nieuws

Auda(k)let(s), of het sprookje van Groot-kapje en de Wolf

Archief

In het AssurantieMagazine van 28 mei jl. staat een interview met de nieuwe voorzitter van het College van Advies van Audalet, Berth Groot. Volgens de auteurs van onderstaande reactie viel daarin diverse stellingen over het computerprogramma van Audalet te lezen die bedoeld leken te zijn om een reactie uit te lokken van de zijde van belangenbehartigers van ongevalsslachtoffers.

door Gijs Verkruisen en Bert Pals
Berth Groot bracht zijn Audalet-boodschap statig en zwaar. Hieronder volgt enige lichtvoetige tegenspraak; als uitnodiging tot een (meer) serieuze discussie over de eisen waaraan een adequaat schadeberekeningsprogramma dient te voldoen.
In het genoemde interview, een mengeling van onjuistheden en propaganda, stelde Groot onder meer het volgende: 1. het Audalet programma zou marktbreed zijn geaccepteerd; 2. er zouden zoveel personen bij het vaststellen van de inhoud van het model betrokken zijn dat het programma wel erg goed moest zijn; 3. het programma zou een “neutrale standaard” bieden voor de berekening van de schade van slachtoffers; 4. het programma zou niet primair een programma van en voor verzekeraars zijn.
In het onderstaande zullen deze stellingen één voor één worden besproken. Allereerst dient echter te worden vastgesteld dat het Audalet-concept waarbij naast verzekeraars ook enkele belangenbehartigers van ongevalsslachtoffers mogen meepraten er op het eerste gezicht heel vriendelijk en Nederlands uitziet. Een fraai staaltje ‘poldermodel’. Echter, als personen en instellingen met een duidelijke maatschappelijke taak zich laten inkapselen en gebruiken door personen en instellingen met een tegengestelde maatschappelijke taak, dan verwordt zoiets al snel tot een ‘koldermodel’. Zo’n situatie doet een beetje denken aan een experiment dat eens door Wim Kan werd beschreven voor het in één hok houden van wolven en schapen: “Dat lukte uitstekend, maar het kostte wel erg veel schapen”.
Wij lopen door de stellingen van Groot aan de hand van enkele relevante Amerikaanse aforismen. Ook op dat punt kunnen wij nog leren van de overzijde van de oceaan.
Who travels with wolves will learn to howl Groot stelt in het interview dat het Audalet-programma marktbreed geaccepteerd zou zijn omdat er naast verzekeraars ook belangenbehartigers in het College van Advies zitten. Deze stelling is niet alleen feitelijk onjuist, maar bovendien erg naïef. Al vele jaren is het onder professionele belangenbehartigers duidelijk dat Audalet, indertijd opgericht door een groot aantal verzekeraars, behoefte heeft aan een schaamlap. Een schaamlap die wordt gevormd door belangenbehartigers die voor de kwetsbare plek gaan staan zodra er van slachtofferzijde wordt betoogd dat Audalet de belangen van slachtoffers niet voldoende serieus neemt. Echter, zoals wij reeds sinds oud-testamentische tijden weten, neemt een schaamlap de zonde niet weg maar wordt deze er slechts schaars door bedekt. Zo ook nu.
Nu zijn er in belangenbehartigersland altijd weer partijen te vinden die koste wat kost vrienden willen worden en blijven met hun natuurlijke tegenspelers, de assuradeuren. Dat is op zichzelf vreemd, want het is niet de maatschappelijke taak van belangenbehartigers van slachtoffers om kameraadschappelijke relaties met aansprakelijkheidsverzekeraars op te bouwen. Het is de maatschappelijke taak van belangenbehartigers om het B vanzelfsprekend met inachtneming van de benodigde wellevendheid en met respect voor de persoon en de positie van de tegenspeler B met assuradeuren oneens te zijn; oneens over vrijwel alles, voorzover de positie van de eigen cliënt daarom vraagt.
Het is een misvatting te denken dat de positie van het slachtoffer wordt bevorderd door structureel vriendjes te willen worden met de wederpartij. Who lies down with dogs gets up with flees vonden Amerikaanse letselschade-advocaten al enkele decennia geleden uit. Het schisma in de LSA tussen slachtofferadvocaten aan de ene kant en advocaten van assuradeuren aan de andere kant maakt duidelijk dat dit besef ook in ons land zolangzamerhand breed is doorgedrongen. Men vindt de categorie van vriendjes-willen-worders overigens vooral onder niet-advocaten. Dat is op zichzelf ook wel logisch, want een niet-advocaat moet noodgedwongen vooral de wederpartij overtuigen, een advocaat uiteindelijk slechts de rechter.
A camel is a horse designed by a committee In het AM-artikel legt Groot uit dat de inhoud van het Audalet-programma wordt bepaald door een commissie van dertig (ja, u leest het goed: dertig!) personen: het College van Advies. Kennelijk heeft Audalet bij het samenstellen van de commissie veel oog gehad voor kwantiteit. De impliciete boodschap van deze mededeling van Groot lijkt evenwel te zijn dat het met de kwaliteit daarom ook wel goed zit. Het is evenwel bekend dat geldt: The bigger the committee the more awkward the horse.
