nieuws

Code voor voorlichting over rendementen en risico’s

Archief

Het Verbond van Verzekeraars heeft een code opgesteld met regels voor de voorlichting over verwachte rendementen en risico’s bij levensverzekeringen en spaarkasprodukten. Aan de aanbieders van deze produkten is gevraagd de code te onderschrijven.

De laatste jaren is sprake van een stormachtige groei van beleggingsprodukten in de verzekeringswereld. De aanbieders reageren soms al even onstuimig en nemen het niet altijd zo nauw met de belangen van de consument. Dat past niet bij de taak van verzekeraars en is schadelijk voor het imago van zowel de branche als het produkt, vindt Generali-topman Frans Heus.
Heus gaf als bestuurslid van de sector Leven van het Verbond leiding aan de werkgroep die de code heeft opgesteld. “Wij beheren enorme sommen geld, zijn daar verantwoordelijk voor, en moeten mensen de weg wijzen in de financiële wereld. De levensverzekeraars moeten ervoor zorgen dat consumenten door de bomen het mooie bos kunnen blijven zien. Daar is de code voor bedoeld.”
Bij het opstellen van de code is het Verbond geholpen door de Verzekeringskamer, de NVA, de NBvA, het ministerie van financiën, de Consumentenbond en de Ombudsman Levensverzekering/Spaarkasbedrijf. De code heeft betrekking op alle vormen van communicatie naar publiek, intermediair en (kandidaat-)verzekerden. Te denken valt aan offertes, polisvoorwaarden, brochures, advertenties en reclame, door of namens een verzekeraar of spaarkasbedrijf.
Voorbeelden
In de code wordt een definitie gegeven van een aantal veel voorkomende begrippen. De in de communicatie met het publiek gehanteerde begrippen moeten voldoen aan die definities.
Tevens zijn richtlijnen geformuleerd voor het gebruik van voorbeelden. Er moeten ten minste twee (voorbeeld)eindkapitalen worden gegeven, die gebaseerd zijn op rendementen (voorbeeldpercentages) uit het verleden. Deze percentages moeten zich bevinden binnen een bepaalde bandbreedte, waarvoor het Verbond een speciaal rekenvoorschrift heeft gemaakt. Ten minste het laagste en het gemiddelde voorbeeldpercentage moeten worden weergegeven. De voorbeelden moeten namelijk een reële weerspiegeling zijn van de aard van de beleggingen en (met name) de daaraan verbonden risico’s.
Verbod en gebod
Het begrip ‘prognose’ wordt in de code verboden, omdat het ten onrechte de indruk wekt dat het mogelijk is verwachtingen uit te spreken over toekomstige rendementen. Verder dient elke uiting de mededeling ‘Aan voorbeelden kunnen geen rechten worden ontleend’ te bevatten. Tevens moet vermeld worden dat gebruikte rendementen uit het verleden geen garantie voor de toekomst inhouden en dat toekomstige rendementen kunnen fluctueren en afwijken van het in het voorbeeld gebruikte rendement.
Voorts moet een maatschappij de consument wijzen op het bestaan van de Verbond-brochure ‘Rendement en risico’, die elke maatschappij beschikbaar moet hebben. Als statistieken zijn gebruikt, dan moeten die opvraagbaar zijn. Zijn er geen statistieken gebruikt, dan moet de keuze voor de gehanteerde voorbeeldpercentages worden toegelicht.
Heus beseft dat er nogal wat eisen worden gesteld aan een uiting, wat bijvoorbeeld voor reclame en advertenties weleens op praktische bezwaren kan stuiten. “De code is niet zo hard dat deze louter geboden en verboden behelst. Het moet in de praktijk gaan leven en door jurisprudentie langzamerhand concreter worden. Ik kan me best voorstellen dat in sommige reclame-uitingen niet alle door ons gewenste zinnen worden opgenomen, maar dat die zinnen wel in brochure en offerte zijn terug te vinden. Waar het om gaat, is dat die reclame niet haaks staat op de brochure of de offerte. Dat kan pertinent niet!”
Onderschrijving
Het Verbond heeft aan alle aanbieders gevraagd de code ‘uitdrukkelijk en zonder voorbehoud’ te onderschrijven. Zij mogen vervolgens aan consument of intermediair melden dat hun uiting voldoet aan de code. Het Verbond mag (en zal) een lijst publiceren van alle maatschappijen die de code hebben onderschreven.
Heus verwacht dat alle maatschappijen ‘meegaan’. “In sommige gevallen kunnen er best praktische problemen ontstaan, met bijvoorbeeld nieuw gedrukte brochures. Maar principieel staat volgens mij iedereen achter de code.”
Vanaf 1 september a.s. moet alle reclame van de deelnemende maatschappijen in overeenstemming zijn met de code. Vanaf 1 januari 1997 moeten alle uitingen hieraan voldoen. Een onafhankelijke toetsingscommissie zal op de naleving van de code toezien. Hierin hebben in elk geval zitting mw C.C.M Groenewegen (Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting) en J. Hanekroot (ex-journalist van Het Financieele Dagblad). Gezocht wordt nog naar een derde lid, met een verzekeringsachtergrond. Het adres van de toetsingscommissie is: postbus 93450, 2509 AL Den Haag.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.