nieuws

C-agent vangt bot; geen ruimte voor meewegen persoonlijke omstandigheden

Archief

Een man die slechts over het C-diploma beschikte, had op 26 maart vorig jaar bij de SER het verzoek ingediend om afgifte van een verklaring van vakbekwaamheid als bedoeld in artikel 36 van de Wet Assurantiebemiddelingsbedrijf (Wabb). Immers, op 1 april 1995 zou het C-register worden afgeschaft en zou hij zijn bemiddelingsactiviteiten niet mogen voortzetten.

Op 18 april 1995 besliste de SER afwijzend op het verzoek en enkele maanden later werd ’s mans bezwaarschrift ongegrond verklaard. Hij wendde zich daarop tot het College van Beroep voor het bedrijfsleven, dat onlangs tot een uitspraak kwam.
De appellant (geboren in 1940) had van 1 januari 1984 tot en met 31 december 1990 gewerkt bij een administratiekantoor dat als nevenactiviteit een assurantiepraktijk had. De betrokken man verzorgde deze verzekeringsportefeuille. Sinds maart 1991 runt hij een eigen assurantiekantoor, aanvankelijk met een D-inschrijving. Op 2 juni 1992 had de man het assurantiediploma C (Verzekeringsagent) behaald. Sinds 28 juli 1992 was hij ingeschreven in register C bij de SER. In verband met de afschaffing van het C-register per 1 april 1995 verzocht hij om afgifte van een verklaring van vakbekwaamheid als bedoeld in artikel 36 van de Wabb ten einde in het Wabb-register ingeschreven te kunnen worden. In genoemd artikel is evenwel de eis vervat (onderdeel b) dat de aanvrager van zo’n verklaring gedurende 10 jaar onafgebroken in het C-register is ingeschreven als zelfstandig tussenpersoon danwel als feitelijk leider van een ingeschreven niet-natuurlijke persoon. Ook wordt vereist (onderdeel c) dat de betrokkene een regelmatige bemoeienis op het gebied van levensverzekeringen heeft gehad alsmede (onderdeel d) tenminste 10 jaar in het bezit is van het C-diploma.
Uitzondering onmogelijk
De Commissie Bezwaarschriften van de SER had er in haar advies van 4 juli 1995 op gewezen, dat er in het kader van een verklaring van vakbekwaamheid aan àlle vereisten van art. 36 Wabb moet worden voldaan.
“De Wabb biedt niet de mogelijkheid om van deze cumulatief gestelde, strikte vereisten af te wijken. In de oordeelsvorming over het al dan niet verlenen van de gevraagde verklaring is geen ruimte voor het laten meewegen van persoonlijke omstandigheden van de aanvrager, hoe belangrijk of ingrijpend die ook zijn.” De man voerde bij het College van Beroep aan, dat hij voorafgaande aan de opheffing van het register C per 1 april 1995 gedurende 10 jaren de feitelijke leiding heeft uitgeoefend over assurantiebedrijven. Hij heeft in de jaren tachtig geen prikkel gehad om het C-diploma te behalen, omdat de eigenaar van het administratiekantoor waar hij werkte een B-inschrijving had. “Had ik toen geweten dat aan het 10-jarig bezit van het C-diploma later, onder een nieuwe wet, belangrijke gevolgen zouden worden verbonden, dan was ik tijdig gaan studeren om het C-diploma te verkrijgen. Gezien mijn leeftijd (55) zie ik er nu geen heil meer in te gaan studeren en examen te doen voor het B-diploma. Een eerdere poging dit diploma te behalen, is mislukt. Overigens ben ik wel bereid een vakbekwaamheidsproef af te leggen.”
Aantrekkelijke combinatie
De man vervolgt zijn pleidooi: “In 1991 heb ik een administratiekantoor overgenomen. Voor mijn cliënten verzorg ik de boekhouding en bemiddel ik in het kader van verzekeringen. Deze combinatie is commercieel gezien zeer aantrekkelijk. Ik haal een groeiend deel – nu 50% – van mijn inkomsten uit de verzekeringen. Ik heb er daarom groot belang bij, dat ik mijn werkzaamheden op het gebied van verzekeringen in volle omvang kan voortzetten.”
Beoordeling
Het College van Beroep stelt vast, dat appellant niet voldoet aan de in art. 36 genoemde eisen.
“De stelling van appellant dat hij, omdat de wet pas op 1 april 1991 van kracht is geworden, niet tijdig heeft kunnen onderkennen wat hem te doen stond om te voldoen aan de vereisten voor een verklaring van vakbekwaamheid op grond van artikel 36 van de wet kan aan dit oordeel niet afdoen”, aldus het College. “Artikel 36 van de wet is een overgangsbepaling die beoogt slechts die personen te begunstigen die – kort gezegd – sinds 1 april 1985 met een bepaalde graad van vakbekwaamheid, blijkend uit een diploma, het assurantiebemiddelingsbedrijf in volle omvang hebben uitgeoefend. Appellant behoort niet tot die in artikel 36 omschreven kring”. Het beroep wordt derhalve ongegrond verklaard. (College van beroep voor het bedrijfsleven, nr 95/1215/021/001)

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.