nieuws

Arag: liever advocaten contracteren dan advocatenmonopolie afschaffen

Archief

Rechtsbijstandsverzekeraars kunnen, om de advocatenkosten in de hand te houden, beter tariefcontracten sluiten met advocatenkantoren dan zelf als rechtsbijstandverlener op te treden in processen waarin nu de advocaat een monopolie heeft.

Dit betoogde mr P. Heuperman, algemeen directeur van Arag Rechtsbijstand, in een voordracht voor het Verzekerings Centrum Amersfoort (VCA).
Daarmee wijkt zijn visie af van het officiële standpunt van de afdeling Rechtsbijstand van het Verbond van Verzekeraars. Die heeft ervoor gepleit dat het procesmonopolie van advocaten wordt afgeschaft. De reden voor deze wens is, dat verzekeraars in bepaalde processen niet om de advocaat heen kunnen en zij de advocatentarieven erg hoog vinden en niet calculeerbaar vanwege de onevenredige verhogingen. Ook de overheid streeft naar verruiming van het procesmonopolie om de prijs van rechtsbijstand te drukken en rechtshulp voor meer mensen bereikbaar te maken.
Het thema van de bijeenkomst van het VCA was: ‘Advocatuur en rechtsbijstandverzekering’. De andere spreker naast Heuperman was advocaat mr H. Wiarda, deken van de orde van advocaten in het arrondissement Utrecht. Hij uitte een standpunt dat in grote lijnen overeenkwam met de visie van Heuperman.
Advocatennetwerk
In 1993 heeft Arag met het oog op inschakeling van advocaten een advocatennetwerk samengesteld waarin 26 gerenommeerde kantoren, verspreid over het land, opgenomen zijn. Arag heeft daarbij voor bepaalde zaken de advocaatskosten vooraf gecontracteerd.
Heuperman, die zelf advocaat geweest is, is van mening dat afschaffing van het procesmonopolie van advocaten niet zal leiden tot het beoogde doel: betaalbare rechtshulp mogelijk maken voor de rechtzoekende.
De Nederlandse Orde van Advocaten heeft een duidelijk systeem van opleiden en begeleiden dat een zekere waarborg betekent voor de kwaliteit van de dienstverlening, stelt Heuperman. Tot behoud van die kwaliteit heeft de organisatie bovendien tuchtrechtspraak.
“Bij het rücksichtslos afschaffen van het procesmonopolie zal duidelijk de kwaliteit onder spanning komen te staan, waarbij het nog maar de vraag is of uiteindelijk de kosten van rechtshulp ook zullen dalen”, stelt hij. “Er zijn situaties te bedenken dat juist het tegenovergestelde effect zal optreden”.
Onnodige kostenverhoging
Het procesrecht zal volgens hem moeten worden herzien. “Door de plichtplegingen die nu onderdeel zijn van de procesgang, wordt vaak een onnodige kostenverhogende factor toegevoegd aan de declaraties van de advocatuur”.
Hij is van mening dat het procesrecht in grote mate kan worden vereenvoudigd. Bij die vereenvoudiging moet volgens hem het procesmonopolie van de advocatuur worden afgeschaft of versoepeld op sommige gebieden waar dat monopolie niet noodzakelijk is.
Er zal altijd geregeld moeten worden welke beperkte groep de rechtzoekende in een proces zal mogen vertegenwoordigen en hoe de controle op deze vertegenwoordigers zal worden uitgeoefend. Dat leidt wellicht tot een nieuw monopolie van een ruimere groep, die misschien ook weer haar monopoliepositie gaat verdedigen zoals de advocaten dat nu doen.
De voorstanders van afschaffing van het totale procesmonopolie zullen volgens Heuperman moeten kunnen aangeven hoe de kwaliteit van de procesvoering en de controle daarop gewaarborgd zullen worden wanneer ‘iedereen’ de mogelijkheid krijgt om in processen op te treden.
Succes
De oplossing van Arag – een landelijk gespreid advocatennetwerk – is nu 1,5 jaar beproefd en functioneert met succes, aldus de directeur. Met de betrokken 26 advocatenkantoren sluit de rechtsbijstandverzekeraar een standaard jaarcontract. Het contract houdt in dat Arag tegen betaling van f 350.000 van deze kantoren mag verwachten dat zij in een jaar 125 zaken behandelen die alle een gemiddelde tijdsduur vergen.
Voor de consument heeft die regeling het voordeel dat hij naar een advocaat kan gaan in de nabijheid van zijn woonplaats. Voor de tussenpersonen is deze regeling een extra verkoopargument. “En Arag heeft in korte tijd gerealiseerd dat haar externe kosten weer beheersbaarder blijken te zijn, hoewel wij er nog lang niet zijn”, aldus Heuperman.
