nieuws

Te brede advisering valt buiten aansprakelijkheidsdekking

Archief

door Willem Pel

De Bavam, beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar voor het intermediair, ziet alleen maar dingen die verkeerd of bijna verkeerd zijn gegaan. Daardoor wordt uiteraard je waarneming gekleurd, vindt Bavam-secretaris Willem Pel. In dit artikel plaatst hij toch enige kanttekeningen bij het begrip employee-benefits, gebaseerd op een drietal aangemelde schadegevallen.
Assurantie-adviseur A. had na lang praten zijn relatie B., een ondernemer, zo ver gekregen dat hij op een personeelsbijeenkomst aan de twaalf werknemers iets mocht vertellen over premiespaar- en spaarloonregelingen en – uiteraard – vooral over de bestedingsmogelijkheden van de spaargelden.
Het werd een mooi verhaal, alle personeelsleden waren enthousiast en dat deed niet onder voor het enthousiasme van A. zelf. “Ik had dat al veel eerder moeten doen”, concludeerde hij tevreden. En zoals hij had toegezegd, verstuurde hij alvast folders en aanvraagformulieren.
Het bleef evenwel op een paar telefoontjes na lang stil en na enige tijd informeerde A. bij B. hoe ver deze nu gevorderd was met de administratieve afwerking van de werknemersspaarregelingen.
“Ik begin er niet aan”, was het laconieke antwoord. “Je had me wel eens mogen vertellen dat me dat nogal wat geld gaat kosten en dat is er gewoon niet.” Dat viel A. erg tegen, te meer omdat een aantal werknemers hem al had laten weten dat ze niets konden insturen zolang de regeling nog niet door hun werkgever administratief was verwerkt.
Om van verdere telefoontjes verschoond te blijven, schreef hij ze alle twaalf maar een briefje met de mededeling dat hun werkgever geen geld over had voor het invoeren van spaarregelingen en dat er dus ook niets van zou komen.
Voor de daarna ontstane arbeidsonrust in het bedrijf van B. kreeg A. een schadeclaim van de ondernemer. De rechter had het laatste woord en wees de vordering af. Maar het was wel het einde van de relatie.
EB-statements
In een ander geval had EB-adviseur C. in goed overleg met een van de directieleden van zijn cliënt ‘EB-statements’ vervaardigd en deze rechtstreeks naar alle werknemers verzonden. Daaronder ook de andere directeur die na een arbeidsconflict thuis zat en zich in de daarop volgende procedure beriep op een in het statement opgenomen pensioenregeling, die evenwel niet op hem als directeur van toepassing was. En dat gaf weer extra discussie in een toch al niet eenvoudige afscheidsregeling.
In die discussie werd tot nog toe met succes betoogd, dat door een assurantieadviseur verzonden EB-statements de werkgever niet binden. Maar ook hier kwam het toch tot extra spanning op de relatie tussen C. en zijn cliënt.
Proeftijd
Ook in een derde geval ging de adviseur over de schreef. Zijn cliënt had een nieuwe werknemer aangenomen op een jaarcontract met twee maanden proeftijd. Al na enige weken bleek dat de verwachtingen van de werkgever niet overeen stemden met de ideeën van de werknemer. Tijdens een bezoek van de EB-adviseur kwam dit terloops ter sprake. “Gelukkig heb ik nog twee weken voor de proeftijd om is”, aldus de ondernemer, die opperde dat hij toch gewoon aan de werknemer kon laten weten dat hij aan het eind van de proeftijd zou moeten opstappen? “Ja, waarom niet, proeftijd is toch immers proeftijd?” beaamde de EB-adviseur.
Alleen had die opzegging een onverwacht effect. De werknemer liep naar een advocaat en die beweerde dat bij een tijdelijke arbeidsovereenkomst van een jaar een maximale proeftijd geldt van één in plaats van twee maanden. En toen moest er alsnog een ontslagprocedure in gang worden gezet en duurde het nog enige maanden en nog meer maandsalarissen voordat partijen van elkaar af waren.
Gelukkig liep het voor de adviseur – die niet als assurantiebemiddelaar had geadviseerd – goed af, omdat er geen verband aannemelijk gemaakt kon worden tussen de gemaakte fout en de opgelopen schade. Maar wat als de EB-adviseur geadviseerd zou hebben bij de opstelling van deze arbeidsovereenkomst voor beperkte duur?
Wat is de les van deze ervaringen? EB-schoenmaker, hou je bij je leest en begeef je niet op terreinen waarvan je geen specialistische kennis hebt. Je loopt dan niet alleen het risico van miskleunen en verstoring van een goede relatie, maar ook het risico dat er claims komen die buiten het dekkingsgebied van de beroepsaansprakelijkheidsverzekering vallen.
Verstuur geen EB-statements naar werknemers van je relaties en als je dat dan toch wilt doen, vraag dan eerst een (bewijsbaar!) akkoord van de werkgever en zet in het statement met leesbare letters dat dit statement slechts tot doel heeft het inzicht in de secundaire en tertiaire arbeidsvoorwaarden te vergroten, zonder dat aan de inhoud ervan enig recht kan worden ontleend. De arbeidsvoorwaarden worden immers exclusief beheerst door hetgeen werkgever en werknemer daarover, al dan niet in het kader van een cao, met elkaar zijn overeengekomen.

Reageer op dit artikel