeraar. Er is daarom altijd een spanningsveld tussen pensioenfondsen en verzekeraars."
Menco snijdt een voor verzekeraars gevoelig punt aan: "Het serviceniveau en de kwaliteit van de administratie zijn bij pensioenfondsen over het algemeen beter op orde. De meeste verzekeraars hebben een grote achterstand en dan druk ik me nog voorzichtig uit; bij sommige maatschappijen is het echt een chaos. Dat komt door de voortdurende wetswijzigingen op pensioengebied. Daar moet je elke keer weer de volledige automatisering op aanpassen. Voor grote verzekeraars is dat een ramp, mede doordat zij vaak veel verschillende contracten in de boeken hebben. Een pensioenfonds heeft doorgaans een beperkt aantal regelingen. Ook wij streven ernaar die zo veel mogelijk te standaardiseren; dat kunnen wij ook makkelijker doen met 23 pensioencontracten. Als er dan een aanpassing moet worden gedaan, hoeven wij die feitelijk maar in één regeling door te voeren, al hebben wij wel verschillende varianten. Onze administratie is dan ook volledig bij."
Horen wat er leeft
In tegenstelling tot andere pensioenverzekeraars is De Eendragt op elk niveau eenvoudig te bereiken voor de klant, zegt Menco. "Indien gewenst heb je direct contact met de directie. Samen met mijn collega-directielid Tom Nieuwenhuizen ga ik elk jaar bij alle ondernemingen langs om het jaaroverzicht toe te lichten en te horen wat er leeft."
Een ander belangrijk verschil tussen pensioenfondsen en verzekeraars is de indexatie, aldus Menco. "Bij een verzekeraar krijg je vaak een nominaal pensioen uitgekeerd. Bij ons is het pensioen geïndexeerd. Daar zijn weliswaar voorwaarden aan verbonden, maar die zijn zo soepel dat de kans op niet-indexatie vrijwel nihil is. En bedenk: een uit te keren niet-geïndexeerd pensioen van _ 1.000 per maand is over vijftien jaar nog maar _ 740 waard. Dat hakt er echt in."
Het kostenaspect is een laatste belangrijk onderscheid tussen pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen: "Bij een verzekeraar lekt veel geld weg, omdat er dividend moet worden uitgekeerd en omdat de overheadkosten veel hoger zijn. Dat effect zie je terug op de winstdeling over de overwinst. Bij ons komt alle overrente terug in het depot van de verzekerde. Zelf als wij een positief resultaat boeken op het eigen vermogen, komt dat grotendeels ten goede aan onze verzekerden. Niet volledig, want wij moeten wel een reserve opbouwen om risico's te kunnen opvangen."
Wolfskleren
De Eendragt zet zich dus duidelijk af tegen andere pensioenverzekeraars; eigenlijk zou je het bedrijf alleen in naam een verzekeraar kunnen noemen. "Ik noem ons wel eens een schaap in wolfskleren", grinnikt Menco. "Wij hebben geen andere partijen dan onze verzekerden die wij tevreden moeten stellen. Als andere verzekeraars ons zouden willen betichten van oneerlijke concurrentie, hoef ik alleen maar te zeggen dat wij gewoon onze zaken op orde hebben. Dat kun je toch niet oneerlijk noemen?"
De beperkte omvang van De Eendragt helpt uiteraard wel bij het beheersbaar houden van de administratieve lasten. "Wij hebben zeventien man personeel en die zijn allemaal steengoed in wat zij doen. Als je zeventienduizend mensen in dienst hebt, kun je dat niet van iedereen weten en bovendien heb je dan extra managementlagen nodig." Bij Menco is dan ook niets te bespeuren van een 'Calimero-effect', al staat groei wel hoog op de agenda: "Maar we willen wel zeer gecontroleerd groeien. Onze dienstverlening mag niet verwateren. We kunnen wellicht doorgroeien naar een beheerd vermogen van zo'n drie miljard – nu is dat circa een miljard – wat neerkomt op zo'n vijftigduizend deelnemers, maar dan houdt het voorlopig wel op. Acquireren is niet zo moeilijk, maar zie het dan maar eens voor elkaar te krijgen om een offerte nog steeds binnen twee dagen te versturen. Die dingen moeten allemaal vlekkeloos blijven lopen. Wat dat betreft zijn we nog steeds bezig om een omslag te maken: nieuwe klanten werven en bedienen is wat anders dan al tien jaar met dezelfde klanten werken."
