nieuws

De visie van een tussenpersoon en een werkgever

Archief

De visie van een tussenpersoon en een werkgever

Hoe heeft een tussenpersoon die employee-benefitspakketten aanbiedt, zijn zaken geregeld? En hoe kijkt een middelgrote werkgever aan tegen de inbreng van het intermediair bij het samenstellen van een pakket? AM vroeg een tussenpersoon in Papendrecht naar zijn mening. Een Amsterdams bedrijf dat kortgeleden een pakket sloot, doet uit de doeken hoe dit tot stand is gekomen.
Lukassen & Boer: ‘The sky is the limit’
“Als een bedrijf er toe is overgegaan bepaalde werkzaamheden in verband met de werkgever/werknemerrelatie over te dragen, dan leggen ze uiteindelijk alles op je bordje. The sky is the limit.” Dit zegt Kees Boer, directeur van de in Papendrecht gevestigde assurantiemakelaar Lukassen & Boer.
Lukassen & Boer neemt al sinds 1996 EB als uitgangspunt in zijn louter op de mkb-markt gerichte acquisitiebeleid. De EB-werkzaamheden zijn ondergebracht in een apart bedrijf: Employee Benefits Consultants (de pakketten zelf worden ondergebracht in Lukassen & Boer). De focus op de mkb-markt is een bewuste keuze. “Mkb-bedrijven lopen door hun aard en omvang doorgaans tegen drie problemen aan. In de eerste plaats ontbreekt het hen aan voldoende kennis op het brede terrein van pensioenen, verzekeringen, en wet- en regelgeving rond de sociale zekerheid. Er is dus een enorme behoefte aan advisering. Ten tweede ontbreekt het hen aan iemand die al die zaken goed kan communiceren naar het personeel. Ten slotte zit de pijn voor veel mkb-ers in de administratieve rompslomp. Op al die terreinen kunnen wij hun het werk – én daardoor de zorg – uit handen nemen.” De vijfentwintig medewerkers van Lukassen & Boer kunnen voor werkgevers bijvoorbeeld alle meldingen (zoals: in dienst, uit dienst, en andere mutaties) verzorgen aan onder meer bedrijfspensioenfondsen, ziekenfondsen, uvi’s, salarisadministraties en accountants. Als een bedrijf daarvoor kiest gaat een medewerker van Lukassen & Boer (ook) bij nieuwe personeelsleden langs om de getroffen regelingen toe te lichten.
Trein met wagonnetjes
De vraag wat employee-benefits is, is niet simpel te beantwoorden. Niet in de laatste plaats doordat verzekeraars, tussenpersonen, en andere aanbieders, daar verschillend over denken. Bij Lukassen & Boer ziet men employee-benefits als een verzamelnaam en maakt men onderscheid tussen employers-benefits (voor werkgevers: diensten en verzekeringen op het gebied van onder meer arbo, ziekteverzuim, pemba, administratie en EB-statements), employee-benefits (verzekeringen en diensten op het gebied van onder meer ziektekosten, WAO-gat, WAO-excedent, ANW-gat, ongevallen, bedrijfssparen, pensioen en prépensioen), personal-benefits (verzekeringen en diensten in de gezinssfeer op het gebied van: verkeer, recreatie, sparen, beleggen, en overlijden) en extra-benefits (zoals kinderopvang, belastingaangiftes, opleidingen, sabattical leave, maar ook bijvoorbeeld een was- en strijkservice of een fietsenplan). Boer: “In feite zijn de mogelijkheden onbeperkt: de klant vraagt, wij draaien. Een EB-concept is nu eenmaal maatwerk. Ik vergelijk het wel eens met een trein en de wagonnetjes die er achter hangen. In principe kan er bij één wagonnetje al sprake zijn van een EB-concept. Maar onze voorkeur gaat uit naar een totaalconcept. Dit, omdat wij met de één-loketservice de klant het meest optimaal van dienst kunnen zijn.”
Beloning
