nieuws

Afkoop lijfrente nieuw regime na emigratie belast in woonland

Archief

Zo’n zeven jaar na invoering van de Brede Herwaardering I beginnen de eerste uitspraken over afkopen van nieuw-regime-lijfrenten in internationaal verband binnen te druppelen. De eerste afbakening komt niet uit België, Frankrijk of Engeland, maar van het belastingverdrag met Hongarije.

door Alfred Lagendijk
De belastingdienst probeert al jaren krampachtig de fiscale claim op levensverzekeringen – met name lijfrenten en pensioenen en de afkoopsommen daarvan – aan de grens vast te houden. Een stroom van uitspraken hierover werd verwacht in de belastingverhouding met België, Frankrijk en Engeland.
Het is echter het Verdrag met Hongarije dat zorgt voor de eerste afbakening. Het Gerechtshof te Den Bosch is de verantwoordelijke.
De feiten
In 1993 heeft een belastingplichtige twee koopsommen ten bedrage van f 20.600 gesloten. Dit bedrag is ook op het inkomen in 1993 in mindering gebracht. Dit is waarschijnlijk de volledige eerste tranche van hemzelf en zijn partner en de volledige derde tranche.
Medio 1993 is hij geëmigreerd naar Hongarije. Het jaar daarop heeft hij de nog niet lijfrenten in zijn geheel afgekocht. De afkoopsom bedroeg f 21.633. De belastingplichtige vindt dat de heffing over de afkoopsom toegewezen moet worden aan Hongarije, zodat Nederland niet heffingsbevoegd is.
De belastinginspecteur daarentegen, is van mening dat de premies als onderdeel van de afkoopsom voor de heffing van de inkomstenbelasting als negatieve persoonlijke verplichting voor de heffing van de Nederlandse inkomstenbelasting in aanmerking moeten worden genomen. Het bedrag van de belastingaanslag over deze negatieve persoonlijke verplichting is vastgesteld op basis van het buitenlanderstarief (25%).
Overigens is dit tarief inmiddels ook al met succes aangevochten. Voor buitenlands belastingplichtigen geldt immers een tarief in de eerste belastingschijf dat veel lager is. De inspecteur heeft de aanslag bij moeten stellen tot een bedrag van f 1.034: namelijk 7,05% over f 14.675, zijnde f 20.600 minus de belastingvrije som van f 5.925. In de processtukken is vermeld dat noch de inspecteur, noch de belanghebbende wist of de afkoopsom in Hongarije belast zou worden en zo ja, tegen welk tarief.
Uitspraak Hof
Het Hof stelt op basis van bovenstaande feiten dat de afkoop van de lijfrenten voor de Nederlandse Wet op de inkomstenbelasting belast is bij de belanghebbende. Het vormt binnenlands inkomen op voor een in het buitenland woonachtige (derhalve buitenlands) belastingplichtige.
Het Hof kijkt vervolgens naar de vraag of het belastingverdrag met Hongarije uit 1986 Nederland de bevoegdheid geeft om over de afkoopsom te heffen. De authentieke Engelse tekst komt er aan te pas om de conclusie te trekken: items of income of a resident of one of the states, wherever rising, not dealt with in the foregoing articles of this Convention shall be taxable only in that state. Nadat is vastgesteld dat een afkoopsom van een lijfrente een item of income is, is de conclusie onvermijdelijk dat dit verdragsartikel – het zogenaamde restartikel dat ziet op alle inkomsten die niet specifiek in het verdrag genoemd zijn – de heffingsbevoegdheid bij Hongarije legt.
De inspecteur heeft nog aangevoerd dat het rentebestanddeel in de zin van het verdrag wel een inkomensbestanddeel is, maar de terugbetaling van premies niet. Het gevolg van dit standpunt zou zijn dat de toewijzingsregel niet zou gelden, waardoor Nederland automatisch zou kunnen heffen. Het Hof verwerpt dit standpunt met het argument dat de terugbetaalde premies zozeer op een lijn staan met de afkoopsom dat het in strijd zou zijn met doel en strekking van het Verdrag om hier een splitsing aan te brengen.
Cruciaal
Dit laatste is een cruciaal punt in het oordeel. Er wordt dus voor de verdragsinterpretatie niet aangesloten bij de splitsing die de Nederlandse wetgever in de inkomstenbelasting aanbrengt tussen terugbetaalde premie (negatieve persoonlijke verplichtingen) en ontvangen rente.
Eindelijk een uitspraak over deze problematiek, zij het pas zeven jaar na invoering van de Brede Herwaardering. Een terechte uitspraak waarin korte metten wordt gemaakt met de valkuilen die de wetgever voor de rechter heeft uitgezet.
Een andere interpretatie zou overigens het risico met zich mee hebben gebracht van dubbele belastingheffing. Als immers de Hongaarse fiscale autoriteiten de afkoopsom voor het Hongaarse nationale recht aanmerken als belastbaar inkomen – hetgeen kennelijk niet bekend is – en tevens de afkoopsom als item of income in de zin het verdrag beschouwen, dan ontstaat daadwerkelijk een dubbele belastingheffing.
Lijn doortrekken
De lijn die in deze uitspraak is neergelegd kan overigens zo worden doorgetrokken naar tal van andere belastingverdragen, waarin de toewijzing van de belastingheffing over afkoopsommen van lijfrenten onder het zogenaamde restartikel dan wel via een separate bepaling plaatsvindt aan de woonstaat. Overigens is dit een streep door het Nederlandse verdragsbeleid dat erop gericht is om de belastingheffing over afkoopsommen van pensioenen en lijfrenten in Nederland te laten plaatsvinden.
Nu de rechtspraak niet meegaat in de redenering van de wetgever, kan hij slechts door middel van verdragswijzingen – te realiseren via onderhandelingen met andere staten – de heffing aan Nederland toegewezen krijgen. Een ander middel is het nu reeds in de wet vastgelegde systeem van conservatoire heffing bij emigratie. Op Schiphol of waar dan ook aan de grens wordt bij emigratie een aanslag uitgereikt die wordt ingevorderd op het moment dat een polis wordt afgekocht.
Dergelijke heffingen worden toegepast bij nieuw-regime-lijfrenten waarvoor meer dan f 100.000 in aftrek is gebracht, én bij aandeelhouders die een zogenaamd aanmerkelijk belang in een vennootschap bezitten. De vraag is of deze wetgeving stand zal houden in een procedure. Mocht dat niet zo zijn, dan zal de staatssecretaris van Financiën ongetwijfeld de behoefte voelen om met een nieuwe ingreep in de inkomstenbelasting het fiscale hekwerk een metertje hoger te maken.
Mr. A.S. Lagendijk is werkzaam bij de fiscale en juridische sectie Pensioenen & Verzekeringen van PricewaterhouseCoopers in Amsterdam.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.