nieuws

Achmea wil intermediaire kanaal verder versterken

Archief

Achmea streeft er naar om het intermediaire onderdeel van het concern verder te versterken. G. Swalef, bestuursvoorzitter van Achmea, meldde tijdens de presentatie van de jaarcijfers dat hij dit kanaal graag wil vergroten, “doch niet tot elke prijs. We halen daar nu zo’n 1 miljard omzet. Dat lijkt ten opzichte van de groep niet veel, maar vergeleken met de markt van intermediairverzekeraars is het nog altijd een middelgrote onderneming”.

Swalef hekelde de plannen van het kabinet om een einde te maken aan de provisiemaximering. “We beschikken in Nederland over ongeveer de meest pluriforme distributiestructuur van Europa, met diverse kanalen die goed naast elkaar functioneren. Bovendien voeren we hier zo’n beetje de laagste premies. Door de huidige provisiemaximering te verbieden, ontstaat het gevaar dat de consument op de langere termijn het vertrouwen in het verzekeringsbedrijf kwijtraakt. Dat is slecht voor de bedrijfstak en dus ook niet zo handig voor Achmea. Ik meen, dat Nederland op deze manier vóór de muziek uit dreigt te gaan lopen. Laten we nou eerst maar afwachten wat de EG van onze provisiemaximering vindt”.
Bevredigend
Het eerste volledige boekjaar van de Achmea-groep, die in januari vorig jaar ontstond uit een fusie tussen AVCB en Zilveren Kruis, is bevredigend verlopen. De omzet steeg met ruim 10% tot f 12,6 (11,3) mld in vergelijking met de geconsolideerde cijfers van de fusiepartners over 1994. De nettowinst verbeterde met 18,3% tot f 471 (98) mln. De groei is volgens de groep vrijwel autonoom tot stand gekomen. In 1995 werden ‘slechts’ de participatiemaatschappij Residentie Venture Beheer en Banque Colbert (Luxemburg) overgenomen.
In het afgelopen boekjaar is hard gewerkt aan het verzilveren van de synergievoordelen van de voorgaande fusies. Zo werden o.m. de beleggingsactiviteiten van alle groepsonderdelen (totaal belegd vermogen f 33,6 mld) geconcentreerd in Apeldoorn. Bij het Zilveren Kruis wordt gewerkt aan de concentratie van het uitvoeringsapparaat van de ziekenfondsen, waarmee men een sterkere positie wil bereiken in de contractering van zorgaanbieders.
Het totale premie-inkomen van Achmea steeg met 7% tot f 9,5 (8,9) mld. Bij het levenbedrijf kwam de groei met name voort uit koopsommen, flexibele individuele produkten en collectieve contracten. Het technisch resultaat van leven daalde tot f 164 (185) mln.
Bij het zorgbedrijf nam het premie-inkomen, inclusief bijdragen, toe tot f 5,2 (5,0) mld. Deze stijging kwam voornamelijk tot stand door toename van de bijdragen uit de centrale kassen. Het technisch resultaat liet een scherpe daling zien: van f 73 mln naar f 47 mln.
Herstel bij Schade
Voor de meeste schadebedrijven was 1995 een jaar van herstel, hoewel de groep vindt dat ze – gerelateerd aan de premie-omzet – nog niet op het gewenste peil zijn beland. De belangrijkste verbeteringen werden geboekt door aanpassingen bij de verzekeringen voor gemeentelijke aansprakelijkheid (preventieve maatregelen) en medische aansprakelijkheid (oprichting van een onderlinge). Daarnaast waren premie-verhogingen, het afvlakken van de groei van diefstal van auto’s en een beter schadebeeld van invloed op de verbetering.
Het premie-inkomen van de branche motorrijtuigen steeg fors tot f 957 (866) mln. Het technisch resultaat van deze branche bleef weliswaar verliesgevend, maar verbeterde aanzienlijk tot f -26 (-43) mln.
Bij aansprakelijkheid namen de premie-inkomsten af tot f 68 (73) mln. Het negatieve technische resultaat werd ook hier sterk teruggebracht, namelijk van f -34 mln in 1994 naar f -17 mln in het verslagjaar.
De premie-inkomsten van ongevallen/ziekte namen toe tot f 446 (394) mln. Hier werd een technisch resultaat van f 79 (74) mln behaald.