Van de vierhonderd bedrijfsklanten die Lukassen & Boer in portefeuille heeft, hebben er inmiddels meer dan honderd gekozen voor een totaalconcept. Boer ervaart het als een voordeel, dat een werkgever die EB-klant is “niet één-twee-drie voor zijn verzekeringen of voor andere diensten naar een ander zal stappen”. “En omdat wij zo dicht op de mutaties zitten, kunnen wij daarmee commercieel ons voordeel doen.” Boer voegt hier wel aan toe, dat de werkgever als primaire klant wordt gezien. “Wij verzorgen slechts zaken voor het personeel als de werkgever daar nadrukkelijk om vraagt.”
Boers bedrijf werkt zowel op provisiebasis als op fee-basis. Voor de één-loketservice aan bedrijven wordt een vast bedrag van f 50 per werknemer per jaar gevraagd. “Het uitgangspunt moet zijn, dat je een redelijke beloning ontvangt voor de werkzaamheden die je verricht. Kom je niet uit met de provisie, dan vraag je een extra bedrag.”
Cafetariasysteem
Boer verwacht dat bij EB-pakketten steeds vaker met het zogenoemde cafetaria-systeem zal worden gewerkt. Hierbij stelt de werkgever een bepaald bedrag vast voor EB-voorzieningen waarbinnen de werknemer een aantal keuzemogelijkheden wordt geboden. Hij kan bijvoorbeeld vrije dagen ruilen voor meer salaris of een duurdere auto, of het omgekeerde: salaris inleveren voor meer vrije dagen of een sabattical leave. “Hoewel één en ander voor de werkgever een hoop extra administratieve rompslomp met zich meebrengt, zie je dat in de CAO-onderhandelingen steeds meer aandacht komt voor een flexibele, meer individuele invulling van secundaire arbeidsvoorwaarden. Op zich een positieve ontwikkeling, al zijn wij van mening dat hieraan bepaalde grenzen zitten. Er moet in onze ogen een minimaal stuk sociale zekerheid worden ingebouwd, op onder meer het gebied van het WAO-gat en het nabestaandenpensioen.”
Intermediair
Volgens Boer is de vraag naar employee-benefits de laatste tijd toegenomen als gevolg van de krapte op de arbeidsmarkt. “Werkgevers worden zich meer bewust van de noodzaak zich te profileren als goede werkgever. Zij willen immers goede medewerkers behouden en hun aantrekkingskracht op nieuwe arbeidskrachten versterken. Uit recente onderzoeken is dan ook gebleken dat werkgevers steeds meer bekend zijn met de mogelijkheden en de voordelen van employee-benefits. Maar de eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat er ook nog velen zijn die de mogelijkheden niet kennen. Er is wat dat betreft nog een hoop missiewerk te verrichten.”
Op de vraag of het intermediair straks dé EB-specialist wordt, zegt Boer dat tussenpersonen in elk geval een uitstekende uitgangspositie hebben. “Zij hebben kennis van zaken op het gebied van verzekeringen, pensioenen, de sociale zekerheid en hebben bovendien doorgaans een nauwe persoonlijke band met hun klanten. Maar de concurrentie zit niet stil. Ook ziekenfondsen hebben gegevens van werknemers in de boeken, maar zij missen tot nu toe de producten. Maar hoelang nog? Daarnaast zullen direct-writers en banken geduchte concurrenten vormen. Bovendien verwacht ik dat uitzendbureaus wel eens een grote rol op het gebied van employee-benefits kunnen gaan spelen. Zij hebben toegang tot personeel en zijn uitstekende organisatoren.”
De stelling dat een assurantiekantoor groot moet zijn om als EB-adviseur te kunnen optreden, berust volgens Boer op een vooroordeel. Wel is, behalve kennis van zaken, een goede automatisering onontbeerlijk. Ook moet de tussenpersoon een ‘regelneef’ zijn, dus goed kunnen organiseren en beschikken over een breed netwerk van specialisten. Volgens Boer zijn er nog maar weinig tussenpersonen die echt met EB-advisering bezig zijn. “Ik denk dat het om hooguit vijfentwintig collega’s gaat.”
Kees Boer: “Bij EB-pakketten zal steeds vaker met het cafetariasysteem gewerkt worden.”

Reageer op dit artikel