nieuws

Minder klachten over schadeverzekeringen

Archief

Tegenover de eerder gemelde aanzienlijke stijging van het aantal klachten over levensverzekeringen stond vorig jaar opmerkelijk genoeg een daling van het aantal klachten over schadeverzekeringen: van 2.639 naar 2.531 (-4%). De daling deed zich bij vrijwel alle branches voor, met één opvallende uitzondering: de Medische Varia, want daar nam het aantal klachten toe tot 249 (222).

Voornoemde gegevens komen uit het eerste jaarverslag van het Klachteninstituut Verzekeringen, waarin vorig jaar juni de activiteiten zijn ondergebracht van de Ombudsman Schade, de Ombudsman Leven en de Raad van Toezicht Verzekeringen.
Op het terrein van levensverzekeringen werden in de loop van het afgelopen jaar 984 klachten ingediend tegen 782 in 1998. De spaarkasbedrijven scoorden 140 (83)klachten. Tegenover deze stijgingen stond een daling bij de natura-uitvaartverzekering. Daarover werden 92 dossiers aangelegd tegen honderd in 1998. Intermediair
Voor het eerst worden nu centraal klachten tegen assurantiebemiddelaars behandeld. Tot aan de komst van het overkoepelende instituut konden alleen bij de tuchtcolleges van NVA en NBVA klachten worden ingediend en dan uiteraard alleen tegen leden van die organisaties.
Sinds het instituut actief is, zijn er op het gebied van levensverzekeringen twintig klachten tegen tussenpersonen ingediend. Hiervan waren er vijftien gericht tegen NVA-leden (één klacht is (nog) niet voor behandeling vatbaar), twee NBVA-leden en drie niet-aangesloten tussenpersonen (één klacht is niet ontvankelijk). Van de achttien in behandeling genomen klachten waren er zeven gericht tegen zowel de tussenpersoon als de verzekeraar en elf tegen alleen de tussenpersoon. Er werden tot dusver drie klachten afgehandeld, waarvan één ten gunste van de klager. Op het gebied van schadeverzekeringen werden 47 klachten tegen het intermediair ingediend, waarvan 24 tegen ongeorganiseerde tussenpersonen, negentien tegen NVA-leden en vier tegen NBVA-leden. Hoe deze klachten als zodanig zijn afgehandeld is niet apart geregistreerd; ze zijn opgegaan in de onderscheiden schadebranches. Met ingang van dit jaar zal de afhandeling van klachten tegen het intermediair wel apart worden geregistreerd.
Raad van Toezicht
Onder de koepel van het Klachteninstituut ressorteert ook de Raad van Toezicht Verzekeringen. De Raad was tot juni 1999, onder de naam Raad van Toezicht op het Schadeverzekeringsbedrijf, slechts bevoegd bij klachten tegen schadeverzekeraars die lid waren van het Verbond van Verzekeraars. Sinds medio 1999 is de Raad ook bevoegd bij klachten tegen levensverzekeraars en tussenpersonen. In 1999 werden door de Raad van Toezicht 202 zaken in behandeling genomen tegen 187 in 1998. Van genoemde 202 zaken betrof het in 198 gevallen een schadeverzekeraar, in drie gevallen een NVA-lid in en in één geval een NBVA-lid. Vorig jaar werden er door de Raad 189 klachten afgehandeld. In 116 gevallen kwam het tot een uitspraak.
Transparantie
De levensverzekeraars krijgen via het jaarverslag van het Klachteninstituut min of meer de rekening gepresenteerd voor het overwegend traag reageren op de Code Rendement en Risico. Volgens Ombudsman Job de Ruiter is de stijging van het aantal klachten, met 30% tot 1.124, vooral terug te voeren naar het meer attent zijn van de verzekeringsconsument op het kostenaspect in levensverzekeringen.”Omdat het merendeel van verzekeraars en tussenpersonen, ondanks wettelijke en andere regelgeving nog moeite heeft met het daadwerkelijk betrachten van transparantie op het punt van kosten, leidt dit tot meer en anders geformuleerde klachten dan de ‘klassieke’ klachten over tegenvallende afkoopwaarden”, aldus De Ruiter.
Vertraging
Klachten over vertragingen, al jaren de derde klachtenoorzaak, zijn in het verslagjaar in aantal verdubbeld. Daarbij gaat het niet alleen om het (te) laat uitvoeren van polishandelingen of het onbeantwoord blijven van brieven, maar ook om vertraging in de uitbetaling van verschuldigde bedragen. Met name bij expirerende lijfrente- en pensioenverzekeringen kan niet-tijdige uitbetaling financieel ingrijpende gevolgen hebben op de inkomenssituatie van de rechthebbende. Voldoende aanleiding om aandacht voor dit probleem te vragen”, meent De Ruiter.

Reageer op dit artikel