nieuws

Bij Chubb komt droom Boeziek uit

Archief

Volgende week vrijdag (jawel, de dertiende!) wordt in Hoofddorp de eerste paal geslagen voor het nieuwe hoofdkantoor van de Nederlandse vestiging van Chubb Insurance Company of Europe. Dit betekent opnieuw een mijlpaal voor directeur Charles Boeziek, die tien jaar geleden als ‘man van buiten’ het vertrouwen van de Amerikaanse Chubb-top kreeg om hier een filiaal op te zetten.

 
door Richard Vroom
Toen de 24-jarige Charles Boeziek in 1969 bij assurantiemakelaardij Langeveldt, De Vos en De Waal in Amsterdam aan de slag ging, trof hem de aanblik van een afdeling waar de medewerkers “in rijen van twaalf” bezig waren met het opmaken van polissen. “Het eerste wat ik dacht, was: dat kan niet voor mij zijn weggelegd om dit mijn hele leven te doen.”
Boeziek besloot daarom al snel om zich op assurantiecursussen te storten om carrière te kunnen maken in de bedrijfstak die hem als zodanig best aansprak. Hij liep wel eens te dagdromen hoe mooi het zou zijn om ooit een eigen verzekeringsmaatschappij te kunnen oprichten. “Maar ja, daar komt het natuurlijk nooit van”, dacht hij. Maar het kwam er wél van. Als stafmedewerker van Blom & Van der Aa, moest hij in 1987 voor een grote Nederlandse klant een post onderbrengen bij de Chubb Insurance Company in Brussel. Daar ving hij op, dat het Amerikaanse concern overwoog een eigen vestiging in Nederland te stichten. Boeziek: “Toen heb ik meteen gezegd: als jullie in Nederland gaan beginnen, dan ben ík jullie man”.
Boeziek ging naar allerlei zaken informeren en manoeuvreerde zich in een positie waarin Chubb niet meer om hem heen kon. Daarmee werd hij de eerste niet-Amerikaan en tevens de eerste niet-Chubb-medewerker die een nieuwe vestiging mocht opzetten.
Dichtbij de beurs…
Chubb vestigde zich in het Rotterdamse World Trade Center, want als industriële brandverzekeraar moet je natuurlijk dicht bij een assurantiebeurs zitten. Het had Boeziek overigens raadzamer geleken om in Amsterdam neer te strijken, maar de keuze voor Rotterdam stond al vast voordat hij gewicht in de Chubb-schaal kon leggen.
Wat echter ook hem verbaasde, was het feit dat de vestiging in het Rotterdamse WTC-gebouw er niet toe leidde dat Chubb regelmatig aanloop kreeg van beursbezoekers. “Wij dachten ‘de vloer’ niet echt nodig te hebben, maar hoewel het slechts een kwestie was van even in de lift stappen, kwamen de mensen toch niet naar boven. Ja, behalve als ze er ‘beneden’ niet meer uitkwamen, dan namen ze wel de lift, maar dan ging het meestal om business die je liever kwijt dan rijk was.” Dus werd in 1991 alsnog een unit op de Rotterdamse beursvloer geopend, net als op de Amsterdamse beurs waar Chubb wel veel zaken deed. Meer dan 70% van de premie-omzet kwam uit Amsterdamse (beurs)regionen. Dat verbaasde Boeziek niet, want hoewel Rotterdam ook enkele grote makelaardijen kende, heeft Amsterdam er meer en daarnaast ook tal van vooraanstaande middelgrote assurantiemakelaars. Bovendien wordt de bedrijvigheid in de Rotterdamse regio gedomineerd door de petrochemische industrie, en dat is juist een bedrijfstak waarin Chubb niet actief is. Kortom, er was geen dwingende reden om in Rotterdam te blijven zetelen.
Het gevolg was dat Boeziek mocht uitkijken naar een locatie in de regio Amsterdam. Op grond van tal van economische afwegingen kwam hij uit bij het kantoorgebouw Antares in Hoofddorp. De omstandigheid dat Boeziek zelf in Hoofddorp woont, maakte deze keuze bij menigeen enigszins ‘verdacht’, maar Boeziek houdt het op een volstrekt economische keuze. Het feit dat zijn Amerikaanse chairman volgende week de eerste paal komt slaan voor een nieuw kantoorpand in Hoofddorp geeft aan, dat de concerntop nog immer achter deze vestigingsplaats staat.
Expansie wereldwijd
De Chubb-groep wil vertegenwoordigd zijn in, zoals Boeziek het zegt, “alle landen die handel met elkaar drijven”. Voorts moet in het jaar 2000 ten minste een kwart van het premie-inkomen (nu in totaal 5 miljard dollar) afkomstig zijn van buiten Amerika. Vijf jaar later moet dat tot éénderde gestegen zijn.
