nieuws

CED Bergweg blijft zoeken naar partners

Archief

Schaalvergroting, dat is momenteel het codewoord bij CED Bergweg. Na een reorganisatie waarbij business- units zijn gevormd, de automatisering is geoptimaliseerd en daardoor met name het aantal binnendienstmedewerkers is afgenomen, wil algemeen directeur J.J. (Johan) Waaijer niets liever dan groeien, samenwerken en acquireren. Pijnlijk was het dan ook toen de overname van Van Ameyde onlangs plotseling werd afgeblazen.

CED Bergweg blijft zoeken naar partners
door Bart Mos
De expertisewereld heeft het zwaar. De schadefrequentie neemt af als gevolg van de succesvolle preventie-acties van verzekeraars. Verhalen over binnendiensten die de dagen doorkomen met het spelen van eindeloze klaverjasrondes zijn niet van de lucht.
Waaijer: “Dat is bij ons niet voorgekomen, hoewel we in de autobranche vlak na de afgelopen zomer een zwakke periode hebben gehad. Normaal gesproken heeft een expertisebureau het in de maanden september tot en met december het drukst. Maart en april zijn voor ons altijd rustige maanden. De opdrachten volgen al tien jaar een vaste curve. Om daar op in te spelen, beschikken we hier in de binnendienst over zestig hoog opgeleide flexibel-inzetbare werknemers die we kunnen oproepen zodra de werkdruk begint toe te nemen.”
De oorzaak van het bestaan van deze pieken en dalen schrijft Waaijer voor een deel toe aan de weersomstandigheden en voor een andere deel aan het uitbestedingspatroon van de maatschappijen. “Als hun eigen experts op vakantie zijn, dan merken wij dat onmiddellijk aan het aantal opdrachten.”
Auto is pijler
CED Bergweg ontstond in 1990 uit een fusie tussen de Centrale Expertisedienst, eigendom van een groot aantal verzekeringsmaatschappijen, en het expertisebureau Bergweg Michels. De belangrijkste pijler van CED Bergweg is de auto-expertise. Het zorgt voor ongeveer de helft van de omzet van het bedrijf. Volgens Waaijer is het makkelijker om aan te geven welke verzekeraars er niet deelnemen in CED Bergweg dan zij die aandeelhouders zijn. “Zwolsche Algemeene, Centraal Beheer en Nationale-Nederlanden nemen niet deel in ons bedrijf”. In totaal beschikt het expertisebedrijf over zo’n honderd aandeelhouders (maatschappijen, volmachtbedrijven en assurantiekantoren).
De onderneming kwam volgens Waaijer, die in 1992 aantrad, niet sterk uit de fusie tevoorschijn. “Meestal tracht je in een fusie de sterke punten naar voren te laten komen, maar bij CED-Bergweg ontstond er na de fusie juist een soort inertie. Iedereen stond een beetje bewegingloos naar elkaar te kijken.”
Waaijer licht toe dat bijvoorbeeld eerst werd geprobeerd om dubbelfuncties, die het gevolg waren van het samenvoegen van beide bedrijven, geleidelijk af te bouwen. “Dat bleek niet goed te lopen. Daarom hebben we, nu ruim drie jaar geleden, besloten om duidelijke structuren in het bedrijf aan te brengen waardoor we het met minder mensen aankunnen. Dankzij de invoering van het nieuwe geautomatiseerde systeem hebben we een behoorlijke daling in de personeelslasten kunnen realiseren, vooral binnen. Vroeger zat er bij de gemiddelde expertise-onderneming achter elke buitendienstmedewerker één binnendienstmedewerker. Nu hebben we op twee mensen buiten één mens binnen. Volgens mij kan die verhouding overigens nog verder verbeterd worden.”
De tijd van bewegingloosheid is definitief voorbij, zegt Waaijer. “De organisatie is nu gevormd zoals zij moet zijn. Dankzij de vorming van business-units sinds afgelopen januari is er duidelijkheid in de organisatie. We werken met de volgende business units: ‘voertuig en techniek’, ‘brand/varia’, ‘personenschade’ en het onderzoeksbureau Cobb.”
