nieuws

Aon heeft voorlopig genoeg van overnames

Archief

Aon Nederland is de afgelopen jaren uitgegroeid tot een organisatie die alle vormen van intermediaire dienstverlening op het gebied van risicomanagement, employee benefits en assurantiebemiddeling in huis heeft. Dat is niet in de laatste plaats te danken aan een reeks van overnames, waaraan met de overname van actuarieel adviesbureau Consultas deze week voorlopig een eind is gekomen. “We doen voorlopig geen grote overnames meer. Die kosten veel energie en tijd. Wij besteden die tijd liever aan de klant”, aldus directievoorzitter John van der Steen.

Door Rob van de Laar
De geschiedenis van Aon – het Keltische woord voor eenheid – in ons land gaat terug tot 1688, toen het Rotterdamse makelaarsbedrijf Van Heijningen werd opgericht. In de eeuwen erna volgden diverse fusies en overnames, die in 1972 leidden tot de vorming van de Hudig-Langeveldt Groep, die in 1991 werd overgenomen door Aon. Sinds 1997 gaat de Nederlandse poot van het concern, waaraan in 1996 Alexander & Alexander werd toegevoegd, door het leven als Aon Nederland.
Eerder dit jaar verhuisde het hoofdkantoor naar de Admiraliteitskade in Rotterdam. Dat betekende voor het makelaarsbedrijf min of meer een terugkeer naar zijn ‘roots’: het zeventiende-eeuwse Van Heijningen deed in schepenverzekeringen en vlakbij het huidige hoofdkantoor lag ooit de werf waar het schip De Zeven Provinciën (overigens één van de in totaal acht) werd gebouwd. In het pand wemelt het dan ook van de schaalmodellen van schepen uit vroeger tijden.
Aon telt in Nederland tien vestigingen en 1.450 medewerkers. Uit de bij de Kamer van Koophandel gedeponeerde cijfers blijkt dat Aon Nederland vorig jaar een nettowinst heeft geboekt van e 18,2 mln. De provisieomzet uit bemiddelingsactiviteiten wil Van der Steen niet noemen. Grof geschat bedraagt deze circa e 175 mln.
Risicomanagement
De activiteiten van Aon zijn ondergebracht in vier bedrijfsonderdelen. In Aon Risico Management zijn de beursactiviteiten ondergebracht, Aon Consulting richt zich op Employee Benefits en actuarieel advies, Aon Verzekeringen omvat het assurantiebemiddelingsbedrijf (particulier en mkb) en Aon Re houdt zich bezig met het bemiddelen in herverzekeringen. Deze laatste activiteit levert verreweg de minste omzet.
Het onderdeel Aon Risico Management is verantwoordelijk voor het grootste deel van de omzet en heeft zich de afgelopen jaren ontwikkeld van een makelaar tot een allround risicoadviseur voor bedrijven. In plaats van het bemiddelen bij het sluiten van een polis, worden door de achthonderd medewerkers nu veel meer activiteiten ondernomen, die erop zijn gericht de risico’s voor een onderneming zo adequaat mogelijk te beperken en beter te beheersen. “We zijn de enige die op deze manier werken”, aldus Van der Steen. “We houden ons bezig met het in kaart brengen, beheersen en financieren van risico’s voor bedrijven van de bovenkant tot het midden van de markt. Daaronder vallen naast de verzekeringsdienstverlening ook andere vormen van risicofinanciering en risk-consultancy. Maar we hebben ook captive-managers in huis voor bedrijven die risico’s voor eigen rekening nemen.”
Het accent is de laatste jaren verschoven van productverkoop naar advieswerkzaamheden. Bedrijven die via een captive zelf risico’s dragen, doen dat vaak met ondersteuning van Aon. “Het is altijd een combinatie. We bieden naast standaardoplossingen, ook oplossingen op maat, en treden als adviseur naar voren.” Het onderdeel Risicomanagement is in de loop der jaren verdeeld in klantgroepen, die zijn gesegmenteerd naar markt en omvang en aan de andere kant naar specialisme, zoals Aansprakelijkheid en Brand. “Daarbij hebben we ons internationale netwerk in een matrix ondergebracht, zodat we multinationals vanuit Nederland kunnen bedienen. Daarvoor hebben we global practice groups ingericht, waarin verschillende landen zijn vertegenwoordigd.”
