nieuws

Bijdrage aan Luxemburgs staatspensioen is geen inkomen

Archief

Premiebijdrag aan de Luxemburgse staatspensioenregeling worden volgens de Nederlandse fiscale regels niet gezien als inkomen uit werk en woning. Dat heeft de rechtbank in Den Haag eerder dit jaar bepaald.

Door Alfred Lagendijk en Fai Cheung
De zaak (uitspraak was 11 juli 2006) handelt over een in Nederland wonende vrachtwagenchauffeur, die voor een in Luxemburg gevestigd transportbedrijf werkt. Hij is in Luxemburg sociaal verzekerd (op basis van de EU-verordening 1408/71) en neemt deel aan de Luxemburgse ‘Pensionkasse’.
Dit betreft een pensioenregeling die onderdeel is van het Luxemburgse sociale zekerheidsstelsel. De regeling staat open voor de Luxemburgse beroepsbevolking. De uitvoerder is een publiek lichaam, dat onder toezicht van de Luxemburgse regering staat.
Het geschil
Onduidelijk in de zaak is of de vrachtwagenchauffeur ook feitelijk werkzaamheden in Luxemburg verricht. Aangezien niets wordt genoemd over enige vorm van dubbele belasting, wordt aangenomen dat de arbeidsinkomsten volledig in Nederland zijn belast.
Het fiscale geschil is of bij de bijdragen voor de Luxemburgse staatspensioenregeling sprake is van premies volksverzekeringen of premies pensioenregelingen. Inhet laatste geval is de vraag of er al dan niet sprake is van een zuivere pensioenregeling, een regeling derhalve die voldoet aan de Nederlandse fiscale eisen. Die kwestie is vervolgens cruciaal om te bepalen of er al dan niet sprake is van een aftrekbare pensioenbijdrage. Immers, wil de chauffeur de betaalde premies fiscaal in aftrek brengen, dan moet sprake zijn van een pensioenregeling die voldoet aan de Nederlandse fiscale voorwaarden.
Geen volksverzekering
De Haagse rechtbank oordeelt dat er sprake is van een pensioenregeling en niet van een volksverzekering. Als reden geldt dat er rechten zijn toegekend aan werknemers. Belangrijk hierbij is dat ingezetenen van Luxemburg die geen werknemer zijn en niet-ingezetenen die niet aan de loonbelastingwetgeving zijn onderworpen, geen rechten ontlenen aan de verzekering waarvoor de premies zijn voldaan. Althans, verweerder heeft niet gesteld dat dit wel het geval is.
De Luxemburgse pensioenregeling kwalificeert volgens de Haagse rechtbank als een (zuivere) pensioenregeling in de zin van artikel 18 van de Wet loonbelasting. De pensioenaanspraak behoort niet tot het inkomen uit werk en woning en de betaalde eigen bijdrage behoort niet tot het loon.
Dit oordeel is onder andere gebaseerd op het gegeven dat de jaarlijkse aanspraken de Nederlandse fiscale grenzen niet overschrijden en het pensioen niet afgekocht mag worden. Er is volgens de rechtbank sprake van een pensioenregeling die in overeenstemming is met de wettelijke bepalingen van de loonbelasting.
Verzekeraar
Voordat een regeling als zuiver kan worden aangemerkt, moet eveneens sprake zijn van een ‘kwalificerende’ verzekeraar in de zin van artikel 19a van de Wet op de loonbelasting 1964 (wet LB). In de onderhavige situatie was er echter geen sprake van zo’n verzekeraar. Dat de pensioenaanspraken niet zijn verzekerd bij een naar Nederlandse maatstaven kwalificerende verzekeraar, kan evenwel volgens de rechtbank – onder verwijzing naar het Europese arrest ‘Danner’ – aftrek van de pensioenpremies niet belemmeren.
In het Danner-arrest oordeelde het Hof van Justitie het volgende: “Artikel 49 EG verzet zich tegen een fiscale regeling van een lidstaat die de mogelijkheid beperkt of uitsluit om premies voor vrijwillige pensioenverzekering die aan in andere lidstaten gevestigde pensioenverstrekkers zijn betaald, voor de toepassing van de inkomstenbelasting af te trekken, terwijl wel de mogelijkheid wordt geboden om dergelijke premies af te trekken wanneer zij aan in eerstgenoemde lidstaat gevestigde instellingen zijn betaald, indien deze regeling niet tegelijkertijd de belastbaarheid van de door deze pensioenverstrekkers betaalde pensioenen uitsluit”.
Vanuit Nederlandse fiscale optiek leidt ‘Danner’ niet tot onvoorwaardelijke aftrek van buitenlandse pensioenpremies. Naast de kwalificatie van de verzekeraar moet er immers nog steeds sprake zijn van een pensioenregeling die aan de Nederlandse fiscale criteria voldoet. Dit betekent onder andere dat de aanspraak binnen de grenzen van de Wet op de loonbelasting moet vallen en dat de aanspraken bijvoorbeeld ook niet afgekocht mogen worden. Daar was in onderhavige situatie kennelijk sprake van. Het belang van ‘Danner’ ligt in het gegeven dat, indien aan alle overige Nederlandse fiscale criteria wordt voldaan, de kwalificatie van de verzekeraar niet meer relevant is.
Toepasbaarheid
Fiscale geschillen rond buitenlandse pensioenregelingen betreffen meestal werknemers die tijdelijk in Nederland werkzaam zijn en gedurende die Nederlandse periode de buitenlandse pensioenregeling voortzetten. Om te beoordelen of de pensioenopbouw voor de omkeerregel in aanmerking komt, moet de pensioenregeling worden beoordeeld. Is die volgens Nederlandse maatstaven ‘zuiver’, dan komt de pensioenopbouw voor de omkeerregel in aanmerking.
Het probleem is dat nagenoeg alle buitenlandse pensioenregelingen niet voldoen aan de Nederlandse fiscale wet- en regelgeving. De pensioenaanspraak behoort in dat geval tot het inkomen uit werk en woning. Om toch een belastingfaciliteit te kunnen claimen, moet de buitenlandse pensioenregeling worden aangewezen, in de zin van artikel 19d onderdeel c van de Wet LB. De voorwaarden voor een dergelijke aanwijzing zijn aangegeven in een Besluit van 24 september 2002 (CPP2002/1640M).
Ten aanzien van de kwalificatie van de verzekeraar kan in genoemde situatie wel een beroep worden gedaan op artikel 19a eerste lid onderdeel c van de Wet LB. Er is op basis van de wet al sprake van een kwalificerende verzekeraar, waardoor een beroep op het Danner-arrest niet nodig is.
Pensions & Actuarial Services van PricewtaerhouseCoopers.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.