“Afgelopen jaar hebben we dankzij de efficiency-slag aan onze opdrachtgevers een bonus kunnen uitkeren. Dat is in de geschiedenis van deze onderneming en haar voorgangers nog nooit gebeurd. Voor het lopende jaar zal dit overigens naar verwachting opnieuw plaatsvinden.”
Krimpende markt
Als marktleider met een groot aandeel in auto moet CED Bergweg, gezien de marktontwikkelingen, met een probleem zitten.
“In de automarkt is inderdaad sprake van een krimpende markt. We hebben een landelijke dekking en dat doen we met zo’n tachtig auto-experts. Dat apparaat levert een bepaalde kostprijs op. Zodra we het met minder experts zouden moeten doen, wordt de afstand die zij moeten afleggen groter waarmee eveneens de kostprijs toeneemt. Daarom is het zo belangrijk dat onze schaalgrootte toeneemt.”
De schaalvergroting van CED Bergweg moet volgens Waaijer bereikt worden door samenwerkingsvormen, autonome groei en acquisitie. Deze laatste vorm van schaalvergroting had enkele maanden geleden gestalte moeten krijgen met de overname van Van Ameyde. Met de overname zou het marktleiderschap van CED Bergweg, met nu zo’n 30% van de expertise-markt in handen, bestendigd zijn. Na de overname zou het marktaandeel neerkomen op 40%. Op het laatste moment ging het hele verhaal niet door. Het afblazen was het gevolg van een negatief advies van de ondernemingsraad, aldus verklaarde Van Ameyde.
“Dat is óók een lezing”, zegt Waaijer. Volgens hem was de overname in werkelijkheid op een haar na een feit. “Van Ameyde en ons bedrijf waren het al eens. We hadden al heel veel stappen gezet in de richting van een overname. Vervolgens bleek plotseling dat de belangrijkste opdrachtgever van Van Ameyde niet akkoord ging. Voor ons was Van Ameyde op dat moment een lege dop.”
De dwarsliggende opdrachtgever in kwestie was Zwolsche Algemeene. ZA is samen met Stad Rotterdam goed voor zo’n tachtig procent van de opdrachten die Van Ameyde krijgt.
“Waarom zij niet akkoord gingen? Ik weet het niet. Misschien lag het in de persoonlijke sfeer of vond men daar dat ze te laat waren geïnformeerd. Wellicht hadden ze een rol in het overnamespel willen spelen en konden ze dat op dat moment niet meer. Blijkbaar heeft men gedacht: als we geen rol kunnen spelen, dan doen we niet mee.”
Dat hebben jullie dus verkeerd ingeschat.
“Dat weet ik niet, maar ik zat ook niet aan die kant van de tafel. Het was niet onze opdrachtgever en wij waren dus niet de partij om een gesprek te entameren, hoewel ik er wel op heb aangedrongen. Ik heb ook wel een aantal gesprekken gehad met Zwolsche Algemeene, maar ja, in welk stadium? Zwolsche Algemeene heeft blijkbaar gevoeld dat het een voldongen feit was en alleen nog de keuze had om te klappen of te fluiten.”
Waaijer vindt het erg jammer dat de overname niet is doorgegaan “Het was zonde van de energie die zowel CED Bergweg als Van Ameyde er in hebben gestopt.”
Voorlopig wordt er niet meer met Van Ameyde over samenwerken gesproken. “Eerst moet het stof neerdwarrelen. Het liefst zou ik alsnog willen samenwerken met een andere partij, want met nog iets meer volume zouden we wat aan de tarieven kunnen doen.” Waaijer laat zich ontvallen dat er momenteel op dit gebied gesprekken worden gevoerd, maar wil daar nog geen namen bij noemen.