Wij hebben getracht ons voor te stellen hoe dat bij het ontwerpen van het rekenmodel van Audalet in zijn werk gaat. Als wij uitgaan van de veronderstelling dat je één hele computerprogrammeur nodig hebt om het programma te schrijven en bij te houden, dan zitten er bij Audalet dus 29 personen om die ene programmeur heen. En al die 29 personen hebben hun eigen B vaak tegengestelde B opvattingen en die zitten daarover met elkaar te kletsen, en te argumenteren en te praten. Gezamenlijk instrueren ze op die wijze de programmeur over wat hij wel en niet in zijn programma moet opnemen en op welke wijze dat dient te worden uitgewerkt. Nog een wonder dat er überhaupt een Audalet-programma ís. Men moet toch aannemen dat die arme programmeur semi-permanent in de Ziektewet zit: ‘Help dokter, ik voel mij niet goed, ik werk bij Audaklets!’
Het moet duidelijk zijn dat een procedure waarbij dertig verschillende personen gezamenlijk de taak hebben om één samenhangend complex van problemen te exploreren, te analyseren en in een computerprogramma te verwerken gedoemd is om te blijven steken in grove algemeenheden en vage uitkomsten.
Om diezelfde reden laten wij op onze universiteiten het onderzoek voor één dissertatie vrijwel altijd uitvoeren door één onderzoeker. En altijd weer zijn er promotoren die zich laten verleiden om meerdere personen tegelijk toe te staan om één dikke, complexe dissertatie te schrijven. En altijd weer eindigt dat zonder noemenswaardig resultaat. Hoe zou dat gaan als je dertig niet-wetenschappers vraagt een complex wetenschappelijk probleem samen te vatten in een werkend computerprogramma?
Kennelijk heeft men bij Audalet nu ontdekt dat het paard wel erg vreemd en mager is en dat het beest bovendien op zijn rug rare bobbels vertoont. Uit het College van Advies van dertig personen heeft men daarom nu een Technische Commissie samengesteld, zo vertelt Groot ons in het interview. Die Commissie bestaat uit zeven personen. Het resultaat zal ons benieuwen.
The truth in science cannot be uncovered by the raising of hands In het interview stelt Groot dat het Audalet-programma voorziet in een “neutrale standaard” voor de berekening van inkomensschade, waardoor de discussie bij het regelen van schades voortaan kan gaan over de uitgangspunten en niet meer over de rekenmethodiek.
Waaraan dient een ‘neutrale standaard’ voor het berekenen van letselschades te voldoen? Allereerst behoort het model waardevrij te zijn, in die zin dat het alle variabelen bevat die een aantoonbare rol spelen bij het ontstaan van een verschil in inkomen en vermogen tussen de persoon die wel een ongeval heeft doorgemaakt en degene voor wie dat niet geldt. Daar het bij het berekenen van toekomstschade gaat om feiten en waarschijnlijkheden die in de toekomst liggen, dient een ‘neutrale standaard’ bovendien de mogelijkheid te bieden om de rekenkundige consequenties zichtbaar te maken van waarschijnlijke toekomstige veranderingen, bijvoorbeeld in de fiscale sfeer.
Het gaat erom vast te stellen op welke wijze men het meest adequate model van de werkelijkheid zonder ongeval verkrijgt: door wetenschappelijk onderzoek, of door het tellen van de stemmen. Erwin Krol en zijn collega-metereologen weten het antwoord. Zij trachten vandaag het weer van over een halve week te voorspellen door middel van wetenschappelijke theorieën die voortdurend worden getoetst; immers, niets is zo praktisch als een goede theorie!
Zoals wij zien, maakt het Audalet-college bij het ontwerpen en toetsen van zijn model daarentegen een klassieke vergissing. In plaats van een zeer beperkt aantal wetenschappers uit te nodigen om een aantal theoretische en methodologische vragen te beantwoorden, denkt men dat men de vermogensrechtelijke schade van slachtoffers kan onthullen door er een dertigtal niet-wetenschappers over te laten praten en stemmen. Galileï heeft reeds moeten ervaren hoe pijnlijk en hoe funest het is wanneer men het slachtoffer is van een niet-wetenschappelijk forum dat door middel van handopsteking meent te kunnen bepalen wat wetenschappelijk juist is en wat niet.
Never let some nasty facts get in the way of a good opinion Groot weerspreekt de stelling van Pals dat het Audalet-model primair een programma van verzekeraars is. Hij gaat echter niet in op het hoofdargument voor die stelling. Namelijk, het argument dat het niet in het belang van verzekeraars is om een schade correct uit te kunnen rekenen. Immers, indien men bij het berekenen van een personenschade alle factoren betrekt die een schade-verhogende invloed hebben, dan heeft dat over de volle breedte van de schadelast voor assuradeuren een opdrijvende invloed. En dat is nu precies de reden waarom wij het voorspellen van het weer niet overlaten aan een comité van strandtenthouders. Die moeten in staat worden geacht om een diepe depressie ter hoogte van de Doggersbank over het hoofd te zien, omdat het hun commerciële belang is om ons er allen van te overtuigen morgen toch vooral massaal op het strand door te brengen.
