nieuws

Voor de Vuyst weg

Archief

Vorige week kreeg ik een paniekerig telefoontje. Een vrouwelijke klant zat met een kapotte inductiekookplaat. “En nu kan ik niet meer kóken,” riep ze bijna in tranen. “U moet me helpen.”

Ik vroeg haar wat er gebeurd was. “Ik had twee pannetje op de kookplaat”, begon ze. “Een volle en een lege. Het gevulde pannetje (tomatensoep, vertrouwde ze me toe) wilde ik opwarmen. Het ander stond alvast klaar voor de aardappeltjes.” Ze pauzeerde even. “En toen drukte ik op het verkeerde knopje.” Gevolg: de soep bleef koud en het lege pannetje werd verwarmd.
Tijdens het stofzuigen rook de klant opeens een vreemde lucht. In de keuken trof zij het volgende aan: één pannetje koude soep, één gesmolten pannetje én een gebarsten inductieplaat. De onvermijdelijke vraag volgde: “Is dat gedekt?”
Mijn gevoel riep al ‘nee’, nog vóór ik de schadedatum genoteerd had. En toch begon ik opeens te twijfelen. In mijn achterhoofd speelde het ‘gelijkgesteld-met-brand-principe’ van de extra uitgebreide inboedelverzekering: smelten, schroeien, zengen, doorbranden. Viel een door de hitte gebarsten inductieplaat hier onder? Ik zei dat ik contact zou opnemen met de schadeafdeling. “Anders zeg je toch gewoon dat ik stond te koken?”, hoorde ik haar (niet inwonende) vriend nog op de achtergrond schreeuwen. “Dan ben ik aansprakelijk.” De vrouw snoof laatdunkend. “Jij? Je kan niet eens een ei bakken. Dat gelooft niemand.” En na deze wijze woorden verbrak ze de verbinding.
Aldus belde ik de schadeafdeling. Die hielpen me snel uit de droom. Met brand gelijkgesteld of niet, de schade betrof hier de hittebron zélf. “Een vorm van eigen gebrek, niet gedekt dus,” merkte de schadebehandelaar op. “De pan kan ze wel claimen, dat is gevolgschade.” Tja, _ 12,50 bij de Blokker, dat schoot niet op. Om tijd te rekken, bladerde ik wat door het dossier. Soms zou je als tussenpersoon gewoon willen dat je méér kon doen. Opeens viel mijn oog op de rechtsbijstandverzekering. Ik vroeg de klant of ze de schade al had gemeld bij de leverancier. Toen ze bevestigend antwoordde (“zoiets hoort beveiligd te zijn”) en aangaf dat deze (nog) niet gereageerd had, stelde ik voor contact op te nemen met de afdeling consumentenzaken van de rechtsbijstandverzekering. Daar had de klant wel oren naar.
De zaak is inmiddels in behandeling. Of de schade verhaald wordt, zal de toekomst leren. Maar voorlopig heeft de speurtocht door het woud der verzekeringen weer een tevreden klant opgeleverd.

Reageer op dit artikel