De kritiek vanuit de expertisebranche op het gebrek aan marktleiderschap bij de grote expertisebureaus, wuift Waaijer weg. “Wij zijn het enige expertisebureau dat aan produktontwikkeling doet in de autobranche. Daarvoor hebben we ‘Ace’ ontwikkeld, een vooruitstrevend produkt met toepassing van moderne technieken. Bovendien zijn we heel erg actief met produktontwikkeling bij brand, waar we overigens geen marktleider zijn.”
Kat op het spek
Het idee dat auto-experts, gezien de stand der techniek, niet meer naar een schade toe zouden hoeven, noemt Waaijer “een idee-fixe van een aantal mensen”.
“Okee, één op één expertise is niet meer nodig, maar indien de expert helemaal niet meer naar de reparateur toe gaat, bind je de kat op het spek.”
Waaijer vergelijkt de auto-expert op dit punt met een accountant. “Bij een goedkeurende accountantsverklaring van een bedrijf verwacht iedereen dat de accountant daar werkelijk is geweest, dat hij bepaalde boeken heeft ingezien en daar vervolgens voor tekent. Waarom zouden wij de reparateurs dan niet hoeven controleren? Omdat zij zo verschrikkelijk eerlijk zijn, en altijd precies doen wat ze gezegd hebben?”
“Natuurlijk kunnen we allerlei moderne hulpmiddelen inzetten. Ook in de accountancy zijn de controles een stuk efficiënter geworden. Er zitten niet meer hele volksstammen te vinken. Maar de fysieke controle, die blijft.”
Bij CED-Bergweg zijn controles op reparaties deels afhankelijk van de kwaliteit van de reparateur. Deze kwaliteit houden ze sinds twee jaar voor ieder reparatiebedrijf in Nederland bij. “In onze database stoppen we per jaar zo’n tweehonderdduizend waarnemingen die we doen in reparatieland. Daarbij wordt bijvoorbeeld vastgelegd hoe het bedrijf is ingericht, wat de aard van de reparatie is en hoe de reparateur calculeert. Aan de hand van die gegevens bepalen we wat voor expertise we doen.”
De bedrijven zijn in categorieën van A tot en met E ingedeeld. “Categorie A doet alles goed, van repareren tot calculeren. De laatste categorie, E, neemt echt een loopje met de zaak. Daar wordt dus fysieke expertise toegepast.”
Niet kapot van
Het recente onderzoek van het Nederlands Instituut Van Register Experts (Nivre) naar de expertisemarkt en het profiel van de gemiddelde expert heeft weinig indruk op Waaijer gemaakt. “Ik was er niet bepaald kapot van, maar heb er wel hartelijk om kunnen lachen. In het profiel van de gemiddelde expert heb ik maar weinig kunnen herkennen. Behalve de nutteloze vragen die er gesteld werden, stond ik behoorlijk te kijken van het gemiddelde salaris. Dat was wel erg hoog. Ook zou de doorsnee expert een autotelefoon in z’n bezit hebben. Nou, die heeft hij bij ons niet en daar zijn wij geen uitzondering in. Het onderzoek was volgens mij weinig a-select. Men heeft gewoon een aantal Nivre-leden ondervraagd. Dat komt ongeveer op hetzelfde neer als in de Kuip gaan vragen wat ze daar van Feijenoord vinden. Overigens niets ten nadele van het instituut Nivre, want de oprichting hiervan was een grote stap in de richting van de verdere professionalisering van het vak.”
Johan Waaijer (50) is zelf niet afkomstig uit de expertisebranche. Vóór zijn komst in 1992 naar CED-Bergweg was Waaijer algemeen-directeur van de Viewgroep Benelux, bestaande uit een uitgeverij, een direct-marketingbureau en een marktonderzoekbureau. Daarvoor was hij bij Dun & Bradstreet directeur projectonwikkeling Europa ten behoeve van de ontwikkeling van nieuwe produkten op het gebied van management-service in Europa. Waaijer volgde een HBO/Universitaire opleiding op het gebied van automatisering en organisatie.
Johan Waaijer: “Zwolsche Algemeene had een rol in het overnamespel willen spelen”.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.