Laten wij naar de feiten kijken en bezien of Groot gelijk heeft met zijn opvatting dat het Audalet-programma niet een ‘verzekeraarsprogramma’ is. Het onderstaande is een opsomming van zestien factoren waarvan bekend is dat zij relevant (kunnen) zijn bij het bepalen van een vermogensrechtelijke schade van een ongevalsslachtoffer en die derhalve onontbeerlijk zijn in een programma dat op correcte wijze de schade van een slachtoffer berekent. De lijst is in drie delen onderverdeeld. Allereerst volgt een aantal variabelen waarvan het op correcte wijze berekenen noch in het voordeel van het slachtoffer, noch in dat van de verzekeraar is. Daarna volgt een variabele die, indien correct berekend, in het voordeel van de verzekeraar is en, tenslotte, volgt een lange lijst berekeningscomponenten waarvan het in het voordeel van het slachtoffer is indien zij op de juiste wijze in een schadeberekening worden opgenomen.
In het overzicht wordt in de eerste kolom kort de factor waarom het gaat, aangeduid; in de tweede kolom wordt aangegeven of deze berekeningscomponent in het Audalet-programma aanwezig is. Wij zijn bij het samenstellen van de lijst uitgegaan van enkele recente Audalet-berekeningen waarover wij de beschikking hebben. Variabele Aanwezig in Audalet-programma Neutrale berekeningsmogelijkheid; geen bevoordeling van één der partijen Invoeren van rendementspercentage en inflatiecorrectie ja Bruto-netto inkomensberekening ja Specificatie IB- en VB-schade ter controle nee Kapitaalsmutatiemethode met en zonder sterftekans berekenen nee Afronden berekening ter illustratie schatting nee Berekeningsmogelijkheid ten voordele van assuradeuren Berekenen op basis van (waarschijnlijk) fiscaal regime 2001 nee Berekeningsmogelijkheid ten voordele van slachtoffers Automatisch berekenen I.B.-schade over te behalen rendement nee Automatisch berekenen V.B.-schade nee Pensioenpremie werknemersdeel buiten beschouwing laten en netto inkomen vermeerderen met werkgeversdeel nee Welvaartscorrectie (periodieke procentuele verhoging netto inkomen zonder ongeval doordat lonen meer stijgen dan uitkeringen) nee Berekenen en hanteren van gemiddelde rendementsrente, omdat niet ieder jaar maximale rente mogelijk is nee Berekenen van vermogensbelastingschade over afnemend kapitaal nee Koopsom lijfrente berekenen nee Koopsom partner, indien nodig nee Terugkapitaliseren naar ongevalsdatum vlg. HR 17-10-1997 nee Berekenen vertragingsrente vanaf ongevalsdatum nee Duidelijke toelichting grondslagen en uitleg van berekeningsmethode nee
Het bovenstaande overzicht is onthullend. De erin voorkomende zestien berekeningsvariabelen vormen op dit moment tezamen een adequate dekking van de juridisch relevant factoren die bij het berekenen van een personenschade een rol spelen. Van deze zestien variabelen worden er door het Audalet-programma slechts twee überhaupt berekend of geproduceerd; hoezo een ‘standaard’? Als wij daarnaast kijken in wiens voordeel het zou zijn om deze variabelen wél in een berekening op te nemen, dan is overduidelijk dat het vrijwel uitsluitend variabelen zijn die ten voordele van het slachtoffer werken die in het Audalet-programma zijn weggelaten; hoezo ‘neutraal’?
Kennelijk zijn de verzekeraars in Audalet en haar commissies niet alleen voortdurend in de numerieke meerderheid geweest, ook hebben de belangenbehartigers van slachtoffers blijkbaar onvoldoende weerwerk kunnen bieden aan hetgeen verzekeraars over het berekenen van schade hebben betoogd. Recentelijk vatte de advocaat van enkele Nederlandse assuradeuren met een geamuseerde glimlach op zijn gezicht tegenover één van ons samen hoe men een ongevalsslachtoffer en zijn belangenbehartiger dient te behandelen. Men doet dat door middel van de z.g. mushroom method. En wat houdt deze champignon-methode in? Keep them in the dark and feed them with shit, zo sprak de raadsman. Is onze voorzichtige conclusie gerechtvaardigd, dat de verzekeraars met deze methode bij het bepalen van de inhoud van het Audalet-programma weer eens uitstekend zijn geslaagd?
directeur van het Verkruisen Instituut voor Actuariële Schadeberekeningen (Vias). Dr. L.H. Pals is voormalig directeur van de Pals Groep. Hij is nu verbonden aan het Vias.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.