De grondslag voor Chubb werd gelegd in 1882. Het concern laat zich voorstaan op een uitstekende financiële positie, die bekroond is met de kwalificatie A++ (superieur) volgens AM Best Rating en een ‘Triple A’ volgens Standard & Poor’s.
Het concern opent zo’n tien kantoren per jaar. Behalve het noorden van Europa, waar Boeziek nauw bij de expansie betrokken is, ontplooit Chubb zich onder meer ook in Zuid-Amerika en het Verre Oosten, met name China. “We hebben de universiteit van China opgeknapt en hebben daar nu ook een eigen opleidingsinstituut.”
Tien-jarenplan
Boeziek heeft in 1989 bij zijn superieuren een tien-jarenplan ingediend. Het plan was erg globaal, maar de cijfers waren per jaar concreet ingevuld. “Mijn premie-verwachtingen zijn tot nu toe elk jaar vrij nauwkeurig uitgekomen. Ik zat er altijd slechts twee ton onder of twee ton boven. Ze dachten weleens dat ik business liep tegen te houden, om maar dicht in de buurt van mijn prognose uit te komen.”
Over 1997 kwam Boeziek wat lager uit dan hij midden vorig jaar verwachtte, hetgeen hij toeschrijft aan het instorten van de ‘brandmarkt’. Toch zit hij met het premie-inkomen van f 55 miljoen nog goed op schema om in 2000 uit te komen op de door hem nagestreefde f 100 mln. De start van Chubb in Nederland werd qua omstandigheden gekenmerkt door een plus en een min. De plus was dat Boezieks ‘begingroep’ voornamelijk bestond uit oude rotten in het vak. Een minpunt was, dat de Amerikaanse verzekeraars hier destijds in het algemeen gesproken niet zo’n beste reputatie hadden als het ging om de continuïteit. “We hadden toch wel een jaar of vijf nodig om het vertrouwen van de markt te winnen. Gelukkig waren er weinig wisselingen in het management en konden we mede daardoor een stabiele portefeuille opbouwen.” Boeziek vermeldt trots dat de Nederlandse vestiging tal van jaren binnen de Chubb-organisatie de prijs van het beste kantoor heeft gewonnen. Daarbij wordt gekeken naar de premiegroei, de beheersing van de kosten en het schadepercentage. “En over 1997 zitten we er zeker weer dichtbij”, weet hij.
De brandmarkt
Boeziek maakt zich echt zorgen om de industriële brandmarkt. Dat geldt in de eerste plaats niet eens voor het gegeven dat de premies tot een volgens hem belachelijk laag niveau zijn gedaald, maar voor wat hij noemt, de opkomst van de ‘omgekeerde j.o.-clausule’.
“Vroeger zaten de bedrijven drie tot zes jaar vast aan een verzekering en kon de verzekeringsmaatschappij eventueel jaarlijks opzeggen. Nu zie je steeds meer contracten waarbij de verzékeraar voor drie tot zes jaar aan de premie vastzit en de klant jaarlijks kan opzeggen als ie elders goedkoper terecht kan. En de maatschappijen mogen volgens sommige makelaarspolissen niet eens opzeggen bij capaciteitsgebrek noch op grond van een slecht schadeverloop. Waar ga je dan naartoe, als je als verzekeraar vijf jaar aan een premie vastzit? Dit is echt een heel zorgelijke ontwikkeling.” Toch wil Boeziek dit jaar een groei van 25% in brandpremie boeken. “We gaan alle registers opentrekken”, zegt hij strijdlustig. “Ik wil toch aan mijn superieuren bewijzen dat het best kan.”
Bestuurdersaansprakelijkheid
Behalve in brandverzekeringen speelt Chubb een vooraanstaande rol in de aansprakelijkheidsverzekering voor bestuurders en commissarissen. In 1993 introduceerde de maatschappij een nieuwsbrief over voorgevallen schades op dit terrein, omdat er in de kranten weinig over dat soort kwesties werd gepubliceerd. “Veel klanten zagen de risico’s niet en redeneerden: wij maken geen fouten. Die nieuwsbrief was een mooie verkoopondersteuning voor de wat kleinere assurantiemakelaar.”
Het medium bestaat inmiddels niet meer, omdat de bekendheid van de bestuurdersaansprakelijkheid nu voldoende groot is. Het is voor Boeziek momenteel eerder een aandachtspunt om voldoende gekwalificeerd personeel in dit segment in te kunnen zetten dan om productie te genereren. “Daarom zijn we ook op dit punt bezig met interne opleidingen. Wij denken daarbij vooral aan mensen van de HES, die een jaarverslag kunnen lezen.”
Millennium
Chubb is in ons land veruit marktleider in de beroepsaansprakelijkheidsverzekering voor automatiseringsbedrijven. De vraag dringt zich uiteraard op, wat dat betekent in het licht van de ‘jaar 2000-problematiek’.