Een voorbeeld van de omslag van makelaar naar risicoadviseur is de ontwikkeling van de Port Facility Security Toolkit (PFST). Deze software, die is ontwikkeld samen met de Rotterdamse haven en KPMG, kunnen havens wereldwijd gebruiken om te voldoen aan de nieuwe internationale beveiligingseisen die vanaf 1 juli volgend jaar gaan gelden voor het scheepvaartbedrijf.
Particulieren
Het onderdeel Aon Verzekeringen, verspreid over tien locaties, richt zich op particulieren en het mkb. Toch zal een particulier niet snel rechtstreeks een polis sluiten via Aon. “Wij benaderen particulieren voornamelijk via zogeheten affinity marketing. Wij benaderen de klant niet rechtstreeks, maar ontwikkelen producten voor branche- en beroepsorganisaties, bonden en verenigingen, franchiseketens en stichtingen. Als wij direct de particuliere markt op zouden gaan, concurreren we met direct-writers en tussenpersonen. Dat zou niet slim zijn om te doen. Overkoepelende organisaties hebben die contacten al.”
Terreurpool
Van der Steen loopt niet warm voor de oplossing die is gevonden voor de dekking van het terrorismerisico. De co-assurantiewereld heeft volgens hem weinig baat gehad bij de vorming van een terreurpool: “De oplossing van het Verbond is duidelijk gericht op de levenbranche en particuliere verzekeringen. Er is weinig aandacht voor de zakelijke markt en dan vooral de co-assurantiemarkt. Het gevolg is dat er verzekeraars zijn die verschillend met de terreurdekking omgaan. Daarnaast is er nu een verschil in dekking tussen Nederlandse risico’s en buitenlandse risico’s”.
Een ander nadeel van de pool is dat eventuele schadeafwikkeling veel tijd in beslag kan gaan nemen, denkt Van der Steen: “Daardoor kan uiteindelijk niet worden voorkomen dat klanten in financiële problemen komen.” Bij Aon heeft de mogelijkheid om polissen per 15 augustus op te zeggen niet geleid tot massale opzeggingen. “Maar we ondervinden veel administratieve rompslomp”, aldus Van der Steen.
Overnames
Aon is in ons land mede gegroeid door een reeks van overnames. De laatste jaren werden de portefeuilles overgenomen van onder meer sportspecialist Wannet, Fortis-dochter Bishopsgate (waarvoor Amev nu risicodrager is) en het actuarieel adviesbureau Consultas, dat deze week definitief werd overgenomen van ABN Amro. Voorlopig staan echter geen nieuwe overnames gepland. “Iedereen kijkt altijd naar overnamemogelijkheden, maar hele grote overnames leiden je van de klant af”, vindt Van der Steen. “Wij zijn nu aan het kijken naar de mogelijkheden om meer met onze collega’s in België en Luxemburg samen te gaan doen. Je ziet dat grote overnames bij andere bedrijven hebben geleid tot strubbelingen; daarnaast kost het allemaal veel tijd. Die tijd besteden wij liever aan onze klant. De kosten van het risicobeheersing zijn hoog geworden. Het is goed om samen met de klant te kijken naar de mogelijkheden van kostenvermindering. Wij kiezen nu in eerste instantie voor efficiency en professionalisme, de groei komt dan vanzelf.”
Geen risicodrager
In de Verenigde Staten is een bedrijfsonderdeel actief dat optreedt als risicodrager. In ons land zal Aon die rol niet gaan vervullen, ook niet in de huidige moeilijke omstandigheden op de herverzekeringsmarkt. “Je zou de vraag kunnen stellen of risicodragen behoort tot de kernactiviteiten van Aon”, zegt Van der Steen. Hij ziet vooral dekkingsproblemen in de markt voor aansprakelijkheid en voor niche-producten: “Daar kan het moeilijk zijn om passende markten te vinden. Ik wil er wel meteen bij opmerken dat de problemen van de huidige harde herverzekeringsmarkt gelden voor alle branches en met name voor ongevallen en aansprakelijkheid. Aan de ene kant zou Aon in de huidige marktomstandigheden als risicodrager dus soelaas kunnen bieden aan haar klanten. Aan de andere kant zouden wij op onze beurt echter geconfronteerd worden met een harde herverzekeringsmarkt. Ik zie daarom persoonlijk geen rol weggelegd voor Aon als risicodrager”.