Optas
Menco kan zich voorstellen dat het havenpersoneel dat zijn pensioen bij Optas opbouwt, boos is over de bestemming van de reserves en de door koper Aegon betaalde goodwill. "Optas is jaren een speelbal geweest van werkgevers en werknemers. Er zijn met overschotten allerlei oneigenlijke activiteiten gefinancierd. Dat is ten koste gegaan van de indexatie van de pensioenen. Nu wordt veel geld uit de pot gehaald waarmee leuke dingen worden gedaan voor het goede doel, maar daarmee worden de deelnemers wél beroofd van een deel 'inhaal-indexatie' en een stuk toekomstige indexatie. Ik vind dat niet kunnen. Dat geld is nooit ingelegd voor allerlei culturele doeleinden. De nominale pensioenaanspraken zijn wel afgefinancierd, maar de deelnemers zijn een groot stuk indexatie misgelopen."
Waanzinnig plan
Menco is niet te spreken over het kabinetsplan om de pensioenopbouw van hogere inkomens af te toppen. "Ik vind dat een waanzinnig plan, omdat het averechts gaat werken. Iemand die vier ton verdient, ziet zijn pensioen grofweg bij twee ton inkomen afgekapt worden. Zo iemand zegt: geef mij maar die 21% pensioenpremie over twee ton in handen, dan ga ik het zelf wel beleggen. Dat is dan weliswaar niet bruto, maar mensen met zo'n hoog inkomen zullen gewoon afdwingen dat hun salaris nog een halve ton hoger wordt dan het al is om zelf pensioen te kunnen opbouwen. Dergelijke maatregelen leiden er dus alleen maar toe dat de topsalarissen nog verder omhoog gaan. Zo'n plan komt eigenlijk alleen maar voort uit afgunst en zet maatschappelijk gezien geen zoden aan de dijk."
Beleggingsbeleid
Menco is trots op het geavanceerde beleggingsbeleid dat De Eendragt hanteert. "Wij hebben de niet-actieve deelnemers volledig gescheiden van de actieven. De niet-actieven komen bij ons in één depot terecht dat volledig voor rekening en risico komt van De Eendragt. In dat depot vindt ook de indexatie plaats. Voorts is het beleggingsbeleid volledig gesplitst tussen de verplichtingen en het vrij belegbare gedeelte. Daarmee lopen we voorop in Nederland. Door onze manier van beleggen kan bij de actieve deelnemers de kostendekkende pensioenpremie fors omlaag. Bij de niet-actieven vergroot het de zekerheid van indexatie."
De aandelenportefeuille wordt binnenkort opnieuw uitbesteed, waarbij met een lager risico een hoger rendement kan worden behaald. "Dat doen we vooral door niet blindelings de markt achterna te lopen in de keuze van de aandelenindex. Beleggen gaat niet om relatief, maar om absoluut rendement en risico."
Menco vindt het overigens niet verstandig om uit angst voor tegenvallende resultaten te kiezen voor een belegging met weinig risico. "Geen risico betekent ook een laag rendement. Dat betekent dat je met je pensioenpremie mogelijk te weinig pensioen opbouwt. Je kunt, zeker als je nog jong bent, vaak beter kiezen voor een wat offensievere belegging. Mocht het rendement dan eens tegenvallen, dan heb je nog genoeg jaren om dat weer goed te maken."
te worden waar iedereen koopt."
[kader]
Philip Menco (50) werkte na zijn studie Economie zeventien jaar als beleggingsstrateeg, analist en directielid voor onder meer Theodoor Gilissen en ING Barings. Bij ABP kwam hij in 1978 terecht in de pensioenwereld als hoofd strategische research. Daar vertrok hij in 2000 wegens een verschil van mening over het beleggingsbeleid; tot 2004 was hij vervolgens actief als zelfstandig consultant voor pensioenfondsen. "Dat vond ik een wat eenzaam bestaan; ik zet graag in een team iets op. De Eendragt was een van mijn opdrachtgevers en daar kwam in 2004 de functie van directeur vrij." In zijn vrije tijd is Menco actief als bestuurslid bij diverse charitatieve instellingen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.