nieuws

De fiscale aspecten van retourprovisie

Archief

Sinds 1 januari van dit jaar is het verbod op retourprovisie geschrapt uit de Wet Assurantiebemiddelingsbedrijf (Wabb). In deze rubriek worden de fiscale haken en ogen van retourprovisie belicht. De lamp wordt vooral gezet op de gevolgen voor de inkomstenbelasting van de verzekeringnemer.

door Alfred Lagendijk
Voor de behandeling van het onderwerp is het van belang om te omschrijven wat retourprovisie inhoudt, op welke verzekeringen het betrekking heeft en in welke vorm retourprovisie in de praktijk het meeste voorkomt. Voor de definitie ga ik uit van hetgeen in het verleden in de Wabb is vastgelegd: het toekennen van een op geld waardeerbaar voordeel aan één van de betrokkenen terzake van het afsluiten van een verzekering. Dit is op zich een ruime omschrijving, die zo’n beetje alle voordelen omvat die een verzekeringnemer bij het afsluiten van een verzekering kan genieten, hetzij in geld, hetzij in natura.
In de praktijk ging de discussie vaak over de vraag of cadeautjes die werden weggeven bij het afsluiten van een verzekering, wel enige waarde hadden. Van belang hierbij is dat ook premieteruggaven en cadeautjes door verzekeraars die optreden als direct-writer, werden aangemerkt als retourprovisie.
Vormen
Het type provisie waarover gesproken wordt, is voor de fiscale behandeling niet zo relevant. Wel is van belang dat de provisie in de praktijk een onderdeel van de premie vormt en voor de verzekeringnemer derhalve een onderdeel van de totale kosten van het afsluiten van de verzekering vormt. Een nieuw aspect is het hanteren van nettotarieven waarbij separaat de provisie wordt berekend, bijvoorbeeld aan de hand van het aantal gewerkte uren maal een bepaald uurtarief.
Vormen van retourprovisie die van belang zijn voor de fiscale behandeling zijn:
1. Het toekennen van een geldbedrag aan de verzekeringnemer, waardoor de premie lager wordt.2. Het geven van een cadeautje bij het afsluiten van een verzekering. De verzekeringnemer ontvangt wel iets terug, maar moet nog steeds dezelfde premie betalen.3. Het verhogen van het verzekerd bedrag (met name bij levensverzekeringen) met een gedeelte van de provisie. Het voordeel van de verzekeringnemer bestaat uit een toevoeging van een provisiedeel aan het gedeelte van de premie dat bestemd is voor belegging, sparen of verzekeren.Ondernemers
Het is van belang om vooraf vast te stellen dat het begrip provisie en retourprovisie geen separaat onderdeel uitmaakt van de fiscale wetgeving. De fiscale wetgever kent slechts het begrip premie en niet het begrip provisie. Vervolgens is het van belang vast te stellen of een verzekering wordt gesloten door hetzij een ondernemer – natuurlijk persoon of rechtspersoon -, hetzij door een particulier.
Als een verzekering wordt gesloten door een natuurlijke persoon handelend als ondernemer of door een vennootschap die onderworpen is aan de vennootschapsbelasting, dan wordt ieder voordeel dat wordt genoten belast als bate in de winstsfeer. Wordt retourprovisie derhalve verstrekt in de vorm van een lagere premie, dan zijn de aftrekbare kosten voor een ondernemer lager en wordt de winst derhalve hoger. Ook voordelen in natura worden aangemerkt als winst voor de onderneming. Het maakt daarbij niet uit of lage provisie bedongen wordt op bijvoorbeeld een collectief pensioencontract voor werknemers waarbij de premie door de werkgever betaald wordt, danwel op een door het bedrijf afgesloten brandverzekering.
Ingeval gewerkt wordt met nettopremies en een additionele provisie, dan vormen de nettopremie en de separate provisie kosten voor de ondernemening en zijn als zodanig aftrekbaar.
Aftrekbare premie
Voor de inkomstenbelasting wil ik de behandeling van teruggave van provisie beperken tot de kapitaalverzekering en verzekeringen waarvoor de premie voor de inkomstenbelasting aftrekbaar is, te weten arbeidongeschiktheidsverzekeringen en lijfrenteverzekeringen.