Herverzekering
Onlangs bracht Aon een rapport uit, waaruit bleek dat de Europese herverzekeringsmarkt lagere premies verwacht voor short tail business, risico’s waarbij claims relatief snel bekend zijn en afgehandeld kunnen worden. “Ik denk dat het belangrijk is om te onderstrepen dat het onderzoek in een aantal Europese landen is gedaan, maar niet in Nederland. De eventuele premieverlagingen die verwacht worden hebben betrekking op catastrofedekkingen of eventueel particuliere werknemersverzekeringen. In het rapport wordt de verwachting uitgesproken dat herverzekeraars zich op andere gebieden hard blijven opstellen of zelfs harder worden. Voor catastrofedekkingen meldt het rapport dat wellicht voor sommige portefeuilles een (herverzekerings)premiedaling zou kunnen worden bereikt. Maar er moet niet meteen worden geconcludeerd dat klanten goedkopere catastrofedekking kunnen krijgen in 2004.”
Co-assurantie
Niet alleen de herverzekeringsmarkt maakt zware tijden door. Ook op de assurantiebeurs is het de laatste twee jaar uiterst moeilijk gebleken om risico’s tijdig en voor 100% onder te brengen. “De preventie-eisen blijven zeer streng. Ik betwijfel of we dit jaar weer een premieronde krijgen zoals de afgelopen twee jaar. Wij hebben steeds dekking kunnen krijgen voor onze klanten. Het verschil met vorige jaren is dat verzekeraars nu veel underwriting-informatie hebben en dat er veel is gedaan aan preventie. Voor brandrisico’s is er internationaal gezien sprake van een onvoorspelbare marktsituatie. Er is een zachter wordende tendens, die wellicht mogelijkheden biedt voor verbeteringen voor kwalitatief goede risico’s met een gunstig schadeverloop en een relatief groot premievolume.”
Op nationaal niveau is de markt nog steeds hard: “Verzekeraars boeken nog steeds slechte resultaten. Ze nemen ‘harde’ standpunten in ten aanzien van preventie-eisen en de opvolging daarvan. Ik voorzie nog grotere problemen dan vorige jaren voor sommige zware risicoklassen en slechts bij uitzondering verbeteringen.”
Voor aansprakelijkheidsrisico’s zal geen algemene ronde van premieverhogingen plaatsvinden, denkt Van der Steen. “Aansprakelijkheid blijft de moeilijkste markt. Kijk naar de uitsluiting van de dekking voor beroepsziekten en de beperking van de dekking voor vrije beroepen. Maar ik denk dat we de probleemgebieden zo langzamerhand wel hebben besproken in de markt. Ik voorzie niet dat er nog beroepsgroepen gaan komen die geen dekking meer kunnen krijgen zoals eerder dit jaar dreigde te gebeuren met de juweliersbedrijven.” “Wel zullen premies worden aangepast op basis van individuele resultaten. Ik denk dat er een verdere omslag komt naar het sluiten van ‘claims made’-polissen (alleen dekking voor schades die tijdens de looptijd aan het licht komen, red.).”
Overleg
Tussen de beursmakelaars onderling wordt weinig overlegd. Wel wordt samengewerkt in het bredere verband van de Vereniging Nederlandse Assurantie Beurs (VNAB). “In mijn ogen zijn de contacten goed”, zegt Van der Steen. “We zijn concurrenten, maar hebben respect voor elkaar. Op branchebrede onderwerpen, met name in VNAB-verband werken we goed samen, waarbij wij de belangen van de klant en de makelaars vertegenwoordigen. Ik vind wel dat de verzekeringsbranche erg op zichzelf is gericht. Er wordt veel met elkaar gepraat; ik vind dat we nu ook eens wat meer naar buiten moeten treden.”
Over premies en dekkingen wordt onderling niet gesproken: “Als je met elkaar praat, moet dat tot doel hebben de kwaliteit van de dienstverlening te verbeteren. Maar je moet niet gaan praten over prijzen en dekkingen”.
