nieuws

Atoompool zoekt nieuwe deelnemers

Archief

De Nederlandse Pool voor Verzekering van Atoomrisico’s is op zoek naar nieuwe deelnemers. Hoewel alle grote schadeverzekeraars al in de pool zijn vertegenwoordigd, vindt de nucleaire verzekeraar de capaciteit nog te klein.

Voor de verzekering van atoomrisico’s werden zo’n veertig jaar geleden wereldwijd nationale pools opgericht die met elkaar voldoende capaciteit moesten opbrengen om zware nucleaire risico’s te verzekeren. Uitgangspunt daarbij was dat elke pool uitsluitend de netto tekencapaciteit van de nationale markt bundelt en dat als herverzekeringscapaciteit aan de andere pools aanbiedt. Daarmee hebben verzekeraars de garantie dat bij elke nucleaire ramp de aansprakelijkheid is beperkt tot het maximale risico dat zij via de nationale pool lopen. De Nederlandse Atoompool is een van de in totaal dertig nucleaire pools.
Kanaliseren
Aanzet voor de internationale opzet van de atoomrisicoverzekering waren de verdragen van Parijs en Wenen, die begin jaren zestig werden gesloten. In deze verdragen werd gesteld dat de kernexploitant, met uitsluiting van ieder ander, aansprakelijk is voor alle kernongevallen waarbij zijn installatie betrokken is. “Het belang van het kanaliseren van nucleaire aansprakelijkheid naar de exploitant mag niet worden onderschat. De verzekeringsklanten die in hun eigen polissen vaak uitsluitingen hebben voor schade als gevolg van kernreacties, kunnen op die manier toch een volledige schadevergoeding krijgen als zich een kernramp voordoet”, zegt Jutte, manager van de Atoompool.
Het bestuur van de Nederlandse pool bestaat uit vertegenwoordigers van de deelnemende verzekeraars met Jan Steenman (directievoorzitter De Europeesche) als voorzitter. Verder zijn manager Tom Jutte en twee administratieve medewerkers bij de pool betrokken. De pool is een vereniging met verzekeraars als deelnemers, die de enige aandeelhouder is van de BV Bureau van de Nederlandse Pool voor verzekering van Atoomrisico’s. Dit bureau heeft een volmacht om atoomrisico’s te tekenen tot de door elke verzekeraar individueel vastgestelde limieten. De directie van het bureau wordt dan weer gevoerd door de Vereenigde Assurantiebedrijven Nederland (VAN), waarvan onder meer de Bavam deel uitmaakt.
Cijfers
In het jaarverslag van de atoompool zijn cijfers ver te zoeken. Desgevraagd kan Jutte toch wat kerncijfers geven. “Het premievolume bedraagt zo’n ( 13 tot 14 mln. De meeste premie komt van risico’s in het buitenland. Het totale verzekerde bedrag waarvoor de Pool in het buitenland risico draagt, is voor materiële schade ruim ( 1,5 mld en voor aansprakelijkheid ruim ( 1,8 mld.”
Jan Steenman: “De schadefrequentie is wereldwijd heel laag, maar als er iets fataals gebeurt,kan het hele grote schadegevolgen hebben. Daarom wordt het verzekeren van atoomrisico’s ook internationaal aangepakt”. De Nederlandse pool heeft een – klein – aandeel in de risico’s die verschillende andere pools aanbieden, waarbij de Japanse atoompool de grootste klant is. “Dat aandeel in een Japanse kerncentrale is zo’n 2%”, zegt Jutte. “Wanneer er dus in Japan schade is die verband houdt met kernenergie, dan dragen wij het risico voor 2%”.
