nieuws

Einde komt in zicht voor zaak-Vie d’Or

Archief

Na bijna vijftien jaar lijkt voor de elfduizend voormalige polishouders van de failliete levensverzekeraar Vie d’Or het eind in zicht. De Stichting Vie d’Or, Deloitte Accountants, toezichthouder DNB en actuaris Heijnis & Koelman hebben gezamenlijk een fonds gevormd waaruit een bedrag van _ 45 mln als compensatie beschikbaar wordt gesteld.

 

Het Verbond van Verzekeraars heeft een vrijwillige bijdrage geleverd van _ 6,5 mln. DNB – die expliciet stelt geen aansprakelijkheid te aanvaarden – heeft geen geld in het fonds gestort, maar zal de kosten (à _ 8,5 mln) vergoeden die de afgelopen veertien jaar zijn gemaakt door de stichting Vie d’Or, die de belangen van de polishouders behartigt. Deze kosten komen niet in mindering op het totaal beschikbare bedrag in het fonds, waarin ook het in de failliete boedel beschikbare kapitaal (_ 2,7 mln) is opgenomen.

 

  &nbspWel komen de kosten van het uitvoeren van de regeling ten laste van het fonds. Die kosten schat de stichting in op _ 1,5 mln, "maar wij verwachten niet dat het uit te keren bedrag daardoor significant onder de _ 45 mln zal dalen. Avéro Achmea zal namelijk als vrijwillige bijdrage een belangrijk deel van de werkzaamheden en kosten van de verdere afwikkeling voor haar rekening nemen." Het fonds wordt ondergebracht in de stichting Compensatie Polishouders Vie d’Or. De schikking moet nog worden goedgekeurd door het Gerechtshof Amsterdam onder de Wet Collectieve Afwikkeling Massaschade.

 

Brief

Naar de individuele polishouders is een brief gestuurd met een indicatie van de compensatie. De uitkering, die indien gewenst ook op de Twenteleven-polis kan worden bijgeschreven, vindt naar verwachting begin volgend jaar plaats. Met de Belastingdienst is afgesproken dat de vergoeding voor houders van een kapitaalverzekering hun aandeel belastingvrij krijgen uitgekeerd. Contante vergoedingen voor overige polissen worden belast tegen een vast percentage van 19,62%.

 

  &nbspDe stichting had de schade voor de polishouders begroot op _ 80 mln. De polissen zijn in 1994 – na een juridisch goedgekeurde korting op de rechten – ondergebracht bij Twenteleven (nu Avéro Achmea). "Vanuit het fonds krijgen de polishouders nu meer dan de helft terug van het bedrag waarvoor hun aanspraken indertijd zijn gekort." Daarom wordt de polishouders in de brief aangeraden met deze schikking in te stemmen. "Het alternatief is immers een nog jaren voortdurende procedure." Daarbij is het, aldus de stichting, nog maar zeer de vraag of het Amsterdamse gerechtshof DNB-voorganger de Verzekeringskamer, Deloitte en Heijnis & Koelman aansprakelijk zou verklaren. "Ook wij vinden het een treurige zaak dat de afwikkeling van massaschade in ons rechtssysteem onaanvaardbaar lang moet duren, maar wij konden en kunnen dat helaas niet veranderen."

 

  &nbspBetrokken verzekerden die niet akkoord gaan met de regeling moeten, nadat de rechter deze verbindend heeft verklaard, zich binnen drie maanden schriftelijk melden. Zijn dat er meer dan 1.100 of vertegenwoordigen de nee-zeggers samen meer dan 5% van de totale schade, dan komt de volledige regeling te vervallen.

 

Reageer op dit artikel