nieuws

Afsluitprovisie

Archief

De (afsluit)provisie is onderwerp van een doorlopende discussie die af en toe in hevigheid oplaait

Zo ook nu. De groeiende stroom klachten over de (lage) afkoopwaarde van levenpolissen en de eenvoud waarmee fraude met levenprovisies gepleegd kan worden, heeft de tongen weer losgemaakt. En terecht. Meer dan ooit lijkt de tijd rijp voor herziening van het systeem van (afsluit)provisies, danwel een breed onderzoek daarnaar. Aanpassing van de provisieregeling heeft enerzijds positieve invloed op de hoogte van de afkoopwaarde van levenpolissen, want verzekeraars maken in het eerste jaar van het contract minder kosten. Anderzijds werkt de maatregel fraudebeperkend. Fraudeurs willen zoveel mogelijk geld in een zo kort mogelijk tijdsbestek binnenhalen. Dus wordt de kans op fraude kleiner naarmate het financieel belang afneemt. In de praktijk komt dit neer op een keuze tussen doorlopende provisie of spreiding van afsluitprovisie over bijvoorbeeld de verdientermijn van tussenpersonen (vijf jaar). De leidraad daarbij moet zijn dat de provisie-uitkering nooit hoger is dan de premiebetaling. Voor de tweede optie is voldoende draagvlak in de bedrijfstak aanwezig: de neuzen van verzekeraars en standsorganisaties wijzen in dezelfde richting. De NBvA is a priori niet tegen, al leek voorman Van Voorst Vader zich door zijn ‘schimmig’ woordgebruik te willen indekken tegen eventuele kritiek. De NVA reageerde terughoudend, maar zei later uit oogpunt van fraudebeperking een spreiding van afsluitprovisiebetaling toe te juichen. Het initiatief daartoe is aan verzekeraars, aldus de NVA, alsof zij geen invloed heeft op het provisiesysteem. Spreiding van de provisiebetaling past ook goed in het beleid van verzekeraars. Zij willen hun acquisitiekosten, waaronder provisies, niet langer in het eerste jaar ten laste van het resultaat brengen, maar afschrijven over een reeks van jaren, zoals de duur van de premiebetaling. Nadeel van een spreiding van de (afsluit)provisie zou zijn dat de tussenpersoon zijn kosten niet volledig vergoed krijgt in het eerste jaar, waardoor liquiditeitsproblemen ontstaan, met name bij startende kantoren. Verder zou de commerciële prikkel van een hoge afsluitprovisie wegvallen. Dat laatste punt mag geen argument zijn voor een assurantiekantoor dat in zijn adviestaak het belang van de consument voorop stelt. Aan de liquiditeitsproblemen van betrouwbaar gebleken ‘starters’ kan worden tegemoetgekomen door bijvoorbeeld contractueel een kortlopende (renteloze) lening of voorschot overeen te komen. Aanpassing van de (afsluit)provisieregeling is in het belang van alle partijen. Nog beter is als verzekeraars en intermediair, gelet op de voorgenomen opheffing van de provisiestructuur, nu al kiezen voor invoering van het netto actuarieel tarief. Dan kan ook de discussie over (afsluit)provisie worden gesloten. Wim Abrahamse

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.