Boeziek: “Wij zijn wereldwijd aan het bekijken hoe we als Chubb met dat millenniumprobleem moeten omgaan. Daarover zal binnenkort op centraal niveau een standpunt worden bepaald. Dat is voor ons inderdaad een hot issue. We zullen in elk geval aan de verzekerden en de makelaars duidelijkheid moeten bieden.”
Taxatie-abonnement
Om onderverzekering bij grote brandklanten tegen te gaan, introduceerde Chubb in 1991 in samenwerking met Troostwijk een taxatie-abonnement. De kosten van de eerste taxatie waren (tot maximaal f 30.000) voor rekening van Chubb. Vervolgtaxaties (voor het op peil houden van de verzekerde som) waren voor rekening van de klant. Dit aanbod gold voor verzekerde bedrijven met een jaarpremie van minimaal f 25.000 bij een contractstermijn van drie jaar.
“Die mogelijkheid van een taxatie-abonnement bestaat nog steeds, maar de voorwaarden zijn wel wat aangescherpt. Het aanbod geldt alleen nog voor verzekeringen met Chubb-voorwaarden, dus niet meer voor makelaarspolissen, want dan krijg je toch een wildgroei. Onze eigen voorwaarden kennen wij natuurlijk het beste. Dus als er twijfel over de dekking bestaat, hebben we dat dan aan ons zelf te wijten.” Overigens als Chubb in ons land een schade van pakweg een paar ton of meer wil afwijzen, dan dient Boeziek het dossier eerst aan het Amerikaanse hoofdkantoor voor een ‘instemmende’ handtekening voor te leggen. Immers Hendon Chubb (1874-1960) heeft als adagium gesteld, dat het herhaaldelijk voorkomt dat de rechtvaardigheid vereist “dat wij een morele verplichting erkennen die verder gaat dan de louter wettelijke bepalingen”.
Spreiding prolongaties
In 1994 kwam Chubb met een bijzondere vorm van premiekorting. Omdat er in de maanden december en januari jaarlijks sprake is van een hausse aan prolongaties, werd met het oog op spreiding van werkdruk (en het op geringere schaal hoeven inhuren van uitzendkrachten) een beloning uitgeloofd voor prolongatie buiten genoemde maanden. De premiekorting kon daarbij oplopen tot maximaal 2,5%.
Dit idee is niet erg succesvol gebleken, laat Boeziek desgevraagd weten. “Er hebben wel enkele grote klanten dankbaar gebruik van gemaakt, maar de meeste bedrijven wilden om interne (boekhoudige) redenen vasthouden aan prolongatie bij de jaarwisseling.”
Masterpiece
Chubb heeft in de afgelopen tien jaar in ons land vooral een reputatie opgebouwd in de industriële brandverzekering. Vorig jaar kwam de maatschappij ineens met veel tamtam met een product voor de particuliere markt: Masterpiece. Met deze gecombineerde opstal-, inboedel-, avp- en kostbaarhedenpolis richt Chubb zich op de vermogende particulieren.
De wereldwijde dekking wordt als all-risks bestempeld. “Alle risico’s zijn gedekt, waaronder de bij andere maatschappijen standaard uitgesloten risico’s als aardbeving en overstroming. Ook, wat wij noemen, de ‘kale’ vermissing is gedekt.” Een grote advertentiecampagne in min of meer sjieke tijdschriften en in de vakbladen, heeft zowel bij de doelgroep als bij het intermediair de beoogde belangstelling gewekt. “Naast onze bestaande relaties, hebben zich ongeveer honderd assurantietussenpersonen tot ons gewend die serieus in Masterpiece geïnteresseerd zijn.”
Charles Boeziek: “Wij hadden toch wel een jaar of vijf nodig om het vertrouwen van de markt te winnen”.
Charles J. Boeziek (52) is geboren en getogen in Amsterdam. Na de HBS, militaire dienst en enkele baantjes, kwam hij in 1969 in dienst bij Langeveldt De Vos en De Waal in het roemruchte gebouw De Walvis in Amsterdam. Aanvankelijk werkte hij op de afdeling polisopmaak brand. In 1972 stapte Boeziek over naar Dorens en De Waal waar hij verantwoordelijk werd voor de assuradeurenafdeling en zich bezighield met brandacceptatie en transport. In 1981 trad hij in dienst bij Blom & Van der Aa met verantwoordelijkheid voor de afdeling Brandmakelaardij. Sinds 1988 is hij letterlijk en figuurlijk de eerste man van Chubb in ons land. Hij heeft inmiddels tevens tot taak kantoren te helpen opzetten in Denemarken, Zweden, Noorwegen en Finland. In zijn vrije tijd kent Boeziek absoluut geen verveling, want hij is jazzpianist in een eigen combo en als er niets te musiceren valt, zet hij zich achter de schildersezel om landschappen op het doek vast te leggen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.