nieuws

Overwaarde huizen op grote schaal verzilverd

Archief

Huiseigenaren hebben in de periode 1996-1999 massaal tweede hypotheken gesloten, zo blijkt uit onderzoek door De Nederlandsche bank (DNB). Vooral de jongere hypotheekbezitter slaat volgens de bank de waarschuwingen in de media in de wind.

Het Nipo vroeg in opdracht van De Nederlandsche Bank (DNB) zo’n elfhonderd huishoudens via pc en modem, naar hun gebruik van hypothecair krediet. Deze onderzoeksmethode heeft als voordeel dat men thuis op zijn gemak de vragen kan beantwoorden met de juiste papieren bij de hand. Bovendien is deze benadering geschikt voor een privacy-gevoelige onderwerp als de financiële situatie, aldus DNB.
Zonnig beeld
Volgens bank ziet de hypotheekbezitter de toekomst zonnig in en lijkt men ongevoelig voor de alarmerende berichten in de media over torenhoge hypotheken. “Veelzeggend in dit verband is dat één op de zes hypotheekbezitters erover denkt binnen twee jaar, eventueel opnieuw, een extra hypotheek op het huis af te sluiten.”
Ook opvallend is dat ruim eenderde van de hypotheekbezitters twee of meer woninghypotheken op zijn naam heeft staan; 5% zelfs drie of meer. De eerste hypotheek bedraagt gemiddeld f 189.000, de tweede gemiddeld f 62.000. De meeste huizenbezitters kiezen voor een rentevaste periode van tien jaar of meer, eenderde kiest echter voor een termijn die binnen vijf jaar afloopt. “Bij een aanzienlijk deel van de woningbezitters werken tariefswijzigingen dus vrij snel door in de woonlasten”, waarschuwt DNB.
Van de onderzochte huishoudens vindt 57% de huizenprijzen te hoog. Toch verwacht maar liefst 60% dat de huizenprijzen nog verder zullen stijgen. “Dit is opmerkelijk gezien het feit dat de woningmarkt volgens de huizenbezitters zelf overgewaarderd is, de rente naar hun eigen oordeel zal stijgen en dat men verwacht dat de aftrek op hypotheekrente zal worden beperkt.” Overigens ziet bijna driekwart deze aftrek al binnen tien jaar verdwijnen.
Extra bestedingen
De hausse op de hypotheekmarkt heeft de afgelopen jaren tot omvangrijke extra bestedingen van woningbezittende huishoudens geleid, oplopend van naar schatting f 4 mld in 1996 tot ruwweg f 14 mld in 1999, concludeert DNB. “Daarmee is de afgelopen jaren een forse impuls gegeven aan de economische groei in Nederland: zo’n 0,6 à 0,7 procentpunt in 1999.” Van de verzilverde overwaarde is f 32 mld gebruikt voor woningverbetering en voor consumptie; f 7 mld is aangewend voor de aflossing van leningen en voor beleggingen.
Uit het DNB-onderzoek blijkt verder dat de gemiddelde waarde van de eigen woning f 358.000 bedraagt. Hier staat een gemiddelde hypotheekschuld van f 220.000 tegenover. Pakweg 40% van de hypotheken is later gesloten dan het aankoopjaar van het huis en betreft dus oversluitingen en tweede hypotheken, concluderen de onderzoekers. “Tweederde hiervan houdt volgens de enquête (mede) verband met een verbouwing of het verzilveren van overwaarde, waardoor de hypotheekschuld toeneemt. Bij circa 40% van de hypotheken speelde het verlagen van de maandelijkse woonlasten, waarbij de hypotheekschuld niet noodzakelijkerwijs wordt verhoogd, een rol.”
Van degenen die de overwaarde hebben verzilverd, geeft maar liefst driekwart aan dit aan woningverbeteringen te hebben besteed. Eenderde zegt dat de overwaarde ook is gebruikt voor consumptieve doeleinden, zoals de aanschaf van duurzame consumptiegoederen of een vakantie.
Adviseurs
Als motief voor de verzilvering van de overwaarde noemt 47% van de ondervraagden ‘een goedkope manier van lenen en fiscaal aantrekkelijk ‘. Zo’n 45% noemt hier echter de lagere rente als motief, 14% zegt op geen andere manier zoveel geld te kunnen lenen.
In totaal zegt 20% de overwaarde verzilverd te hebben op aanraden van een adviseur. Zo’n 11% is door kredietverstrekkers aangemoedigd, mede door de soepele condities en de wervende advertenties en nog eens 11% antwoordt eenvoudigweg dat men het ‘om zich heen op grote schaal ziet gebeuren’.
Mocht de woningmarkt inzakken, verwachten de meeste ondervraagden niet dat dit tot gedragsaanpassingen zal leiden. “Dit is even opmerkelijk als onwaarschijnlijk: bij een forse woningprijsdaling zal immers een flink deel van de hypotheekbezitters opgezadeld worden met een netto schuldpositie. De kans is groot dat het huidige sterke consumentenvertrouwen daardoor zal worden aangetast”, luidt de conclusie.

Reageer op dit artikel