Beginnend met de verzekeringen waarvan de premie voor de inkomstenbelasting aftrekbaar is, concludeer ik dat bij inbouw van de provisie in het verzekerd bedrag er geen fiscale consequenties voor de verzekeringnemer zijn. De premie die hij betaalt, blijft immers hetzelfde; de verzekerde prestatie voor de verzekeringnemer gaat omhoog. Indien retourprovisie ertoe leidt dat bij deze verzekering er een lagere premie wordt betaald, dan is slechts deze lagere premie aftrekbaar.
Indien eerst de normale premie wordt betaald, waarna een tussenpersoon een bedrag terugstort terzake van die verzekering, dan zou de fiscus zich op het standpunt kunnen stellen dat er sprake is van een negatieve persoonlijke verplichting, omdat een gedeelte van de premie wordt terug ontvangen. Meestal echter zal teruggave in hetzelfde jaar plaatsvinden, waardoor er in mijn optiek sprake is van een lagere aftrekbare premie.
Cadeau
Lastiger is de beoordeling van een situatie waarin wel de volledige premie wordt betaald, maar waarin een bedrag in de vorm van een cadeau wordt terug ontvangen. Naar mijn mening blijft in zo’n geval de betaalde premie volledig aftrekbaar, omdat dit nu eenmaal de kosten van een verzekering vormen voor de verzekeringnemer. Met andere woorden, het ontvangen cadeau leidt niet tot een lagere aftrekbare premie. De kans is wel groot dat de belastingdienst meent dat sprake is van een belaste uitkering uit de verzekering. De waarde van het cadeau zou daardoor alsnog in de heffing van de inkomstenbelasting worden betrokken.
Indien gewerkt wordt met nettopremies en een aparte calculatie van de provisie, dan is de nettopremie sowieso aftrekbaar als persoonlijke verplichting. Voor de provisie geldt hetzelfde, mits deze maar een onlosmakelijk deel van de premie vormt. Om die reden zou ik adviseren om de provisie niet separaat in rekening te brengen, omdat deze dan wellicht niet kan worden aangemerkt als onderdeel van de premie. Dat op de premienota de hoogte van de provisie zichtbaar wordt gemaakt, is op zich niet zo relevant voor de fiscale behandeling.
Bandbreedte
Ten aanzien van kapitaalverzekeringen – waaronder ook overlijdensrisicoverzekeringen – levert de inbouw van provisie evenals bij de lijfrenteverzekering fiscaal geen problemen op. Hooguit kan door een hoger eindkapitaal sprake zijn van een (gedeeltelijk) belaste uitkering voorzover de kapitaalvrijstelling wordt overschreden.
Ten aanzien van de verrekening van provisie waardoor een lage premie betaald wordt, zijn er twee belangrijke aandachtspunten. Ten eerste kent deze verzekering een hoger rentebestanddeel, dat alleen relevant wordt als de kapitaalvrijstelling wordt overschreden. Een ander aspect is de bandbreedte (1:10) van de premiebetaling. Proviesieteruggaaf kan leiden tot een verlaging van de lage premies in een hoog-laagconstructie.
In de situatie dat er geen sprake is van een premieverlaging, maar dat provisie wordt teruggegeven in de vorm van een storting van een bedrag op de bankrekening van de verzekeringnemer, danwel een cadeau aan de verzekeringnemer of een derde, heeft de fiscus sterke argumenten om te stellen dat er sprake is van een uitkering uit de kapitaalverzekering. Omdat de uitkering heeft plaatsgevonden voordat vijftien jaar premie is betaald, heeft dit vanzelfsprekend desastreuze gevolgen voor de inkomstenbelasting.
Bij kapitaalverzekeringen die op nettopremiebasis worden berekend met een aparte provisie, adviseer ik om provisie als onderdeel van de premie in rekening te brengen. Dit voorkomt discussies over de hoogte van het interestbestanddeel in de verzekering dat eventueel belast zou kunnen zijn en voorkomt ook de discussie over de bepaling van de bandbreedte.
sectie Pensioenen & Verzekeringen van PricewaterhouseCoopers.

Reageer op dit artikel