nieuws

Consumenten en tussenpersonen hebben een andere beleving bij onafhankelijkheid

Archief

De klacht van de Consumentenbond tegen de NVA en de NBVA over het adverteren met de term ‘onafhankelijk’ is door zowel de Reclame Code Commissie zelf als het College van Beroep afgewezen. De Consumentenbond, de verliezer, feliciteert de winnaars NVA en NBVA. Bij monde van Rob Goedhart constateert de bond dat consumenten iets anders beleven bij onafhankelijkheid dan de tussenpersonen zelf.

Door Rob Goedhart
In het voorjaar van 2004 publiceerde het ministerie van Financiën een rapport waaruit bleek dat “er sterke aanwijzingen zijn dat voor tussenpersonen provisiestructuren een rol spelen bij de advisering aan klanten over hypotheken, waardoor het advies niet optimaal aansluit bij de wensen en situatie van klanten”. Reden voor het ministerie om met een aantal partijen om de tafel te gaan zitten, waaruit na een half jaar een oplossing kwam. De vorm van afsluitprovisie zou worden aangepakt en er zou meer transparantie over de beloning bij dit soort producten moeten komen.
Banken waren voor, verzekeraars eerst ook. Die laatste kropen later weer in hun schulp, toen bleek dat de tussenpersonen pertinent tegen openbaring van de hoogte van hun beloning waren. De branchelobby leek succesvol toen er, na een algemeen overleg tussen Tweede Kamer en minister Zalm, begin 2005 geen beloningstransparantie leek te komen.
Op dat moment vroeg de Consumentenbond aan de NVA en de NBVA om niet meer te adverteren met het feit dat hun leden ‘onafhankelijk’ advies geven bij financiële producten. Toen de brancheorganisaties dat weigerden, stapte de Consumentenbond naar de Reclame Code Commissie (RCC).
Volgens consumenten
Bij de RCC hebben wij betoogd wat consumenten onder een onafhankelijk advies verstaan. Iedereen is het erover eens dat een adviseur in dat geval niet gebonden kan zijn door afspraken met een aanbieder. Verder moet een adviseur vrij zijn om verschillende productsoorten aan te bieden (bijvoorbeeld een hypotheek met kapitaalverzekering of een hypotheek met effectenportefeuille).
Bij het krijgen van een onafhankelijk advies vindt een overgrote meerderheid van de consumenten het onder andere belangrijk dat een tussenpersoon laat zien wat zijn eigen financiële belang is bij een transactie. Dit blijkt niet alleen uit door ons zelf gehouden onderzoeken; de conclusie van de VB-VerzekeringsBarometer/Gfk ondersteunt dit: “onafhankelijk advies wordt door de consumenten primair (!) vertaald als: een waardevrij advies. Een advies dat – onafhankelijk van financiële motieven van de adviseur – het beste past bij mijn specifieke situatie”.
Volgens tussenpersonen
Zowel de NVA als de NBVA stelden dat hun leden onafhankelijk zijn, omdat ieder lid zelf mag kiezen van wie hij zaken aanbiedt. Verder onderstreepte de NBVA dat zijn leden geen eigendom kunnen zijn van een verzekeraar (of andere financiële instelling) en dus echt onafhankelijk zijn. De NVA erkende weliswaar captives in haar gelederen te hebben, maar dat productieverplichtingen uit den boze zijn; ook bij de moeder.
Tijdens ‘het proces’ bij de RCC kwamen ook de controlemogelijkheden van de bureaus in Amersfoort en Tiel aan de orde. Daarop werd gezegd dat leden ieder jaar een verklaring van ‘onafhankelijkheid’ aanleveren. Bij dit systeem keurt de (slagers-)branche niet eens het vlees van de leden, maar mag de slager zijn vlees zelf (goed)keuren. En dan kan het wel eens mis lopen, zoals we onlangs hebben kunnen zien bij de assurantiekantoren van ING. Jammer dat het journalisten waren die de productieverplichtingen naar boven haalden en niet de NVA zelf.
Gelijk krijgen