Achmea heeft zelf diverse activiteiten ontwikkeld om de schadelast te beheersen. Momenteel worden zelfs de mogelijkheden onderzocht voor het bieden van schadevergoeding in natura bij letselschade, waaronder begeleiding en zorgbemiddeling. Daarnaast doet Achmea aan schadelastbeheersing door risicomanagement, samenwerking met herstelbedrijven, bundeling van expertisediensten, aanpak van diefstal en fraude en opsporing van vermiste auto’s.
Hypotheken
De baten van de bancaire diensten van de groep, inclusief hypotheken, stegen met ruim 76% tot f 1,1 mld. De winst na belastingen van deze bedrijven steeg met 64% tot f 43 mln.
Tijdens de presentatie van de jaarcijfers maakte Achmea eveneens bekend dat er binnen enkele jaren op de internationale kapitaalmarkt tot f 2 mld aan middelen aangetrokken zal worden voor de financiering van de snel groeiende hypotheekactiviteiten. Afgelopen jaar werden al deze activiteiten van de groep ingebracht in de nieuw opgerichte Achmea Hypotheekbank.
Voor het lopende jaar verwacht de groep opnieuw een omzetvergroting. Dit geldt voor de pensioen- en leventak, waar enerzijds loonmatiging de groei zal beperken, maar nieuwe flexibele produkten en aanvullingen op de sociale zekerheid (ANW) voor extra omzet zorgen. Ook voor haar zorgverzekeringsbedrijven verwacht Achmea een goede ontwikkeling, terwijl voor de schadeverzekeringsbedrijven op een verder herstel van het resultaat wordt gerekend.
Volmachten
Ten aanzien van volmachtsituaties zei bestuursvoorzitter Swalef, dat het concern niet van plan is om volmachten te continueren die aanhoudend verlieslatend zijn. Hij bevestigde na afloop van de persconferentie dat de extra voorzichtigheid voor wat het werken met volmachten betreft, voortkomt uit een zeer grote schade die zich nog niet zo lang geleden heeft voorgedaan in een volmacht van Avéro Schade. Naar aanleiding van deze schade zijn de tekenlimieten van diverse volmachten van het Achmea-concern onder de loep genomen en naar beneden bijgesteld.
Naar verluidt zou de betreffende (miljoenen)schade de directe aanleiding zijn geweest voor het plotselinge vertrek van Avéro-directeur Th. Ringers. De reactie van Swalef op deze suggestie: “Over personen doe ik geen mededelingen”.
Slachtofferhulp van Achmea
Tegelijk met de presentatie van de jaarcijfers van het Achmea-concern, kwam het allereerste jaarverslag van de Stichting Achmea Slachtoffer en Samenleving uit. Deze stichting, onder voorzitterschap van oud-minister Hirsch Ballin, werd ruim een jaar geleden opgericht met als doelstelling nieuwe impulsen te geven aan de zorg voor slachtoffers van ongevallen en criminaliteit. Van de f 500.000 die Achmea bij de oprichting aan de stichting schonk, is in het afgelopen jaar slechts een fractie besteed. Wel zijn er reeds diverse projecten in gang gezet: Zo onderzoekt o.m. de Rijksuniversiteit Limburg de mogelijkheid om de deskundigheid van huisartsen op het gebied van slachtofferhulp te vergroten, en zal door TNO een studie worden uitgevoerd naar de relatie tussen botsomstandigheden en het ontstaan van whiplash-klachten.
Het Achmea-bestuur tijdens de presentatie van de jaarcijfers, met v.l.n.r. mr Z.O.H.M. Baron van Hövel tot Westerflier (Staal Bankiers), drs A.H.A. Hoevenaars (Centraal Beheer), voorzitter G.J. Swalef (Achmea), mr P.F.M. Overmars (Zilveren Kruis) en M.A. Th. Jacometti (AV Holding). Achmea 1995 1994 (in f mln) omzet 12.608 11.387 totaal premies 9.531 8.910 opb.beleggingen 1.881 1.797 netto winst 471 398 aantal medewerkers 6.861 6.558 Levensverzekering premies 2.494 2.264 w.v. uit coll. 770 698 uit ind. 438 403 koopsommen 1.151 1.024 resultaat Leven 164 185 Schadeverzekering premies 7.037 6.646 w.v. zorg 5.243 5.035 ongeval/ziekte446 394 motor 957 866 transp./luchtv.32 28 brand 247 209 aansprakel. 68 73 overige 45 42 resultaat 103 90 w.v. zorg 47 73 ongeval/ziekte79 74 motor -26 -43 transp./luchtv.3 5 brand 28 7 aansprakel. -17 -34 overige -10 8

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.