Ten aanzien van de toekomst stelde de directeur dat de advocatuur zich zelf beraadt over de wijze waarop zij aansluiting zal blijven vinden bij de consument en dat de nieuwe generatie advocaten bezig is met het commercialiseren van haar activiteiten. “Dit betekent ook dat meer advocatenkantoren de rechtzoekende vooraf inzicht willen geven in de hoogte van de advocatenkosten aan het einde van het proces”.
De discussie over het advocatenmonopolie die door de overheid is aangezwengeld zal zeker leiden tot een verruiming van de mogelijkheden om in een proces een rechtzoekende te vertegenwoordigen, vertrouwt Heuperman. “Dit betekent dat de procesgang in zekere mate zal worden vereenvoudigd”. Hij hoopt dat de overheid erop toeziet dat de kwaliteit en de controle op de kwaliteit gewaarborgd blijven.
Fundamentele tegenstelling
Advocaat mr H. Wiarda schetste de fundamentele tegenstelling tussen advocaten en rechtsbijstandverzekeraars. Beide categorieën verdienen aan rechtsbijstand, maar voor de advocaat is rechtsbijstand zijn brood en voor de verzekeraar is deze een schadepost. Vandaar de onderlinge verbondenheid van de twee groepen en hun permanente haat-liefdeverhouding.
De verplichte procesvertegenwoordiging (de plicht van iemand die een proces voert om zich te laten vertegenwoordigen en bijstaan door een advocaat of procureur) geldt in ons land uitsluitend voor civiele procedures bij rechtbanken, gerechtshoven en de Hoge Raad.
Volgens Wiarda moet het procesmonopolie van advocaten in stand blijven en dient de bevoegdheid tot procesvertegenwoordiging niet te worden uitgebreid tot andere rechtshulpverleners dan advocaten omdat geen van hen volledig voldoet aan de vier kwaliteitswaarborgen die de wet stelt aan de procesvertegenwoordiger: deskundigheid, tuchtrechtelijk toezicht, onafhankelijkheid (dient alleen het belang van zijn cliënt) en een wettelijk erkend en beschermd beroepsgeheim en verschoningsrecht.
Waarborg
“Verplichte procesvertegenwoordiging is een waarborg voor een eerlijk en doelmatig verloop van het proces”, aldus Wiarda.
Volgens hem dienen andere rechtshulpverleners en speciaal juristen van rechtsbijstandverzekeraars niet de mogelijkheid te hebben om te worden toegelaten tot de advocatuur, omdat bij hen de absolute onafhankelijkheid ontbreekt, “een van de wezenlijke waarborgen voor een onder alle omstandigheden zo optimaal mogelijke rechtshulp”.
Wiarda: “Het belang van de rechtsbijstandverzekeraars ligt ook niet in toelating tot de advocatuur of het verkrijgen van de bevoegdheid tot procesvertegenwoordiging op de beoogde terreinen. Hun belang ligt in het verkrijgen van betere mogelijkheden tot beheersing en beperking van de advocatenkosten; het probleem van de onvoorspelbaarheid en de oncalculeerbaarheid van de hoogte van advocatendeclaraties”.
Vijf voorwaarden
Dat probleem is volgens de advocaat voor een groot deel te ondervangen door het sluiten van contracten tussen rechtsbijstandverzekeraars en advocatenkantoren. Daartegen bestaat van de kant van de advocatuur geen bezwaar als die contracten voldoen aan 5 voorwaarden:
– de contracten mogen geen afbreuk doen aan het recht van de verzekerde om zelf een advocaat te kiezen;
– bij meningverschil tussen verzekerde en advocaat over de behandeling van de zaak moet verzekerde met een beroep op de geschillenregeling in de polis een andere advocaat kunnen raadplegen;
– de omvang van het contract mag niet zo groot zijn dat het betrokken advocatenkantoor in zijn bestaan afhankelijk wordt van de rechtsbijstandverzekeraar;
– de hoogte van de vergoeding aan het advocatenkantoor moet in redelijke verhouding staan tot de tijd die nodig is voor de behandeling van de zaak;
– de verantwoordelijkheid voor de behandeling van de zaak moet geheel berusten bij de advocaat.
Bij het contract tussen Arag en het advocatennetwerk bestond bij de advocatuur in het begin de vrees dat de betrokken kantoren zich met het contract te zeer afhankelijk zouden maken van de rechtsbijstandverzekeraars en dat de kwaliteit van de rechtshulp daardoor in het gedrang zou komen, aldus Wiarda.
Bij toepassing van de genoemde vijf waarborgen heeft de advocatuur geen bezwaar tegen deze vorm van contracteren.
Mr H. Heuperman: “Bij afschaffing advocatenmonopolie komt kwaliteit rechtsbijstand onder spanning”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.