nieuws

Virtuele beurs

Archief

De ontwikkeling van Internet, en in het bijzonder e-commerce, leidt bijna wekelijks tot aankondiging van nieuwe ideeën

De virtuele verzekeringsbeurs die deze maand het levenslicht zal zien, is het jongste initiatief van een commerciële aanbieder. Of dit plan ‘imagoverbeterend’ voor het intermediair is, zoals de initiatiefnemers willen doen geloven, valt nog te bezien. In veel opzichten is de virtuele assurantiebeurs een kopie van de fysieke marktplaatsen in Rotterdam en Amsterdam. De beurs is ook een vraag- en aanbodplaats voor de verzekering van bedrijfsmatige risico’s met als bijkomend voordeel dat het intermediair zijn onafhankelijke adviesfunctie meer inhoud kan geven en verzekeraars meer risico’s onder ogen kunnen krijgen. Naast het ontbreken van de mogelijkheid voor verzekeraars tot tekening in co-assurantie zijn er meer wezenlijke verschillen. In de eerste plaats is de toetredingsdrempel van de virtuele beurs lager: niet een selecte groep van makelaars is welkom, maar iedere (provinciale) tussenpersoon die zaken doet met tien of meer verzekeraars kan meedoen. Hierbij moet wel de volgende kanttekening worden geplaatst: relatief weinig provinciale tussenpersonen zijn gewend om hun bedrijfsmatige risico’s onder te brengen bij tien of meer risicodragers. Een tweede principieel verschil is de omgekeerde rol van de verzekeraar en tussenpersoon. Niet de verzekeraar maar de tussenpersoon neemt het initiatief tot het opstellen van de (minimum) premie en voorwaarden. De maatschappij beslist of zij wil ‘instappen’ of niet. Deze werkwijze stelt hoge(re) eisen aan de tussenpersoon: het kantoor moet in staat zijn de opgevraagde risico-informatie op zijn merites te beoordelen en een redelijk richtpremie vast te stellen. De praktijk zal uitmaken dat het intermediair daarbij lopende contracten veelal als uitgangspunt zal gebruiken. In tegenstelling tot wat de initiatiefnemers beweren, zal het onnatuurlijk verval van bedrijfsmatige verzekeringen bepaald niet afnemen. Hoe meer kapers er op de kust komen, hoe groter de concurrentie, en daarmee de kans op een verdringingsmarkt. Daarin schuilt wellicht het grootste gevaar voor verzekeraars: dat zij dreigen te worden geconfronteerd met een omvangrijke oversluitmarkt. Dit rondpompen van verzekerde risico’s werkt per definitie louter kostenverhogend en premieverlagend. Tegen deze achtergrond is de verwachting gerechtvaardigd dat de meeste verzekeraars de kat uit de boom zullen kijken: hun actieve medewerking zullen zij afhankelijk willen maken van de aard van de aan te besteden risico’s en de professionaliteit van de tussenpersoon. De meeste interesse komt wellicht van beursmakelaars en gevolmachtigden die gewend zijn om op deze manier zaken te doen. Of er straks een of meer offertes door verzekeraars zullen worden uitgebracht, is voor tussenpersonen minder relevant: zij kunnen hoe dan ook goede sier maken naar de klant, omdat er minimaal tien verzekeraars zijn ‘geraadpleegd’. Wim Abrahamse

Reageer op dit artikel