De RCC volgde de onderbouwing van de NBVA en de NVA met betrekking tot hun begrip ‘onafhankelijk’ en wees de klacht van de Consumentenbond af. De bond toetste dit nog een keer in hoger beroep, maar ook daar werd de klacht afgewezen. De conclusie is dat het begrip ‘onafhankelijk’ voor ons verder gaat dan volgens het intermediair zelf. Maar daarvoor was geen steun bij de RCC.
Hoe werkt dat in de praktijk? Laten we dat het eens beeldend maken door een gesprek te fingeren tussen een van onze leden en onze afdeling Service en Advies.
Ik ben benaderd door een onafhankelijk tussenpersoon. Wat verstaat men daaronder?
Een tussenpersoon die zelf kan kiezen met welke verzekeraar of bank hij zaken doet.
Hoe wordt zijn keuze dan bepaald?
Ze zeggen dat ze uw belang voorop stellen.
Is dat ook zo? Zou hij niet gewoon kiezen voor de verzekeraar of bank die hem het meest betaalt?
Dat weten we niet. De meeste willen niet vertellen hoeveel provisie ze krijgen.
Moeten ze dat niet volgens de wet?
Nee, nog niet, dat moet pas vanaf 2009.
Dan pas? Kan dat niet eerder?
Jawel hoor, ze mogen het eerder. Alleen pas vanaf 2009 zijn ze het verplicht.
Dus een tussenpersoon die het nu wel vertelt, heeft een streepje voor?
Jazeker. Blijft er nog een probleem: er zijn verzekeraars en banken, die de tussenpersonen proberen te paaien met bonussen en allerlei andere gadgets zoals reisjes naar het WK. Het blijft lastig te zien of dat invloed heeft op de keuze van het intermediair. Maar het geven van bonussen en zo gebeurt toch alleen om verkopers aan te sporen? Dat geldt toch niet voor adviseurs?
Klopt. Het is een heel gewoon economisch verschijnsel dat een producent op die manier de afzet van zijn goederen wil bevorderen. Blijkbaar is dat in de assurantiebranche ook nog heel gebruikelijk. In vakbladen staan regelmatig berichten van trotse verzekeraars, die een prijs komen uitreiken bij een tussenpersoon als hij een boel zaken voor hem gedaan heeft. Maar dan is zo’n tussenpersoon meer een verkoper dan een adviseur? Ja. Daar hoeft niets mis mee te zijn, als hij het maar gewoon zou vertellen.
En wat denken jullie van die tussenpersonen, die eigendom zijn van een verzekeraar?
Die kunnen beter niet zeggen dat ze onafhankelijk handelen. Het is heel begrijpelijk dat de moeder-verzekeraar graag wil dat een deel van de verzekeringen, die de tussenpersoon regelt, bij haar worden ondergebracht. Als men daar open en eerlijk over is, weet u in ieder geval waar u aan toen bent en dat u – in principe – kunt verwachten dat de tussenpersoon u bij voorkeur een product aanbiedt van de eigenaar. Biedt men ook producten van anderen aan, dan is dat een pre.
Zorgt die nieuwe wet WFD niet voor betere informatie hierover?
Dat zal de tijd moeten leren. Volgens die wet kunnen adviseurs en bemiddelaars aangeven dat zij ‘selectief’ met verzekeraars of banken zaken doen. Dat vinden wij begrijpelijk. Er zijn meer dan negentig levensverzekeraars en de producten verschillen niet zodanig dat voor iedere consument alle producten van die ruim negentig vergeleken moeten worden. Maar wat er verder onder selectief moet worden verstaan, is onduidelijk. Selectief kan net zo goed twee verzekeraars zijn als twintig.
Hoe vind ik nu een onafhankelijk tussenpersoon? Daarmee bedoel ik dat ik op zijn minst het gevoel wil hebben dat hij aan mijn kant staat en dat ik dat een beetje kan controleren doordat hij laat zien wat zijn eigen financieel belang is?
Men zegt wel eens dat het het meest ideaal is wanneer u als consument dat intermediair zelf betaalt. Dat hoeft wat ons betreft niet per se. De adviseur mag best door de verzekeraar of bank betaald worden, als hij daar maar volledig open over is. En ten slotte: van ons hoeft een tussenpersoon niet onafhankelijk te zijn. Een ‘afhankelijke’ kan u net zo goed helpen. Wat wij onjuist vinden, is het ene suggereren en het andere doen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.