Onderhandelingen zijn gaande over het aanpassen van de wettelijk maximale limiet waarvoor verzekeringsdekking moet worden geboden. In Nederland is dit maximum momenteel ( 750 mln. De verwachting is dat de limiet zal stijgen tot zo’n SDR 450 mln (Special Drawing Rights). Dat is ongeveer ( 1,4 mld. Dat betekent dat verzekeraars meer capaciteit ter beschikking moeten stellen. “En dat is ook nodig, willen wij het poolsysteem in stand kunnen houden”, zegt Steenman. De bijdrage die de Nederlandse pool nu aan het internationale systeem levert, is niet groot. “Verzekeraars zijn terughoudend in het verstrekken van capaciteit, maar er blijft in kernenergie geïnvesteerd worden. Dat moet je onder controle houden. De capaciteit moet dus omhoog om de risico’s voldoende te kunnen afdekken”, aldus Jutte.
Nederland is met acht verzekerde nucleaire installaties maar een kleintje in de wereld van de kernenergie. “Van het brutopremie-inkomen dat die acht Nederlandse instellingen opbrengen, gaat een groot percentage als herverzekering naar de collega-pools. Omgekeerd zijn wij als Nederlandse pool bij veel buitenlandse risico’s betrokken – zij het met kleine aandelen – en krijgen dus vrij veel premie uit het buitenland. Als er een overschot is, wordt dat meteen voor 100% doorgesluisd naar de deelnemers, die een groot deel daarvan als calamiteitenreserve aanhouden. Het atoomrisico is het enige risico waarvoor de verzekeraars voor zeer lange tijd zo’n reserve mogen aanhouden”, zegt Jutte.
Meer deelnemers
Een andere optie om de totale capaciteit verder te vergroten, is de deelname van meer verzekeraars. “Op dit moment is, gerekend naar premievolume, 80% van de schadeverzekeraars vertegenwoordigd in de pool. Maar wij willen graag naar 100%”, stelt Jan Steenman. “We hebben nu een te geringe capaciteit, zeker met het oog op de uitbreiding die er gaat komen op het gebied van aansprakelijkheid, zoals verhoging van de limieten en uitbreiding van het begrip schade. Een ander onderwerp dat speelt, is de druk op de premies.” Die wordt mede veroorzaakt door nieuwe spelers op de atoomverzekeringsmarkt: het Europese Emani en Neil uit de Verenigde Staten, die als Oneil vanuit Ierland Europa bestookt. Volgens de Atoompool een slechte zaak, niet alleen vanwege de lagere premies, maar ook omdat bij deze onderlinge verzekeraars het solvabiliteitsrisico groter is. Ook ontbreekt soms de technische kennis waarover de Pools beschikken. Verder moet bij een kernramp een buitenlandse verzekeraar de schaderegeling verzorgen. Niettemin hebben vijf Duitse kerncentrales dit jaar het poolsysteem ingeruild voor Oneil en Emani.
Zorgverzekeraars
De Nederlandse Atoompool is meestal betrokken bij nucleaire schades in de rest van de westerse wereld. “Maar we spelen ook een rol bij bijvoorbeeld de berging van de Koersk. Die wordt door Nederlandse bedrijven uitgevoerd; zorgverzekeraars vragen aan ons of wij iets kunnen betekenen. Tenslotte loopt iemand stralingsgevaar en dat is weer uitgesloten in ziektekostenpolissen”, zegt Jutte.
Juist de verzekeraars die zich uitsluitend bezig houden met zorgverzekeringen vormen de belangrijkste groep afwezigen in de pool. “Dat komt voornamelijk doordat het fenomeen zorgverzekeraar nog relatief jong is. De Atoompool bestaat al sinds 1958. Pas sinds een jaar of vijftien zijn er verzekeraars gekomen die zich puur toeleggen op zorgverzekeringen; zij zijn niet op de hoogte van het bestaan van de Atoompool”, legt Jutte uit
Een verzekeraar die zich puur op zorgverzekeringen richt, moet formeel van de Pensioen- en Verzekeringskamer wel vergunning hebben om – via de Atoompool – aansprakelijkheid en brand te verzekeren. “Dat zal echter geen enkel probleem opleveren”, aldus Jutte.
Jan Steenman (links) en Tom Jutte (rechts): “Zorgverzekeraars weten vaak niet van het bestaan van de Atoompool”.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.