nieuws

Aansprakelijkheid pensioenadviseur en -verzekeraar zwaar onderschat

Archief

Door Paul van der Heide en Wim Thijssen

Bij pensioenregelingen rust een zware verantwoordelijkheid op de adviseur(s), zeker als het advies luidt om over te stappen van een gegarandeerde pensioentoezegging naar een beschikbare premieregeling. Volgens Paul van der Heide, directeur van actuarieel adviesbureau De Voogd Van der Heide, zijn veel adviseurs en verzekeraars zich nauwelijks bewust van hun aansprakelijkheid.
“Pensioenregelingen op basis van beschikbare premie winnen zienderogen aan populariteit. Vaak wordt bij de advisering van een nieuwe pensioenregeling een link gelegd met een traditionele pensioenregeling, waarbij de uitkeringen zijn gerelateerd aan het salaris en de volgemaakte diensttijd. Zodra een deelnemer kan aantonen of zelfs maar aannemelijk kan maken dat er een dergelijke link is, zal hij nakoming van deze salaris-diensttijd-regeling kunnen vorderen met alle consequenties voor eventuele affinancieringsverplichtingen. Als een werkgever hierop wordt aangesproken, spreekt het voor zich dat hij zal trachten de claim door te spelen naar de adviseur en/of verzekeraar.
Beschikbare premiestaffel
Het vreemde is nu dat de fiscale wetgever het risico van een link naar een salaris-diensttijd-regeling zelf geeft. Immers, voor de fiscale toetsing van een beschikbare premieregeling wordt een bepaald carrièrepatroon gehanteerd. Het blindelings volgen van de grens van de fiscale mogelijkheden roept feitelijk het risico van een mogelijke claim op. Om dit te voorkomen worden nogal wat eisen aan de communicatie naar de deelnemer gesteld. Hij zal duidelijke informatie moeten krijgen over het waarom van het toepassen van het carrièrepatroon bij de toetsing.
Daarnaast schuilt een groot risico in de wijze waarop het advies tot stand komt. Vaak wordt bij de vaststelling van de beschikbare premiestaffel aangegeven dat een bepaald ambitieniveau wordt nagestreefd, bijvoorbeeld 70%. In de praktijk wordt veelal niet aangegeven waarvan deze 70% wordt afgeleid. De twee mogelijkheden zijn: van het actuele salaris of van het salaris op de pensioendatum (eindloon).
Met de eerste situatie zal de werknemer waarschijnlijk geen genoegen nemen. Immers, hij/zij zal zich realiseren dat toekomstige salarisstijgingen buiten beschouwing blijven en dat dit leidt tot een veel lager pensioen dan wat als maatschappelijke norm wordt gezien. Op deze mogelijkheid wordt niet verder ingegaan.
In de tweede situatie stelt men een beschikbare premiestaffel op, die is gebaseerd op het huidige salaris. De uitkomst is dan dat op basis van een verondersteld rendement het pensioen 70% zal bedragen. Het probleem schuilt erin dat het effect van toekomstige salarisstijgingen niet in de berekeningen wordt meegenomen. Op basis van het huidige salaris lijkt een aantrekkelijke regeling te worden aangeboden. Als het salaris in de toekomst stijgt, komt de zaak anders te liggen. Onderstaand een voorbeeld.
Uitgangspunten voorbeeld:
– Geboortedatum man 01-01-1971- Datum indiensttreding 01-01-2001- Salaris f 100.000- AOW-franchise f 26.300- Beleggingsrendement 7%- Pensioendatum 65- Rentestand op pensioendatum 5%- Ambitieniveau op 65 jaar 70% van de grondslag f 51.590- Partnerpensioen 70%, oftewel f 36.113- Premiestaffel van 30 tot 65 met sprongen van vijf jaar: 8%, 10%, 12%, 15%, 17%, 21%.Op basis van bovenstaande uitgangspunten zal het ouderdomspensioen 70% bedragen van de actuele pensioengrondslag. Het spreekt voor zich, dat indien in de toekomst salarisstijgingen worden gegeven, de premie ook over een hoger salaris wordt afgedragen. Als het salaris jaarlijks 3% stijgt ten gevolge van looninflatie en de AOW-franchise jaarlijks 1% stijgt, dan bedragen het salaris en de AOW-franchise op de pensioendatum respectievelijk f 289.829 en f 37.627.
Als we de berekening nu nogmaals maken en hierbij rekening houden met het feit dat de beschikbare premie wordt afgedragen op basis van het gestegen salaris, dan bouwt deze werknemer een pensioen op van f 76.153. De toezegging, 70% van zijn laatstgeldende pensioengrondslag, is echter f 176.541: er is dus een tekort van f 100.388. Indien de werknemer van de werkgever vordert dat zijn toezegging ad 70% wordt nagekomen, dan zal de werkgever de schade proberen te verhalen op zijn adviseur en/of verzekeraar. De schade is gelijk aan de contante waarde van de toekomstige uitkeringen en bedraagt al gauw f 1.500.000.
Looninflatie
Was op voorhand een berekening gemaakt rekening houdend met een looninflatie van 3%, dan zou een hogere premiestaffel zijn vastgesteld, namelijk 10%, 15%, 20%, 27%, 36% en 49%. Op basis hiervan zou bij een looninflatie van 3% een pensioen worden bereikt van f 176.541, hetgeen wel 70% van de laatstgeldende pensioengrondslag is.
Zal in de toekomst blijken dat de looninflatie anders uitkomt dan de berekende 3%, dan heeft dat uiteraard invloed op de opbouw van pensioen. De werknemer heeft echter duidelijk inzicht gekregen in de voorwaarden waaronder hij/zij 70% pensioen zal opbouwen. In de communicatie naar de werknemer zal duidelijk naar voren moeten komen, dat de berekening ten aanzien van salarisstijgingen slechts is opgesteld om een staffel te genereren en dat dit geenszins kan worden uitgelegd als een salaris-diensttijd-toezegging. Het inzicht van de werknemer wordt verbeterd door meerdere berekeningen te maken met een verschillend looninflatiepercentage. Dit maakt duidelijk wanneer de deelnemer een nadelig of voordelig effect zal ondervinden.
Er is inmiddels software in de markt die de benodigde berekeningen maakt en tevens de fiscale toets uitvoert. Aan de hand van de hiermee berekende fiscale toetsing is de bovenstaande premiestaffel fiscaal aanvaardbaar, ondanks het feit dat de percentages duidelijk uitstijgen boven de percentages die in de door het ministerie van Financiën afgegeven richtlijnstaffels.”
Paul van der Heide is directeur van actuarieel adviesbureau De Voogd Van der Heide. Wim Thijssen is pensioenjurist bij Blom & Thijssen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels

Reageren kan op twee manieren.

Meld uzelf als gebruiker aan, uw naam verschijnt dan automatisch bij de reacties.

Of vink de optie gast aan en reageer onder eigen naam of een schuilnaam. Inlog en wachtwoord zijn dan niet nodig. Het kan maximaal 1 minuut duren voordat uw reactie zichtbaar wordt.

Een e-mailadres wordt altijd gevraagd maar nooit getoond.