Van der Steen vindt het bestaan van een co-assurantiemarkt heel belangrijk voor ons land. “Als er maar één beursverzekeraar zou overblijven, dan zou dat slecht zijn. Ook als één verzekeraar de dekking zou verlenen op één programma, zou dat slecht zijn. Voor het behoud van een stevige financiële markt in ons land is het bestaan van de co-assurantiemarkt noodzakelijk. Dat neemt niet weg dat de technische resultaten van de verzekeraars niet zo best zijn. Als we uit die situatie willen komen, dan moeten we het met elkaar goed doen. De branche moet minder traditioneel met elkaar omgaan. Het mag niet zo zijn dat makelaars een verzekeraar gaan benadelen ten behoeve van de klant.”
Van der Steen ziet de verzekeraars die zich van de beurs hebben teruggetrokken, niet snel terugkeren. “De maatschappijen die zijn gebleven, hebben veel kennis van de markt en komen er wel uit. Er zijn natuurlijk veranderingen: de geclaimde bedragen in de aansprakelijkheidssfeer worden steeds hoger. Er ontstaat in ons land steeds meer een claimcultuur. Verder is er in de industrie veel aan riskcontrol gedaan. Dat moet gaan leiden tot kostenbeperking.”
Zeker is wel dat de fysieke co-assurantiemarkt in ons land ophoudt te bestaan. De Amsterdamse beurs sluit eind dit jaar haar deuren; Rotterdam zal binnen afzienbare tijd dat voorbeeld volgen. Medio september is e-ABS in gebruik genomen, het elektronische beurssysteem waarmee sinds kort schades worden behandeld en binnenkort ook risico’s geplaatst kunnen gaan worden. “Een fysieke beurs is niet meer houdbaar, ook niet in Rotterdam”, zegt Van der Steen. “Maar je moet elkaar wel kennen. Het is een misverstand dat men elkaar helemaal niet meer ziet door de komst van een elektronisch systeem. Toen de telefoon er kwam, schafte men toch ook niet meteen de koffie af omdat niemand meer bij elkaar langs zou gaan? Zo’n systeem is alleen maar een toevoeging die de snelheid en efficiëntie bevordert.”
WFD
De komst van de Wet Financiële Dienstverlening (WFD), die ook voor zakelijke verzekeringen gaat gelden, heeft bij Aon niet voor veel opschudding gezorgd. “Ik maak mij veel drukker om de ontwikkelingen in de markt. Aan de eisen van de WFD voldoen wij als grote makelaar al; ik vraag intern na of dat nog steeds zo is en verder hou ik mij daar niet mee bezig”, zegt Van der Steen.
Van der Steen vindt verzwaring van de kwaliteitseisen vanzelfsprekend: “In alle branches worden de kwaliteitseisen versterkt. Het intermediair loopt daarmee zeker niet voorop. De handel in effecten is ook aan vrij strenge regels gebonden. Het is een goede zaak dat men daarmee bezig blijft; het typische van Nederland is alleen dat het altijd in vergunningen wordt gegoten.”
Ook in de zakelijke verzekeringswereld spelen de zorgplicht en de aansprakelijkheid van makelaars een rol. “Dat heeft twee aspecten: ten eerste de financiële draagkracht van de verzekeraar en ten tweede de blootstelling van de makelaar aan aansprakelijkheidsrisico’s. Als individuele makelaar moet je ook kunnen kijken naar het risico voor de verzekeraar die dekking verleent. Dat is een belangrijk item geworden. Als maatschappij zoek je dan ook een makelaar die goed met dergelijke risico’s omgaat. Ik vraag me wel eens af of de kleine makelaars daar goed mee omgaan. Kunnen zij die aansprakelijkheidsrisico’s wel dragen?” [KADER]
John van der Steen (48) begon na zijn studie aan de HES als trainee bij ING. Daar bleef hij 25 jaar. “Ik ben altijd met klanten bezig geweest. Voor mij is het menselijke aspect heel belangrijk. Ik zie nog steeds elke dag een klant. Ik wil weten wat er speelt bij klanten.” Van der Steen vindt makelen leuker dan bankieren. “Je speelt aan twee kanten; enerzijds je klanten en anderzijds heb je de verzekeraars.”
John van der Steen: “De verzekeringsbranche moet meer naar buiten treden”.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.