nieuws

Gemiste kans

Archief

Als antwoord op de storm van kritiek op beleggingsverzekeringen, stamelde de bedrijfstak de afgelopen maanden slechts: beste klant, later dit jaar komt een commissie u vertellen hoe het zit. Kort voor de jaarwisseling heeft die commissie (de commissie De Ruiter, ofwel de Commissie Transparantie Beleggingsverzekeringen) haar ei gelegd. In tegenstelling tot de repeterende verwijzing van verzekeraars én een belofte van minister Zalm aan de Tweede Kamer, wordt over het verleden gezwegen. Het rapport ontbeert een terugblik.

Klagende polishouders – en in hun kielzog juristen – mogen het zelf gaan uitvechten met verzekeraars. Die strijd is al gaande en zou heel wel kunnen eindigen voor de rechter. In dat strijdperk kan de commissie De Ruiter toch een rol spelen. Een kernzin in het rapport is: “Het belang van de consument neemt met zich mee dat hij zodanig wordt geïnformeerd dat hij begrijpt wat het product inhoudt, wat de goede en kwade kansen zijn en wat er voor hem zal worden belegd, zodat hij met al die informatie tot een weloverwogen beslissing kan komen”. In die opdracht slagen verzekeraars tot op dit moment nog “zeer gebrekkig”, stelt de commissie. Daar kan een jurist wel wat mee.
Voor toekomstige gevallen wil de commissie De Ruiter veel miscommunicatie richting polishouders voorkomen door drie nieuwe ‘informatiemodellen’ te lanceren. Daarmee mist zij een kans voor een gapend open doel. Een vergaande versimpeling was mogelijk en noodzakelijk! Het Verbond van Verzekeraars heeft zelf nota bene al gerept van een “drastische koerswijziging”. Die is in de drie modellen niet terug te zien. Ontwerpers van eerdere gedragscodes en wettelijke regelingen (laatst nog de Financiële Bijsluiter) zeiden ook altijd de ultieme duidelijkheid na te streven. In de praktijk is dat, getuige de kreet (“zeer gebrekkig”), nimmer geslaagd. De modellen van De Ruiter lijken eenzelfde lot beschoren.
Buiten haar opdracht om richt de commissie nog enkele pijlen op het intermediair. Los van de opmerking van De Ruiter dat veel onvrede is gevoed door verkeerd gewekte verwachtingen, stelt de commissie dat openheid over de beloning van de adviseur “noodzakelijk” is. Verder zou het afschaffen van afsluitprovisie een goede optie zijn om kosten evenredig over de looptijd van een levensverzekering te kunnen uitsmeren. Hiermee legt de commissie in elk geval ook – en terecht – de vinger op de zere plek van de lage afkoopwaarden.
De NVA roept in reactie alweer direct dat het uitsmeren van kosten ook kan bij handhaving van afsluitprovisie. Ja, dat kan, maar het is niet reëel te verwachten dat verzekeraars dat doen en het is niet wenselijk. Dan getuigt de NBVA van meer oog voor de toekomst: een overgang naar 100% doorlopende provisie of uurbeloning komt in beeld. En daarmee komt ook de adviseur in beeld. Meer nog dan via een reclamecampagne.
Henri Drost
hdrost@kluwer.nl

Reageer op dit artikel