nieuws

Conflict verzekeraars over toepassing schaderegeling schuldloze

Archief

derde

Twee autoverzekeraars worden het niet eens over het wel of niet van toepassing zijn van bedrijfsregeling nr.7, de Schaderegeling schuldloze derde. Verzekeraar A meent dat deze regeling van toepassing is, verzekeraar B verweert dat verzekeraar A niet heeft voldaan aan één aspect van deze regeling. Beide verzekeraars vragen de Geschillencommissie Schadeverzekeraars om een bindend advies.
Wat is hier het geval? Er vindt een aanrijding plaats op een rijksweg waarbij een bij autoverzekeraar A verzekerde Mercedes in botsing komt met een eveneens bij autoverzekeraar A verzekerde Volvo. De toedracht hiervan is dat de op de linkerbaan rijdende Mercedes moest uitwijken voor de voor hem rijdende bij verzekeraar B verzekerde Opel. Hierdoor raakte de Mercedes in aanraking met de Volvo die op de invoegstrook, althans op de rechterrijbaan in dezelfde rijrichting reed.
Eind mei stelt verzekeraar A de bestuurder van de bij verzekeraar B verzekerde Opel aansprakelijk. Verzekeraar A verzoekt de bestuurder op te geven wie zijn verzekeraar is en deze zaak door te geven aan zijn verzekeraar. Verzekeraar A stuurt de bestuurder medio juni een herinnering. Eind juni deelt verzekeraar A aan de bestuurder mee tegen cessie een bedrag van e 5.740 te hebben uitgekeerd en verzoekt de bestuurder dit bedrag te betalen. Begin juli wordt de vordering door verzekeraar A verhoogd tot e 13.818
Verzekeraar B meldt zich drie dagen daarop bij verzekeraar A en betwist de aansprakelijkheid. Verzekeraar A en B wisselen nog vier brieven hierover uit en pas in de brief van 25 februari het jaar daarop verzoekt verzekeraar A, verzekeraar B te participeren ingevolge bedrijfsregeling nr.7. Verzekeraar B weigert dit.
Geen onverwijlde melding
Het verweer van verzekeraar B is dat het beroep van verzekeraar A op de bedrijfsregeling nr. 7 te laat is, omdat verzekeraar A niet heeft voldaan aan artikel 2 lid 1 van de regeling. Verzekeraar A heeft namelijk niet meteen het ongeval gemeld bij verzekeraar B. Er wordt sinds juli tussen beide verzekeraars gecorrespondeerd en pas in februari rept verzekeraar A over bedrijfsregeling nr.7. Artikel 2 lid 1 bepaalt dat melding van een schadegeval door de regelend verzekeraar aan de overige betrokken verzekeraars onverwijld moet gebeuren.
Conclusie
De Geschillencommissie Schadeverzekeraars oordeelt dat gezien het tijdsverloop en de inhoud van de gevoerde correspondentie het beroep op de partcipatieregeling niet alleen te laat is, maar ook in strijd is met de geest van de regeling. Verzekeraar A heeft eerst driemaal de bestuurder van de Opel aangeschreven en vervolgens meer dan een half jaar met verzekeraar B getwist over de aansprakelijkheid eer hij een beroep deed op de bedrijfsregeling. De commissie concludeert dat een beroep op de participatieregeling door verzekeraar A niet meer openstaat.
Uitspraak GCS – BR7 003.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.