nieuws

Bedrijfspensioenfondsen in verzet tegen concept financiering Maav

Archief

De voorgestelde financiering van de onderlinge waarborgmaatschappij Maav, in 1994 ingesteld als vangnet voor zware risico’s m.b.t. de wao-gatverzekering, heeft veel weerstand opgeroepen bij de Vereniging van Bedrijfspensioenfondsen.

De Vereniging voor Bedrijfspensioenfondsen meent, dat de particuliere verzekeraars de pensioenfondsen willen laten opdraaien voor de verliezen van de Maav. Op grond van het jaarverslag 1994 van de Maav zouden de aanbieders van wao-gatverzekeringen gezamenlijk f 58,9 miljoen moeten ophoesten.
Voorgeschiedenis
De onderlinge waarborgmaatschappij Maav is door het parlement ‘afgedwongen’ tijdens de wao-debatten in 1993. De toen aangenomen Wet Medefinanciering aanvullende arbeidsongeschiktheidsverzekeringen (Maav) leverde de grondslag voor de onderlinge op. De maatschappij zou moeten fungeren als (eenmalig) vangnet voor mensen die nergens voor een overzienbare premie een wao-gatverzekering zouden kunnen sluiten. Het ging hierbij vooral om chronisch zieke werknemers en zelfstandigen die voorheen een vrijwillige wao-verzekering hadden.
De in verzekeringstechnisch opzicht zware risico’s zouden maximaal 2,5 maal de standaard premie gaan betalen. Omdat op voorhand vast stond, dat het premie-inkomen verre van toereikend zou zijn, werd vastgelegd dat de tekorten zouden moeten worden gedragen door alle aanbieders van wao-gatverzekeringen. In tegenstelling tot de meeste prognoses, bleef het aantal mensen dat bij de Maav aanklopte, tamelijk beperkt. Het aantal aangevraagde offertes bleef steken op 4.000, hetgeen resulteerde in iets minder dan 1.200 polissen.
Arbitrage
De bedoelde aanbieders moesten zich in het voorjaar van 1994 bij de onderlinge Maav aanmelden. Geregistreerd werden 71 particuliere verzekeraars en 138 pensioenfondsen (waaronder 37 bedrijfspensioenfondsen).
Pensioenfondsen en verzekeraars konden het vervolgens onderling niet eens worden over de verdeling van de lasten. Daarom moest de Verzekeringskamer een wettelijk voorziene Vereveningsinstantie in het leven roepen. Als leden werden benoemd prof. G.W. de Wit (voorzitter), prof. dr G.W. Goslings en de actuaris P. van Yperen.
Onderbouwing
Prof. De Wit is onaangenaam getroffen door de kritiek van de Vereniging van Bedrijfspensioenfondsen. “Wij hebben een poging gedaan om die voorgestelde verdeling van de bijdragen kwantitatief te onderbouwen. Voor ons was van doorslaggevend belang: waar komen die verzekerden van de Maav eigenlijk vandaan?”
Voor het allergrootste deel van de Maav-verzekerden heeft de Vereveningsinstantie de ‘herkomst’ kunnen vaststellen. Conclusie: verreweg de meesten horen nergens bij. Ze kunnen niet aan de pensioenfondsensfeer worden toegeschreven noch aan die van de particuliere verzekeraars. “Ze komen bij wijze van spreken van de straat”, aldus De Wit. Hij wijst er op, dat zijn commissie niet méér of minder doet dan de wet uitvoeren. Wie kritiek heeft op bepaalde onderdelen van de wet, moet daar nu niet bij hem mee aankomen. “Er staan wel meer dingen in wetten waar ik het niet mee eens ben, maar dat is op dit moment niet aan de orde. We moeten uitvoeren wat de wet aangeeft.”
Jaarlijkse verrekening
De Vereniging van Bedrijfspensioenfondsen stelt, dat de Maav in strijd met de wet een verevening van alle toekomstige tekorten in één keer opgelegd zou willen zien, terwijl dit op jaarbasis zou moeten gebeuren.
De Maav heeft hierover eind oktober vorig jaar aan de bedrijfspensioenfondsen tekst en uitleg gegegeven. “Dat in de Wet Maav en de Memorie van Toelichting een jaarlijkse verrekening van het tekort voorop heeft gestaan, is het gevolg van de toentertijd verwachte omvang van de onderlinge waarborgmaatschappij, die, naar wij nu weten, ver is achtergebleven bij de verwachtingen”, schreef zij. De Maav herinnerde voorts aan overleg op het ministerie van sociale zaken en werkgelegenheid. Dat overleg leerde, dat indien in de wet sprake is van een jaarlijkse omslag, dit op zich niets zegt over de hoogte van die jaarlijkse omslag. “Eenmaal een noemenswaardig bedrag door een eenmalige afrekening, gevolgd door een jaarlijkse heffing van f 0,00 is niet in strijd met de wet.”
Terug bij af?
Het definitieve advies van de Vereveningsinstantie zal vrijwel zeker deze maand gepubliceerd worden. Wat er gebeurt als een (belangen)groep van meebetalers de voorgestelde vereveningsregeling afwijst? “Ja, dan zijn we terug bij ‘Af’. Verzekeraars en pensioenfondsen zullen dan weer samen om de tafel moeten gaan zitten”, aldus De Wit.
Prof. G.W. de Wit: verreweg de meeste verzekerden hoorden nergens bij.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.